'Wetenschap sluit deeltijdwerkers uit'

'Er wordt niet meer gevraagd: is dit wetenschappelijk onderzoek interessant, maar: hoeveel punten levert het op. Dat is toch banaal?' Sociologe INEKE VAN DER ZANDE deed onderzoek in deeltijd....

SINDS aan de universiteiten een nieuwe zakelijkheid heerst, lijkt er voor vrouwelijke onderzoekers geen toekomst meer weggelegd. Tot die slotsom is de sociologe Ineke van der Zande gekomen na een dienstverband van ruim twintig jaar aan de Leidse universiteit. Het enige dat haar nu nog bindt aan haar werkgever is een rechtszaak. De inzet: het recht om wetenschappelijk onderzoek te verrichten in deeltijd.

De voorgeschiedenis van het geschil werd geschreven in 1995. Van der Zande zocht aansluiting bij een universitaire onderzoekschool voor pedagogen en psychologen, maar moest daarvoor ten minste vijf publicaties van een bepaalde statuur kunnen voorleggen.

'Tijdens ons kennismakingsgesprek begon de directeur van die onderzoekschool met een rode fine-liner driftig in mijn publicatielijst te krassen. Dat ging ten koste van de stukken die in de ''verkeerde'' taal, zoals Nederlands, of in de ''verkeerde'' tijdschriften waren verschenen. Dat wil zeggen: tijdschriften die ontbreken op het lijstje van periodieken die de onderzoekschool heeft gemeend als gezaghebbend te moeten aanmerken.'

Van de tientallen titels die Van der Zande had voorgelegd, bleven er uiteindelijk slechts drie over die als relevant werden aangemerkt. Twee te weinig dus. Van der Zande wierp tegen dat zij haar baan bij de sectie Jongerenstudies en Jeugdbeleid sinds 1989 had gecombineerd met het hoofdredacteurschap van het maandblad Jeugd en Samenleving, en dat zij naar rato van het aantal gewerkte uren genoeg had gepubliceerd. De directeur reageerde met de opmerking dat het verschijnsel deeltijd hem onbekend was.

Daarop begon Van der Zande een kruistocht tegen wat zij beschouwt als 'de stelselmatige uitsluiting van deeltijders'. Haar opvatting dat een publicatie-eis moet worden afgestemd op de duur van de werkweek - dat iemand die 50 procent werkt dus moet kunnen volstaan met de helft van het aantal geëiste publicaties - werd onderschreven door de Commissie Gelijke Behandeling.

De onderzoekschool houdt echter vast aan zijn autonomie bij de formulering van kwaliteitscriteria. Via de ambtenarenrechter hoopt Van der Zande alsnog haar gelijk te halen.

Met de zaak zijn volgens Van der Zande meer belangen gediend dan die van een onderzoeker die zo nodig in deeltijd wil werken. 'De grote nadruk op publicatie-eisen is kenmerkend voor het functioneren van de universiteit. Dat ze een eind heeft gemaakt aan de academische vrijblijvendheid van de jaren zeventig is een goede zaak. De universiteit heeft echter geen maat weten te houden. In de huidige onderzoekspraktijk wordt wetenschappelijke monomanie gehonoreerd, en wordt veelzijdigheid afgestraft. De vraag is niet meer: is dit onderzoek interessánt, maar: hoeveel punten levert het op. Dat is toch banaal?'

De gevolgen kunnen op termijn funest zijn voor de universiteit, meent Van der Zande. 'Ze raakt er briljante geesten door kwijt - de mensen die één keer in de tien jaar een boek publiceren dat klinkt als een klok. Die mensen produceren niet onder druk.'

Maar fnuikender is nog, aldus Van der Zande, dat het regime uitnodigt tot wetenschappelijke fraude. 'Publicaties in de juiste bladen verworden tot een doel op zich. Er zijn collega's die als tweede of derde co-auteur ''meeliften'', maar niet eens wéten waar het onderzoek over gaat. Het gebeurt. Overal. Maar ik wil er niet aan meedoen.'

Sinds 1 januari is Van der Zande - op detacheringsbasis - werkzaam bij de Hogeschool Rotterdam & Omstreken. En zij is lang niet de enige die de academische prestatieneurose is ontvlucht. Dat het vooral vrouwen zijn die er de brui aan geven, is volgens haar wel verklaarbaar.

'Vrouwen geven de strijd voor een betere positie misschien eerder op dan mannen omdat ze denken: kom nou, ik ga hier toch niet ongelukkig lopen wezen? De meesten van ons zijn moeder, en hebben een bredere focus. Zij kunnen de dingen beter in perspectief zien. Ook de vervelende dingen.'

Maar als de ambtenarenrechter haar in het gelijk stelt, zal ze toch niet aarzelen haar wetenschappelijke loopbaan te hervatten. Al was het alleen maar om de universiteit voor verdere normvervaging te behoeden.

Meer over