vijf boostervragen

Waarom boosteren? ‘Omikron is nu gewoon de baas’

Om de naderende omikrongolf te beteugelen moeten we ‘boosteren, boosteren, boosteren’, aldus RIVM-directeur Jaap van Dissel. Maar waarom bijprikken als die vaccins matig bescherming bieden tegen de nieuwe variant? En waarom dan nog kinderen vaccineren?

Maarten Keulemans
De GGD-boosterpriklocatie in Amersfoort.  Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant
De GGD-boosterpriklocatie in Amersfoort.Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Dus: de vaccins beschermen niet?

‘Samenvatting Van Dissel: vaccins bieden 0,0 bescherming tegen omikron’, zo meldde publicist Marianne Zwagerman woensdag aan haar 80 duizend volgers op Twitter. Kort daarvoor had RIVM-hoofdwetenschapper Jaap van Dissel in de Tweede Kamer cijfers getoond, waaruit blijkt dat wie twee keer is ingeënt met Astrazeneca geen bescherming meer geniet tegen besmetting met de omikronvariant.

Alleen: de samenvatting van Zwagerman klopt niet. ‘Het is niet zo dat als je een infectie krijgt, je hetzelfde reageert als iemand die nooit een vaccin heeft gehad’, zegt OMT-lid en hoogleraar virologie Marion Koopmans (Erasmus MC). ‘Je bent wel degelijk geprimed. Je hebt geheugenimmuniteit opgedaan. Dat zal, als je eenmaal bent geïnfecteerd, een snelle stijging van de juiste antistoffen geven, veel sneller dan bij ongevaccineerden.’

Wat het tegen omikron aflegt, zijn de antistoffen in het bloed: de voorhoede van ‘vorkjes’ die virussen wegprikken voordat ze cellen kunnen infecteren. Omikron is zodanig van vorm veranderd dat de vorkjes hem niet meer goed herkennen. ‘Het is dus lastiger om de besmetting tegen te houden’, zegt hoogleraar vaccinologie Cécile van Els (RIVM, Universiteit Utrecht). ‘Maar is het virus je cellen eenmaal binnen, dan heb je nog een heel apparaat van verdediging.’

Dan komen immers de ‘T-cellen’ in actie, die besmette cellen wegruimen en die gespecialiseerde geheugencellen opporren om antistoffen te maken. ‘Zo worden je antistoffen weer opgetopt’, zegt Van Els.

Wie is ingeënt, is dus nog wel beschermd tegen ernstige ziekte, zo is in elk geval de verwachting, maar minder tegen ‘lichte’ corona – het soort waarvan je wat keelpijn krijgt of een paar dagen rillerig en met hoofdpijn onder de dekens duikt.

Ik ben ingeënt met Pfizer. Ben ik dan beter beschermd?

Niet echt. Ook wie tweemaal is gevaccineerd met het vaccin van Pfizer is ‘nauwelijks’ meer beschermd tegen de omikronvariant, zo schrijven Belgische en Franse onderzoekers in een recent verschenen studie.

Alleen moet je zulke resultaten wel een beetje door je ooghaartjes zien, zegt Koopmans. Elk lab heeft immers zijn eigen onderzoeksmethode, en daardoor zijn de resultaten van verschillende onderzoeken niet te vergelijken. ‘Het is geen simpel ‘dit vaccin is beter dan dat vaccin’-verhaal’, benadrukt Koopmans, die werkt aan een betere internationale afstemming.

Niettemin wijzen alle onderzoeken ongeveer dezelfde kant op: een forse afname van de bescherming tegen (lichte) omikroninfectie, tot een procent of 25 à 30. Dat geldt trouwens ook voor wie een natuurlijke infectie heeft doorgemaakt. Uit de cijfers blijkt zonneklaar dat ook wie is hersteld van ‘gewone’ corona, na ongeveer een halfjaar de omikronvariant niet goed meer afweert.

Als die vaccins matig werken, waarom dan boosteren? Of er nog kinderen mee inenten, nu omikron nadert?

Er is nog iets waarover onderzoeken unaniem zijn: met een extra prik gaat het aantal antistoffen in het bloed tóch weer omhoog. En ook al passen die antistoffen minder goed op de omikronvariant, ‘je compenseert wat van die slechtere werking door heel veel antistoffen ertegenaan gooien’, zegt Van Els. ‘En dat is precies wat zo’n booster doet.’

Datzelfde geldt voor mensen die nog helemaal niet zijn gevaccineerd, of kinderen die nu een vaccinatie kunnen halen. Maak niet de denkfout dat zoiets toch geen zin heeft, waarschuwt Van Els. ‘Het is nog steeds een dijk van immuniteit die je aanlegt en die kan maar beter zo hoog mogelijk zijn.’

Bovendien groeit ook de ‘diepere’ immuniteit, tegen escalatie van de ziekte – en die naar alle waarschijnlijkheid ook tegen andere varianten beschermt.

Kan ik niet beter gewoon de omikronvariant krijgen? Als gevaccineerde ben ik toch goed beschermd tegen ernstige ziekte?

Immunologen zeggen het liever niet hardop, maar vanuit biologisch opzicht zit daar iets in. Besmet raken met het virus is immers net zoiets als een boosterprik krijgen. Vandaar ook dat mensen die korter dan drie maanden geleden positief testten op corona, nog niet in aanmerking komen voor een boosterprik. ‘Theoretisch heeft de infectie als een soort booster gewerkt. Dat zou een geruststelling moeten zijn’, zegt Van Els.

Laat maar komen dus, dat virus? Nou, nee. Afgezien van dat onzeker is hoe een infectie verloopt, is er nog iets: je kunt anderen besmetten. ‘Als je dat met een boosterprik weet te voorkomen, zal dat de transmissie toch wel even een klap geven’, zegt Van Els.

Kan ik niet beter wachten tot er een ‘omikronbooster’ komt?

Diverse farmaceuten zinspeelden er al op: misschien wordt het tijd voor een speciale ‘omikronbooster’. Afgelopen jaar draaiden diverse fabrikanten alvast proef met zulke gespecialiseerde variantprikken, puur om ervaring op te doen. Zo’n drie maanden zouden nodig zijn om een eventuele op omikron toegesneden booster op de markt te krijgen.

Goed dus om even stil te staan bij de vraag of boosters echt wel zo nodig zijn, denkt hoogleraar immunologie Debbie van Baarle (UMCG). ‘Drie tot zes maanden ertussen kan best, maar je moet ze ook weer niet te snel achter elkaar geven. Dat kan ertoe leiden dat je T-cellen een beetje lamgeslagen raken. Het aantal antistoffen zie je dan doorstijgen, maar je hoeveelheid actieve T-cellen wordt mogelijk lager.’

Maar Van Els ziet een goede reden om toch te boosteren: ‘Omikron is nu gewoon de baas. We moeten proberen de winter door te komen. Als we het nu niet doen met de vaccins die we al hebben, riskeren we grote problemen vanaf januari.’

Bovendien is het nog de vraag of een gespecialiseerde ‘variantenbooster’ straks echt wel zo goed werkt, denkt Van Els. ‘In theorie verbreed je je immuniteit. Maar in praktijk komt er best wat bij kijken om weer nieuwe specificiteit op te bouwen, voor een nieuwe variant.’