ANALYSE

Waarom Facebook zijn chatdiensten wil samenvoegen – en dat nog niet gebeurd is

null Beeld Studio V
Beeld Studio V

Het gaat nog niet heel hard met de plannen van Facebook om zijn chatapps aan elkaar te knopen: WhatsApp, Facebook Messenger en Direct (Instagram). Staan de toezichthouders in de weg, of speelt er meer?

Wat is er beter dan 2 miljard gebruikers voor je chatapp te hebben, 1,3 miljard voor je andere chatapp en nog eens een miljard voor je foto-app? Vier miljard gebruikers op één gezamenlijk platform. Zoiets moet Facebook-baas Mark Zuckerberg gedacht hebben toen hij twee jaar geleden plannen smeedde om WhatsApp, Facebook Messenger en Direct, de chatfunctie van Instagram, aan de achterkant samen te smelten.

Als Zuckerberg iets wil, gebeurt het meestal ook. Met de diepe zakken van Facebook kon hij Instagram (1 miljard dollar in 2012) en WhatsApp (16 miljard dollar in 2014) overnemen.

De zeldzame keer dat hij zijn zin niet krijgt, verzint hij er wel een andere manier voor. Bijvoorbeeld toen Snapchat in 2013 een overnamebod van 3 miljard dollar afwees. Zuckerberg liet Snapchats populaire stories-functie, waarbij foto’s na 24 uur verdwijnen, een op een kopiëren en in alle apps van zijn bedrijf plaatsen. De groei van Snapchat vlakte af terwijl de populariteit van Instagram mede dankzij de stories omhoog schoot.

Daarom is het gek dat twee jaar na het bekend worden van Zuckerbergs plan om de chatapps te verenigen er nog maar weinig van is terechtgekomen. Zou de hernieuwde kritiek van zowel Europese als Amerikaanse toezichthouders op de macht van het techbedrijf daar iets mee te maken hebben?

Aangeklaagd

De overnamen van Instagram en WhatsApp werden destijds niet tegengehouden door de Europese Commissie en de Amerikaanse handelscommissie FTC, maar daarvan zijn de autoriteiten teruggekomen. De FTC klaagde Facebook afgelopen december aan wegens machtsmisbruik en stelt dat Facebook op ‘systematische’ wijze concurrenten heeft uitgeschakeld met overnamen. En nieuwe Europese regels willen in één keer alle grote internetplatforms beteugelen. Beide schuwen daarbij het opknippen van techgiganten niet.

Bij de overnamen beloofde Facebook dat WhatsApp en Instagram los zouden blijven staan van het sociale netwerk. Maar in 2016 werden de gebruiksvoorwaarden van WhatsApp gewijzigd om aan de hand van iemands telefoonnummer zijn accounts op beide diensten te kunnen koppelen. De Europese Commissie beboette de techgigant daarom met 110 miljoen euro voor misleiding tijdens het overnameproces. Aan de goedkeuring veranderde dat overigens niets.

Eind vorig jaar werd bekend dat Facebook alvast 77,5 miljoen euro reserveert voor een mogelijke WhatsApp-boete: the cost of doing business. ‘Regels gelden vooraf’, zegt Inge Graef, universitair hoofddocent mededingingsrecht in Tilburg en expert op het gebied van digitale platforms. ‘Maar handhaving gebeurt pas achteraf. In de praktijk worden bedrijven pas concreet regels opgelegd als een toezichthouder ingrijpt.’

‘Je ziet dat die boetes niet voldoende zijn’, zegt PvdA-europarlementariër Paul Tang. ‘Daarom zijn de nieuwe regels een stap in de goede richting, maar dan moet je ook de handhaving goed op orde hebben.’

Als het tot een samenvoeging komt, zullen gebruikers daar toestemming voor moeten geven, zegt Graef. Daarbij moeten ze wel een echte keuze krijgen. ‘Er is steeds meer kritiek op de tactiek waarbij je alleen akkoord kunt gaan of moet stoppen met het gebruiken van de dienst.’

null Beeld Studio V
Beeld Studio V

‘Het laat zien dat de positie van de gebruiker veel sterker zou worden als chatapps meer als e-mail zouden zijn’, zegt Tang. ‘Dus als het niet uitmaakt welke app je gebruikt, en je van de ene app probleemloos een bericht naar de andere kunt sturen. Net zoals dat je van de ene provider naar de andere kunt mailen.’ Interoperabiliteit heet dat, iets wat Tang in het Europees Parlement wil aankaarten. Techbedrijven zullen dat niet snel willen, denkt Jasper Hauser. Hij werkte tot 2016 bij Facebook als product design manager. ‘Chatapps zijn een essentieel onderdeel van de huidige techbedrijven. Als je het open gooit, zou je veel te snel klanten kwijtraken.’

Aan zo’n open protocol kleven bovendien nadelen. Je kunt namelijk veel moeilijker innoveren. Zo mag een e-mailbijlage nog steeds maar maximaal 10 megabyte groot zijn – prehistorisch in techtermen. Om daar iets aan te doen, zouden alle providers en mailsoftwaremakers akkoord moeten gaan met de wijziging en die ook nog op dezelfde manier moeten implementeren: een onmogelijke opgave.

Door het gesloten model hebben chatapps de afgelopen tien jaar flink kunnen evolueren, zegt Hauser. ‘Denk aan toevoegingen zoals audio, video en stickers. En ook innovaties die de privacy verbeteren, zoals eind-tot-eindversleuteling. Maar dat zorgt er wel voor dat interoperabiliteit moeilijker is geworden.’

Er speelt ook een technisch euvel. Messenger en Instagram werken vergelijkbaar en zijn ook al mondjesmaat versmolten. Berichten staan op een centrale server: daardoor kun je op meerdere apparaten je chats openen. WhatsApp werkt totaal anders. ‘De appjes gaan van de telefoon van de verzender naar die van de ontvanger’, legt Hauser uit. ‘De servers zorgen er alleen voor dat de berichten aankomen, maar slaan niks op.’ Volgens Hauser is een samenvoeging daarom een ‘gigantisch complexe onderneming’.

Extra functies, meer geld

Waarom wil Facebook de chatdiensten eigenlijk aan elkaar knopen? Het zou de deur openen voor extra functies waarmee geld verdiend kan worden. WhatsApp bezorgt Facebook hoofdbrekens: het is verreweg de duurste overname geweest, maar de dienst levert nauwelijks een cent op. Facebook verdient zijn geld met gepersonaliseerde advertenties, en daar zijn data voor nodig. Van WhatsApp-gebruikers vallen bar weinig data te verzamelen doordat de chats versleuteld zijn – alleen de verzender en de ontvanger weten wat erin staat. Als het bedrijf WhatsApp winstgevend wil maken met advertenties, moet het dus in andere apps vergaarde data kunnen inzetten.

De andere reden is webwinkelen. Bedrijven adverteren hun producten al op Facebooks platforms. Als je straks direct vanuit een Instagram-advertentie kunt appen met een verkoper en vervolgens in de chat via een Facebook-betaalmethode afrekent, kan het bedrijf een marge op de koopsom incasseren. Zeker in India ziet Facebook daar brood in. Dat is het land met het grootste aantal WhatsApp-gebruikers en er is nog voldoende ruimte voor groei. Sinds kort kunnen Indiërs betalen met WhatsApp Pay en er is een samenwerking met onlinesupermarkt JioMart om die webwinkel in WhatsApp te integreren.

Een andere, meer machiavellistische, motivatie zingt ook rond: eenmaal aaneen geklonken is het veel moeilijker om Facebook weer op te splitsen. ‘Het is dan aan de beleidsmakers hoe ze daar tegenaan kijken’, zegt jurist Graef. ‘Ik denk dat zulke argumenten uiteindelijk geen stand houden.’ Europarlementariër Tang zegt dat die gedachte vaker wordt geuit. ‘Van eieren kun je wel een omelet maken, maar van een omelet geen eieren meer.’

Een open alternatief

Telecomproviders knepen ’m toen de halve wereld chatapps downloadde: ze zagen hun lucratieve verkoop van sms-bundels verdampen. Al in 2008 begonnen ze te werken aan een antwoord. Rich Communication Services (RCS) laat gebruikers video’s sturen, locaties delen en praten met chatbots. Een open alternatief voor Messenger en WhatsApp, dus. Een nadeel is er ook: iPhones ondersteunen het niet, en pas afgelopen oktober activeerde Vodafone het als eerste Nederlandse provider.

Meer over