Miljoenen voor onderzoek ecosysteem Waddenzee

Hoe beïnvloedt de gewijzigde algensamenstelling in de Waddenzee de mossel- en kokkelgroei? Om zulke fundamentele vragen te beantwoorden, heeft NIOZ-onderzoekster dr....

Haar onderzoeksgroep van het Texelse instituut gaat de basis van de voedselketen in de Waddenzee, de microalgen, in kaart brengen. NWO verstrekt in totaal 9 miljoen euro voor integrale studie naar het ecosysteem van de Waddenzee.

’Dit is een geweldige stap voorwaarts’, reageert Philippart. De algen, het vrij in het water zwevende plankton en die algen die aan de toplaag van de wadplaten kleven, staan aan de basis van al het leven in de Waddenzee. Schelpdieren, vissen, vogels en zeezoogdieren zijn daarvan uiteindelijk afhankelijk.

De NIOZ-onderzoekster zag al in eerder onderzoek dat de algen wijzigen in hoeveelheid en soortensamenstelling. Maar het fijne is daarvan nog niet blootgelegd. Dat gaat nu dankzij de NWO-subsidie gebeuren.

Nieuw is dat er geautomatiseerde algenmetingen gaan plaatsvinden, nu gebeurt dit 50 keer per jaar. Door inzet van satellieten en watermonsters op diverse plaatsen in de Waddenzee ontstaat uiteindelijk een ‘tekenfilm’ hoe in ruimte en tijd de productie van microalgen plaatsvindt, zegt de onderzoekster.

Andere vragen die de onderzoeksgroep wil beantwoorden zijn: wat doet een storm en wat is het gevolg van meer afvoer van regenwater uit rivieren op de algenhoeveelheid en -samenstelling.

Er zullen meer wolkbreuken in de zomer gaan voorkomen door klimaatverandering. Via het rivierwater stroomt dan plotseling meer voedselrijk water naar de Waddenzee. Dit kan gevolgen hebben voor de algensamenstelling, omdat de ene soort daar meer voordeel van heeft dan de andere.

Het algenaanbod zal nog ingrijpender wijzigen en de grote vraag is wat dit betekent voor het ecosysteem in de Waddenzee. Zo zal door klimaatverandering de watertemperatuur veranderen en dat heeft gevolgen voor bijvoorbeeld het schelpdier, het nonnetje. Die gaan in aantal achteruit, waarschijnlijk omdat het tijdstip dat de larven uitkomen, is vervroegd. Op dat moment zijn er onvoldoende algen waarmee ze zich kunnen voeden.

Dit soort verstoorde samenhangen zullen steeds meer voorkomen in de Waddenzee. Ook kokkels en mosselen zijn afhankelijk van algen. Het wordt dus steeds interessanter om die kloven op te sporen, stelt Philippart. ‘De relatieve timing en de samenstelling van algenbloei bepaalt of een schelpdier zich succesvol kan voortplanten.’

Of dit uiteindelijk leidt tot een verarmd of juist een verrijkt ecosysteem, is nu nog lastig te bepalen. De Japanse oester heeft zich in de warmere Waddenzee kunnen uitbreiden en er zijn al scholeksters gesignaleerd, die de oester open krijgen. ‘Individuen passen zich aan en vindt continue selectie plaats binnen soorten op organismen die mee kunnen in dit wijzigende ecosysteem’, zegt Philippart.

‘Zo zien we ook vraatzuchtige ribkwalletjes, Mnemiopsis, in de Waddenzee, en ook de opmars van het muiltje dat zich aan mosselen hecht is een nieuw verschijnsel. ‘Er wordt continue in de Waddenzee aan de deur geklopt. Niet alleen omdat zuidelijke soorten opschuiven maar ook door planten en dieren in ballastwater uit schepen. Als daarmee nieuwe soorten een plekje weten de veroveren in de Waddenzee kan dit leiden tot veranderingen in het systeem.’

Meer over