Olifanten aan de pil, dat is leuker voor de toeristen

Het toeristische Kruger Park in Zuid-Afrika dreigt in een kale steppe te veranderen. Olifanten trekken de karakteristieke baobab omver, vreten grasvlakten kaal en drinken zoveel water, dat de voorraad op raakt....

Na vijf jaar van heftige controverses heeft de regering in Zuid-Afrika afgelopen maandag besloten het afschieten van olifanten toe te staan. Vooral in het toeristische Kruger Wild Park is de populatie olifanten in tien jaar zo gegroeid dat het park in een kale steppe dreigt te veranderen.

De karakteristieke baobab wordt omver getrokken, grasvlakten worden kaalgevreten en het water raakt op. In tien jaar is in het Kruger Park het aantal olifanten verdubbeld tot ruim 17 duizend exemplaren op een totaal van 20 duizend in heel Zuid-Afrika.

Het olifantenprobleem is deels veroorzaakt door de parkbeheerders, die waterputten sloegen op plaatsen die ook aantrekkelijk zijn voor toeristen. ‘Bij de avondschemering kwamen de olifantenkuddes eten en drinken bij de groene waterbronnen en konden toeristen in alle rust de foeragerende dieren gadeslaan’, zegt emeritus hoogleraar Ben Colenbrander van de Universiteit Utrecht, die in Zuid-Afrika onderzoek deed naar het toedienen van anticonceptie om een uitbundige groei van olifantenkuddes af te remmen.

Zijn onderzoek, dat tegenwoordig wordt gecoördineerd door dr. Tom Stout van Diergeneeskunde in Utrecht, is weer actueel geworden. De Zuid-Afrikaanse regering heeft namelijk beslist dat de olifanten niet zonder meer mogen worden afgeschoten. Eerst moet blijken of het gedwongen verplaatsen van kuddes en anticonceptie uitkomst kunnen bieden.

Over verplaatsing van kuddes zijn de deskundigen snel uitgepraat. Er is al een hek van 40 kilometer verwijderd tussen Kruger Park en het aangrenzende Great Limpopo Transfrontier Park in Zimbabwe, zodat de olifanten een ruimer gebied kregen. De meeste dieren keerden snel terug.

Colenbrander herinnert zich een goedbedoeld experiment waarbij tien jonge olifantstieren naar een reservaat met neushoorns werden gebracht. Eenmaal volwassen gingen de olifanten op zoek naar vrouwelijke exemplaren. Toen ze die niet vonden, vergrepen ze zich aan de beschermde rhino’s, die de een na de ander dood werden aangetroffen.

Verplaatsing van kuddes is kostbaar en moeilijk uitvoerbaar, temeer omdat de andere wildparken in Zuid-Afrika ook vol zitten, zegt Colenbrander.

De Utrechtse veterinairen, die met Diergeneeskunde van de Universiteit van Pretoria samenwerken hebben veelbelovende ervaringen opgedaan met anticonceptie in de kleinere reservaten.

Een kleine populatie valt te reguleren met de pil. Een kudde van twintig olifanten hoeft niet tot zestig of zeventig dieren uit te groeien.

Zo is in het Makalali-reservaat gebleken dat het vaccin met vruchtbaarheidsremmende stoffen goed werkt, zegt Stout. Het elk jaar toedienen van het vaccin – goed gemikt vanuit een helikopter – is effectief. De ervaring leert dat dieren met de basisvaccinatie ongeveer een jaar onvruchtbaar blijven en daarna weer drachtig kunnen worden.

Een nadeel van de huidige vaccins is dat dieren in het begin herhaaldelijk ingespoten moeten worden. Er wordt nu gewerkt aan een drieledig vaccin dat geleidelijk zijn werkzame stoffen prijsgeeft. Het bestaat uit een vloeibare dosis en twee gelcapsules, die langzaam oplossen met het lichaamsvocht. De vloeistof werkt meteen, de eerste capsule in de loop van de maand en de tweede na twee tot drie maanden. Het is mogelijk dit volledige pakket per pijl toe te dienen.

Zouden deze single shot vaccins ook toegepast kunnen worden op de kuddes in Kruger Park? Stout begint te rekenen. Van de zeventienduizend dieren in dit wildpark zijn er ruwweg achtduizend vruchtbare vrouwelijke olifanten. Daarvan zou je 75 procent met het vaccin moeten bewerken om de groei van de populatie af te remmen. Dat betekent zesduizend dieren inspuiten vanuit een helikopter. ‘Olifanten zijn bang voor vaklui die met allerlei pijlen op hen staan te schieten, en voor de toeristenindustrie is dat niet handig’, zegt Stout. ‘Het punt is dat de olifanten vriendelijk tegenover de toeristen moeten blijven, want in het Kruger Park is het allemaal om hun inkomsten begonnen.’

Mochten de anticonceptiva niet goed werken, dan kan in het Kruger Park tot de laatste maatregel worden overgegaan: afschieten vanuit een helikopter. Dat is geen sinecure. De kudde moet in open veld verkeren en niet een nabijgelegen bos in kunnen vluchten. Er moeten afvoerwegen zijn.

De afgeschoten olifanten worden ter plekke geslacht om het vlees te kunnen afvoeren. Darmen en bloed eruit, zodat het vlees niet bederft. En niet zielig doen over een kalf en dat dan maar sparen. Zo’n wees leert geen familiegedrag en gaat zich later anders reuze misdragen, weet Stout.

Niemand houdt van afschot, maar soms is het een onontkoombaar middel. Wellicht zet Zuid-Afrika hiermee de toon voor Botswana, waar nog meer olifanten rondlopen, die het ook nog eens op de oogsten van boeren hebben voorzien.

Tenslotte willen toeristen te midden van olifanten in een rijk geschakeerde natuur vertoeven waar vegetatie, planteneters, vogels en insecten ieder hun rol spelen. Als de baobab dood is, verdwijnt al het leven dat van die boom afhankelijk is. En dat is wel het laatste dat toeristen willen. Zij willen niet in een verarmd ecosysteem naar olifanten turen. Al is het avondlicht nog zo mooi.

Uit het katern Kennis van 1 februari 2008

Afrikaanse olifanten. Beeld
Afrikaanse olifanten.
Meer over