Klopt dit wel?Zorgvraag

‘Over 10 jaar moet een kwart van de Nederlanders in de zorg werken’

Berichten verspreiden zich razendsnel, of ze nu kloppen of niet. Wij proberen de zin van de onzin te scheiden. Vandaag: over tien jaar moet 1 op de 4 Nederlanders in zorg werken.

Mevrouw de Rijke heeft alzheimer. Haar thuishulp medewerkster Jacquie Grevelinkmaakt een praatje met haar voor ze gaat verhuizen naar een verzorgingstehuis. Beeld Hollandse Hoogte / Hans van Rhoon
Mevrouw de Rijke heeft alzheimer. Haar thuishulp medewerkster Jacquie Grevelinkmaakt een praatje met haar voor ze gaat verhuizen naar een verzorgingstehuis.Beeld Hollandse Hoogte / Hans van Rhoon

De vergrijzing drukt op ons zorgsysteem: als we op dezelfde voet doorgaan, moet over tien jaar een kwart van de Nederlanders in de zorg gaan werken. Het is te lezen in een interview in Trouw met Wouter Bos, voorzitter van de commissie Toekomst Zorg Thuiswonende ouderen. Volgens Bos kan aan die zorgvraag alleen worden voldaan als ouderen vaker hun eigen middelen en netwerken inzetten dan nu het geval is.

Klopt het?

Een toekomstvoorspelling is nooit echt te factchecken, maar we kunnen wel kijken hoe aannemelijk die is. Nico de Neeling, secretaris van de commissie, mailt dat Bos niet 2030, maar 2040 bedoelde. Hij verwijst naar een rapport van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, waarin staat dat momenteel 1 op de 7 mensen op de zorg werkt. Dat klopt met de getallen van het Centraal Bureau voor de Statistiek. In het rapport staat ook dat dit over twintig jaar 1 op de 4 zal zijn, maar een onderbouwing ontbreekt. Kijken we naar een toekomstverkenning van het RIVM uit 2018, dan lijkt die voorspelling niet zo vergezocht. Tegen 2040 telt Nederland 4,8 miljoen 65-plussers, 1,7 miljoen meer dan in 2015. De levensverwachting stijgt naar verwachting van 81,5 jaar naar bijna 86 jaar en het aantal mensen met meerdere chronische aandoeningen groeit daardoor fors. Al met al verwacht het RIVM een verdubbeling van veel gezondheidsproblemen, zoals dementie, artrose en incontinentie.

Natuurlijk komen bij die voorspelling onzekerheden kijken, zegt onderzoeker Henk Hilderink van het RIVM. ‘We kijken bijvoorbeeld naar de risicofactoren van chronische aandoeningen in de afgelopen 25 jaar. Bij roken zien we een positieve ontwikkeling, maar bij overgewicht weer minder. Het is heel lastig te duiden welke effecten dit zal hebben.’

Verder is bekend dat ouderen steeds vitaler, hoger opgeleid en waarschijnlijk kapitaalkrachtiger zijn. Het zou kunnen dat dit de zorgbehoefte wat dempt. Ook wijst Hilderink op technologische ontwikkelingen in de zorgsector, die verzorgenden wellicht werk uit handen nemen.

Richard Janssen, bijzonder Hoogleraar Bestuur en Management van Instellingen in de Gezondheidszorg aan de Erasmus Universiteit, vindt dat Bos een wat overdreven doembeeld schetst. ‘Andere sectoren, zoals de bouw, hebben allang een tekort aan Nederlandse arbeidskrachten, maar compenseren dat met buitenlandse werkkrachten. Het is een beetje vreemd om te doen alsof die internationale dynamiek hier niet opgaat.’ Ook wijst hij op de samenstelling van de groep ouderen, van wie de hogeropgeleiden gemiddeld langer gezond blijven, meer financiële middelen hebben en ook betere sociale netwerken om zichzelf te redden. Het rapport van de commissie besteedt daar volgens Janssen te weinig aandacht aan.

Eindoordeel

Niet over tien, maar over twintig jaar zal de zorgvraag wellicht verdubbeld zijn. Technologische ontwikkelingen en buitenlandse arbeidskrachten zullen de zorgdruk vermoedelijk verlichten, waardoor minder dan een kwart van de Nederlanders in de zorg hoeft te werken.

Meer over