reportage

Robothond Spot doet niet alleen dansjes. Hij kan ook bruggen inspecteren

Robothond Spot, bekend van populaire filmpjes, beweegt zo natuurlijk dat mensen het schattig vinden – of doodeng. Is het apparaat ook op andere manieren inzetbaar? En waarom zou je een machine laten lijken op de natuur?

Pieter Sabel
Robothond Spot bij de Erasmusbrug in Rotterdam. Beeld Hilde Harshagen
Robothond Spot bij de Erasmusbrug in Rotterdam.Beeld Hilde Harshagen

Dit is een verhaal over Spot, een robothond die eruitziet alsof hij ons is toegezonden vanuit een toekomst vol zwevende auto’s en neonlicht zo ver je kunt kijken.

Spot is een behoorlijke bekendheid, zeker voor een machine. En Spot staat hier in levenden lijve – of eigenlijk niet dus, het is een apparaat – op een winderige novembermiddag op de keien van de Holland Amerikakade in Rotterdam bewegingen te maken alsof hij kopjes wil geven.

Zijn beroemdheid dankt Spot aan internet, omdat het apparaat iets kan dat lijkt op dansen. Mensen sturen filmpjes van die choreografieën gretig aan elkaar door. Moet je nou eens zien. Vijf Spots bewegen synchroon op de muziek van de hyperpopulaire Zuid-Koreaanse popgroep BTS:

Kijk, een clip waarin Spot Mick Jagger nadoet in de clip van Start Me Up van The Rolling Stones, uit begin jaren tachtig. Uiteraard ontbreekt Spot niet in een heuse robotensembledans – lijkt ook al opgenomen in de toekomst:

En dan zijn er de filmpjes waarin Spot, hoe noem je dat, aan het werk is. Traploopt. Zich schrap zet als iemand tegen hem aan trapt. De weg zoekt:

De video’s hebben iets bevreemdends: de manier waarop de robot beweegt lijkt ontzettend op de manier waarop echte dieren bewegen. Je hebt het idee dat er een poot wordt opgetrokken door een bundel spieren, niet door kunststof, metaal en elektriciteit.

Meer dan een speeltje

Sinds begin dit jaar is het apparaat te koop vanaf omgerekend bijna 66 duizend euro. In Nederland zijn er voor zover bekend drie in gebruik. Een bij de politie, die hem al eens inzette om een verlaten drugslab te inspecteren op gevaarlijke stoffen. Eind november lieten studenten van de TU Delft er een door station Rotterdam Centraal lopen. En ingenieurs- en adviesbureau Antea Group heeft een Spot, met een hondenhok als opslag. Volgens Boston Dynamics, de Amerikaanse bouwer van Spot en de afzender van al die dansfilmpjes, zetten bedrijven de robot in op honderden plekken in de wereld.

Dat lijkt erop te wijzen dat Spot meer is dan een oplossing op zoek naar een probleem. Meer dan een acteur in dansfilmpjes waarmee de bouwer van Spot kan laten zien hoe goed hij de natuur mechanisch kan imiteren. Hoe goed is hij inzetbaar? Wat heeft het baasje van een robothond aan Spot?

Dat kunnen ze beantwoorden bij Antea Group. Ze hebben hun exemplaar op een woensdagmiddag in november laten afdalen naar de basculekelder van de Erasmusbrug in Rotterdam. Een ruimte als een concerthal van dik beton en plassen water, smalle ijzeren trappen en overal leidingen en meters. Het gebulder van de overrijdende trams stopt alleen als het contragewicht, de zwaarste bascule van West-Europa, onder het waterniveau van de Maas zeurend tegen de tuien kiept, zodat de brug opengaat. In die kelder zegt Dennis Jansen, manager bij het ingenieursbureau, met een knikje naar ‘het beest’, zoals hij zijn blauwgespoten Spot noemt: ‘Dit is een volwaardige digitale werknemer.’

Via een tablet kan de begeleider Spot besturen. Beeld Hilde Harshagen
Via een tablet kan de begeleider Spot besturen.Beeld Hilde Harshagen

Gevaarlijke klussen

Een werknemer die komt waar geen mens komt, maar ook een die niet alles kan – daarover straks meer. Spot is een instrument, zegt Jansen, en voor een bedrijf als het zijne mogelijk een handig instrument. Want het werk dat de ingenieurs van Antea Group doen – inspectie van cruciale delen van onze infrastructuur zoals bruggen – is niet zonder gevaar. Het gezelschap moet verklaren akkoord te gaan met de risico’s die afdalen in de Erasmusbrug met zich meebrengen: alles is hard, overal zijn randen om over te struikelen of gladde stukken om op uit te glijden. Plekken waar mensen zich bezeren, en robothonden niet.

En dan is de relatief nieuwe Erasmusbrug nog goed begaanbaar voor mensen. De verderop gelegen Willemsbrug is van begin jaren tachtig. Wil je de binnenzijde van de hoofdliggers inspecteren, dan moet je door een smal luik een ruimte binnen van 1,60 meter hoog. Daar stuur je liever een hondachtig apparaat naar binnen dan een mens met gasmeters, terwijl er een collega buiten staat voor als er iets misgaat. Als daarbinnen iets gebeurt, ben je er niet zomaar uit.

Gevaar is vaker het argument om een apparaat in te zetten, in plaats van een mens. General Electric kondigde in 2018 een robotslang aan voor inspectie van tanks voor de opslag van chemische stoffen. Rolls-Royce droomt van zwermen kleine insectachtige robots om motoren van binnen te kunnen zien. Vooralsnog bleef het bij prototypen.

Spot niet, Spot staat hier. Eenmaal in de basculekelder toont Vincent Bronder, die vandaag namens Antea Group mee is als begeleider van de robothond, hoe hij het apparaat, met hulp van de camera in de ‘kop’ van Spot, een smalle ruimte achter de kelderwand binnen laat gaan, en weer naar buiten. Bij wijze van demonstratie – met de Erasmusbrug is alles in orde. Bronder kijkt mee via de bediening van het apparaat, een bescheiden tablet met links en rechts joysticks voor duimen en wat knoppen. Het lijkt op een fors uitgevallen controller van een spelcomputer en draait op een versie van het Android-besturingssysteem van Google.

Spot komt ongeveer tot je knieën. Bij elke pootbeweging maken zijn scharnieren mechanische geluiden, die in de clips op internet zijn weggedraaid. Het apparaat kan 14 kilo aan apparatuur dragen. Via de controller draait Spot op zijn poten alle kanten op die je wilt.

Naar de natuur

Poten ja, waarom heeft Spot eigenlijk poten? Je ontwerpt een apparaat dat mensen kan bijstaan, en je grijpt terug op de natuur? Als de mensheid haar hele bestaan naar de natuur was blijven kijken om zich voort te bewegen, hadden we het vliegtuig niet uitgevonden. Het wiel waarschijnlijk ook niet.

Poten en benen zijn geweldige bedenksels van de natuur, zegt Pim Haselager. Hij is hoogleraar maatschappelijke implicaties van kunstmatige intelligentie aan de Radboud Universiteit. Benen kunnen vooruitkomen op verschillende soorten ondergronden, van zand tot ijs en alles wat daartussen zit. Ze lopen, net als de poten van Spot, over keien, over heuvels, ze beklimmen hellingen en trappen.

‘De biomechanica van benen hebben ze bij Boston Dynamics goed nagemaakt: in benen zitten een soort springveren die doorveren en weer omhoogkomen. Dan lijkt het automatisch op een dier’, zegt Haselager.

Ook Lambèr Royakkers, die als hoogleraar ethiek en techniek veel onderzoek doet naar robotica aan de TU Eindhoven, vindt dat de bouwer van Spot iets bijzonders heeft gedaan met het lopen. Ze hebben het evenwichtsprobleem opgelost, legt hij uit. Je kunt Spot rustig een duw geven zonder dat het apparaat omvalt. Spot ‘ziet’ hoe hij moet lopen over oneffen terrein. Atlas, een op een mens lijkende robot van dezelfde bouwer, kan koppeltje duikelen en over objecten heen springen. ‘Ze zijn goed in balans. Dat is razend knap.’

Er is nog een reden om robots te maken die op mensen en dieren lijken: onze wereld is erop ingericht. Je komt al snel uit bij vier poten, zegt Pim Haselager. Dat is stabieler dan twee of drie. Een camera of sensoren in de looprichting zijn ook handig, zodat je kunt anticiperen op de volgende stappen. En het formaat van een hond of een mens is best ideaal in een wereld die is ontworpen op de menselijke maat. Waarvan de trappen en hellingen zo steil zijn dat mensen en dieren eroverheen kunnen wandelen. Het klopt dat we misschien het wiel niet hadden bedacht als we alleen naar de natuur hadden gekeken voor onze voortbeweging. Maar wielen rijden niet goed over drempels of trappen, terwijl poten daar goed mee overweg kunnen.

Spot voert een inspectie uit in de Erasmusbrug in Rotterdam. Beeld Hilde Harshagen
Spot voert een inspectie uit in de Erasmusbrug in Rotterdam.Beeld Hilde Harshagen

Meer mogelijkheden

Dennis Jansen van Antea Group denkt dat Spot de mens goed kan bijstaan. De machine wordt al ingezet bij inspecties en het ingenieursbureau experimenteert nog met verdere mogelijkheden.

Spot maakt van afstand haarscherpe foto’s, goed genoeg om te zien of er een onschuldige krimpscheur in het beton loopt, of iets ernstigers. Jansen ziet voor zich dat Spot wordt uitgerust met een thermische camera, of een ultrasone meter waarmee je opspoort of beton aan het loslaten is op plekken die voor mensen onbegaanbaar of gevaarlijk zijn. Met Spot maakte Antea Group al eens een 3D-scan van een ruimte met een Lidar-scanner. Een computer kan de beelden dan analyseren en alvast suggereren welke bouten en moeren aan vervanging toe zijn. Jansen: ‘Een inspectie verloopt volgens een patroon. Dat patroon kun je uitzetten met QR-achtige codes die je door Spot laat scannen, zodat hij zelfstandig weet waar hij moet zijn.’

Mensen beoordelen die beelden vervolgens; de mens is nooit ver uit de buurt van deze robothond. Want, benadrukken de ingenieurs: het is een instrument. Spot kan vrijwel niets zelf. Spot, kun je zeggen, is een 35 kilogram zware camera op vier poten van minstens zo’n 66 duizend euro met een accu die anderhalf uur meegaat. Al die dansjes uit die veelbekeken video’s zijn van tevoren geprogrammeerd door een mens. Zonder een mens met een controller ligt Spot voor zich uit te staren in het grijze niets. Spot is zich niet bewust van zichzelf en is niet verbonden met het internet. Spot is een lopende drone.

Hoe Boston Dynamics bewegingen van de natuur mechanisch heeft gemaakt, is niet precies bekend. Het bedrijf, dat ontstaan is op het beroemde Massachusetts Institute of Technology (MIT) in de Verenigde Staten, laat behalve een gestage stroom video’s weinig los. Op verzoeken om contact reageert Boston Dynamics niet. Sinds de oprichting in 1992 is het bedrijf drie keer verkocht: eerst aan Google in 2013, daarna aan het Japanse SoftBank Group en eind vorig jaar aan Hyundai. De van oorsprong Zuid-Koreaanse autobouwer had 880 miljoen euro over voor 80 procent van de aandelen. Het werd gevierd met een filmpje van Spot en een kinderversie van een Hyundai-auto, gevolgd door een persbericht dat Spot veiligheidsinspecties gaat doen in een van de Hyundai-fabrieken.

Robothond Spot. Beeld Hilde Harshagen
Robothond Spot.Beeld Hilde Harshagen

Niet aaien

De machine kan zo’n inspectie min of meer zelfstandig doen. Via de camera ‘leert’ Spot een route die hij vervolgens kan nalopen op de automatische piloot. Sensoren en camera’s registreren of er iets niet in orde is. En Spot ‘let op’. Ook onder de Erasmusbrug zie je dat: het apparaat loopt niet zomaar tegen een muur op. De aanwezigen worden gewaarschuwd niet te dicht in de buurt van Spot te komen. Hij zou weleens onvoorspelbare bewegingen kunnen maken om te voorkomen dat hij met een mens in aanraking komt.

Spot is er ook niet voor interactie met mensen, zegt hoogleraar Royakkers, ‘je kunt hem niet aaien’. Komt er een vinger tussen de scharnieren van een van de poten, dan ben je die kwijt. Nu willen mensen die Spot zien hem doorgaans ook helemaal niet aaien. In Singapore joeg een Spot mensen de stuipen op het lijf toen hij werd ingezet om op te roepen voldoende afstand te houden, en dat is een reactie die het apparaat vaker oproept. De Nederlandse politie benadrukt in een video dat ze Spot nooit inzet bij aanhoudingen of bij het uitoefenen van geweld. Dat deed de politie in New York juist wel: Spot werd als eerste een huis ingestuurd waar zich verdachten hadden verschanst. De hond werd daarmee een symbool van de ontmenselijking van de politie: eerst naar een apparaat (of wapen) grijpen in plaats van zelf contact te zoeken.

Dat mensen Spot eng vinden, zit hem juist ook in de bijna organische manier waarop hij beweegt, in dat levensechte. Je ziet het bij omstanders gebeuren als Vincent Bronder hem tot leven wekt om te poseren voor de foto’s bij dit verhaal. Het zou hoogleraar Pim Haselager dan ook niet verbazen als Boston Dynamics met zijn populaire dansfilmpjes expres de grenzen verkent en een machine laat bewegen als een dier. Om juist de ‘uncanny valley’ op te zoeken. Zo heet het psychologische effect dat we natuurgetrouwe robots griezelig lijken te vinden, en een klunzige robotstofzuiger die ergens tegenop rijdt juist schattig, of zielig.

Het punt is dat mensen aan Spot niet zien wat hij allemaal kan of mag, zegt Royakkers. En het is niet moeilijk om het apparaat uit te rusten met wapens – iemand plaatste al eens een wapen op Spot bij wijze van kunstproject, om ons te waarschuwen. Een aflevering van de dystopische Netflix-serie Black Mirror heeft een moordlustige robothond in de hoofdrol. ‘Dat robots smerige, gevaarlijke en saaie taken voor ons doen, daar heeft niemand een probleem mee. Maar hoever willen we gaan met het robotiseren van politietaken? Met drones doodt het leger al op afstand. Hoe laag zou de drempel worden voor een agent om te schieten als die dat via een apparaat op een schermpje doet?’

Binnen de politie zal zoiets niet snel gebeuren, verwacht Royakkers. ‘Er moet geen robothond tussen een agent en de burger komen te staan. Dat komt niet ten goede aan de dienstbaarheid van de politie. Spot zou je alleen moeten inzetten in afgezette, veilige ruimtes.’

Ruimtes waar, bij wijze van spreken, geen hond is.

Meer over