Taalfouten blijken een taai ongerief

Onlangs bleek uit een onderzoek van Bureau NFO Trendbox dat het Nederlands wordt aangevreten door 'taalverloedering'. Toch is 80 procent van de bevolking ervan overtuigd onze taal in woord en geschrift goed te beheersen....

Mij past dus beslist bescheidenheid, als ik in deze column schrijf over de, zoals een adjunct-hoofdredacteur het verwoordt, 'wolkenkrabber aan abuisjes' in de Volkskrant. Die term 'abuisjes' slaat overigens zeker niet op het gelijknamige rubriekje 'Abuis' in de krant. Want met de gebruikelijke omvang van 'Abuis' bereik je in geen eeuwen de hoogte van een wolkenkrabber. In 2003 waren het er tot nu toe slechts 79.

Vergeleken met het aantal reacties van lezers naar aanleiding van taalfouten en andere blunders in de Volkskrant zou die rubriek aanzienlijk omvangrijker kunnen zijn. Maar het is de vraag of de krant dat moet doen. Het is, geloof ik, veel belangrijker dat alleen die artikelen worden gecorrigeerd, waarin onjuiste informatie wordt verstrekt.

Niet alle fouten in dat genre blijkt de krant te herstellen. Zo meldde een lezer dat hij in het Economiekatern van 11 november drie fouten had gezien: in een grafiek bij een verhaal over Europese infrastructurele projecten werden Roemenië en Bulgarije ten onrechte genoemd als landen die per 1 mei 2004 lid worden van de EU. En in een reportage over Zuid-Afrikaanse investeringen in Tanzania werd gesproken over de Tanzaniaanse hoofdstad Dar es Salaam. 'Dit moet Dodoma zijn', aldus de lezer, aan wie verder was opgevallen dat winkelketen C1000 per abuis C100 werd genoemd. In de rubriek 'Abuis' zijn die fouten niet hersteld.

Maar een slordig gebruik van de taal kan óók funest zijn. Want het zal ons niet verbazen, als de lezers zich afvragen of journalisten die onzorgvuldig omspringen met de taal, niet even onzorgvuldig zijn als het om nieuwsfeiten gaat. De lezers overstelpen de ombudsman met vele bewijzen van slecht of onjuist taalgebruik in de Volkskrant. De jongste klacht dateert van 20 november. Ze gaat over een foto-onderschrift, waarin 'de uitbraak van varkenspest' wordt gemeld. Een epidemie kan inderdaad uitbreken. Maar 'uitbraak' reserveert Van Dale voor een ontsnapping uit een gevangenis.

Een andere lezer heeft zich de moeite getroost om me zeven velletjes te sturen met voorbeelden van foutief en slecht taalgebruik. Soms zijn de fouten vermakelijk. Bijvoorbeeld de kop 'Gearresteerde Nederlanders op vakantie in Joegoslavië'. Een andere kop: '90 Boeren doeken wekelijks hun bedrijf op'. Voorts: 'Jongens stotteren meer dan meisjes', waarmee bedoeld wordt dat er meer jongens zijn die stotteren dan meisjes.

Lezer J. van Dalen gaat 'er niet voor zitten' om fouten in de Volkskrant te zoeken. 'Ik wil gewoon de krant lezen en dan niet steeds over moordpogingen op mijn moedertaal struikelen', schrijft hij. Voor de nieuwskaternen met hun 'snelle stukjes' is hij mild. Maar katernen als Wetenschap en Gezond spaart hij niet. Bij een zin (in Gezond) als 'Maar het leven zelf knaagt aan de vermogen om te onthouden', twijfelt hij aan het opleidingsniveau van de auteur. Ook bij de tekst (in Wetenschap) dat een hoogleraar 'uitvaarde' naar een bestuursvoorzitter, kwam diezelfde twijfel boven, want was hier niet 'uitvoer' bedoeld? Van Dalen hekelt voorts 'een fout van lagere-schoolniveau': 'De eurocent en de munt van twee eurocent lijken geen lang leven beschoren' schreef de Volkskrant. Maar het onderwerp - geen lang leven - is enkelvoud. Er had dus 'lijkt' moeten staan.

Jan van Bergen Henegouwen, oud-journalist van Het Vrije Volk, vindt de Volkskrant wat de taal betreft 'altijd ouderwets rooms gebleven of weer geworden'. De krant, schreef hij me, 'wijst voortdurend op haar stijlcatechismus (het Stijlboek' JK) om aan te geven dat ze heel goed weet hoe het hoort, en staat haar scribenten vervolgens oogluikend toe alles te negeren wat dat boek op taalgebied voorschrijft.' Het lijkt er vaak op.

Meer over