psychologie

Met je ecodepressie naar de klimaatpsycholoog, is dat een goed idee?

Sommige mensen gaan zo gebukt onder de groeiende klimaatcrisis dat ze gespecialiseerde hulp zoeken. Helpt het om in behandeling te gaan bij mensen die zichzelf klimaatpsycholoog noemen?

null Beeld Ricardo Tomás
Beeld Ricardo Tomás

‘Ik was pas bevallen van mijn tweede kind toen de urgentie van het probleem keihard bij me binnenkwam’, zegt Anne Roosendaal (30, arts). ‘Toen dacht ik: wacht eens even, de klimaatverandering zal niet alleen een ramp zijn voor de toekomst van mijn kinderen, die ramp voltrekt zich nú.’

Roosendaal wordt diep ongelukkig van alle gebeurtenissen die voortkomen uit de opwarming van de aarde. De recente overstromingen, de hitterecords in Canada en de VS, de bosbranden, de voorspellingen dat het in hoog tempo allemaal nog veel erger gaat worden. Grote delen van Afrika worden door de droogte onbewoonbaar, er komen grote vluchtelingenstromen en daarmee, vreest ze, een enorme opkomst van extreem-rechts. Nederland zal veel vaker onder water komen te staan – hoe redden we ons over dertig jaar?

‘Er zijn dagen dat ik er vreselijk somber en moedeloos van word en altijd sluimert er een gevoel van chronische stress’, zegt Roosendaal. ‘Het lastige is dat het bijna onmogelijk is met deze angst om te gaan. Bij andere angsten zal een psycholoog je aanraden om je gedachten uit te dagen, om jezelf af te vragen: hoe reëel is de kans dat anderen me uitlachen, bij bijvoorbeeld een sociale fobie. Maar deze angst ís reëel, dat blijkt nu wel. Dat is juist zo wanhopig makend.’

Driekwart maakt zich zorgen

Bij wie zoek je hulp als je kampt met een klimaatdepressie? De vraag is alleen al relevant omdat 75 procent van de Nederlanders zich zorgen maakt om de gevolgen van de klimaatverandering, zo meldde het CBS in juni. Het zijn vooral jongeren van 18 tot 34 jaar die zich grote zorgen maken, becijferde Milieu Centraal – sinds de coronacrisis meer dan ooit. En chronische klimaatzorgen leiden tot chronische klimaatstress en zelfs tot klimaatdepressies, stelt psycholoog Caroline Hickman, een van de oprichters van de Engelse Climate Psychology Alliance. ‘Klimaatpsychologie is een ander soort psychologie’, schrijft ze. ‘In plaats van gevoelens als wanhoop, woede, angst en verdriet te zien als iets dat moet worden gefixeerd of genezen, zien we ze als een gezonde, begrijpelijke reactie op wat er gebeurt met onze planeet.’

Wat niet wegneemt dat je erbij geholpen kunt worden, zegt psycholoog Sara Helmink, die verbonden is aan de Nederlandse tak van de alliantie en samen met collega Sara Wortelboer de site klimaatpsychologie.com begon. Als psycholoog, zegt Helmink, heb je ‘goud in handen’ om mensen met klimaatstress te helpen. ‘Ik wil het niet pathologiseren, want in feite is het een normale reactie op een extreme bedreiging. Maar voor de mensen die er zo onder lijden dat ze niet meer kunnen functioneren, kun je als psycholoog dezelfde technieken inzetten als bij trauma, depressie of een ‘gewone’ angststoornis. Daar is het allemaal aan gelinkt.’

Klimaatpsychologie is in opkomst. Al langer zijn er milieu- of klimaatpsychologen – formeel is het geen specialisme – die zich bezighouden met gedragsverandering: hoe beweeg je consumenten ertoe zich milieuvriendelijker te gedragen? Er zijn ook klimaatpsychologen die onderzoeken wat de grote en reële zorgen om het milieu met mensen doen. Nieuwer is de groep die zich richt op de behandeling van patiënten die kampen met klimaatstress. Op de site van therapieaanbieder Disofa geeft Sara Helmink, die daar werkt als gz-psycholoog, een aantal praktische tips. ‘Doseer informatie’, bijvoorbeeld, en ‘accepteer je gevoelens met compassie’. Lukt dat niet en loop je toch vast in een spiraal van moeilijke gevoelens, dan ‘kan het helpend zijn om gesprekken met een psycholoog aan te gaan’.

Erkende stoornis

Dat kan steeds vaker nodig zijn: ‘De psychologische impact van klimaatverandering is op velerlei niveaus merkbaar’, schrijft het Tijdschrift voor Psychiatrie eind 2020. ‘Angst is een mogelijke respons, naast depressie, woede en verdriet.’ Die respons is nog geen officieel erkende stoornis, maar dat is wellicht een kwestie van tijd: ‘Verder onderzoek zal moeten uitwijzen of klinisch relevante klimaatgerelateerde angst als apart syndroom in de DSM opgenomen moet worden.’

Het Amerikaanse wetenschappelijke tijdschrift Journal of Anxiety wijdde vorig jaar een heel themanummer aan eco anxiety, oftewel klimaatstress en -depressie. Het was gepland vóór corona, zegt het voorwoord, maar er zijn veel parallellen: óók een wereldwijde dreiging die voor een toename aan mentale problemen zorgt. En net als bij klimatologische rampen – allesverwoestende orkanen, overstromende rivieren – krijgen mensen met trauma’s te maken: van overvolle ziekenhuizen tot aan huis gekluisterd zitten omdat scholen en bedrijven gesloten zijn.

Ook mensen die in minder reëel gevaar verkeren, kunnen kampen met depressieve gevoelens of zelfs een post-traumatische stressstoornis als gevolg van klimaatverandering. Hoeveel het er zijn is nog onduidelijk, meldt het Journal of Anxiety, er zijn nog nauwelijks cijfers, maar de tendens is onmiskenbaar. Kwetsbare groepen: jonge mensen, mensen – logisch – die erg begaan zijn met het milieu en mensen die toch al kampen met mentale klachten, zoals een angst- of paniekstoornis.

Diep in de put

Ze heeft huilbuien, zegt Roanne van Baren (26), als ze bedenkt hoe het kapitalistische systeem de aarde kapotmaakt en de moedeloosheid haar overvalt. Ziet ze een Hummer rijden of een belachelijk goedkope aanbieding van kiloknallervlees, dan kan ze diep in de put raken: boosheid, wanhoop, verdriet. ‘Hoe blijven we mentaal gezond op een opwarmende aarde?’, schreef Van Baren, die freelancejournalist is, onlangs op de site van ‘inspiratieplatform’ Maatschapwij. ‘Het helpt om er met anderen over te praten’, zegt ze aan de telefoon. ‘Maar tegelijkertijd merk ik ook dat het deprimerend kan zijn als je met elkaar blijft hangen in ‘het gaat zo slecht met de wereld.’ Daarom sluit ik me niet aan bij een actiegroep. Om mijn wanhopige gevoelens te vergeten, ga ik liever een stuk wandelen of in mijn moestuin werken.’

Daar doet Roanne verstandig aan, zegt hoogleraar psychologie Paul van Lange, die zich onder meer bezighoudt met klimaatverandering en hoe mensen daarmee omgaan. ‘Er zijn diverse psychologische redenen waarom zeer klimaatbewuste mensen meer somberheid kunnen ervaren dan de gemiddelde Nederlander.’ Die schudt de klimaatproblematiek juist opvallend makkelijk van zich af. ‘Inderdaad zegt een groot deel van de mensen zich zorgen om het milieu te maken, maar dat is tamelijk oppervlakkig. De groep die echt aan klimaatstress lijdt, schat ik in als heel klein.’

Van Lange, die de laatste tijd veel aandacht voor klimaatstress signaleert in zijn vakgebied, wilde de proef op de som nemen. ‘Ik heb onderzocht of mensen een taak slechter uitvoeren als ze worden herinnerd aan de klimaatverandering. Zo kregen ze voorbeelden te zien van ernstige gevolgen van klimaatverandering, zoals overstromingen en toenemende hitte, waarna ze een opdracht moesten uitvoeren. De hypothese was dat er aandachtsproblemen zouden optreden, maar we hebben er niet de kleinste aanwijzing voor gevonden. Ze functioneerden even goed als de controlegroep.’

Modeverschijnsel

Collega-hoogleraar psychologie Viktor Lamme snapt dat wel; de mens is nu eenmaal een kortetermijndenker en bij klimaatrampen willen de meesten niet te lang stilstaan. Hij signaleert dan ook geen grote behoefte aan klimaatpsychologen in de Nederlandse geestelijke gezondheidszorg. ‘Het is een leuk etiket om jezelf op te plakken, klimaatpsychologen zien wellicht een gat in de markt. Je kunt die behoefte ook creëren; angst is besmettelijk en mensen zijn kuddedieren, dus als je veel hoort over klimaatangst in de media en toch al psychisch kwetsbaar bent, is er best kans dat je het oploopt. Maar ik zie het vooral als een modeverschijnsel. Twintig jaar geleden was iedereen bang voor zure regen, maar niemand belandde bij de psycholoog.’

Ook nu is er weinig vraag naar therapie voor klimaatstress, meldt desgevraagd de woordvoerder van de Nederlandse vereniging van ggz-organisaties. ‘De ggz kent geen specifieke psychische aandoeningen die met klimaat te maken hebben. Er kunnen veel redenen zijn waarom mensen depressief worden of een angststoornis ontwikkelen. Klimaatverandering als aanleiding daarvoor is nieuw voor ons.’ De club van ggz-instellingen voegt daaraan toe te ‘willen waarschuwen’ voor behandelaren die propageren een speciale methode te hebben ontwikkeld. ‘In alle erkende behandelmethoden van angststoornissen of depressies wordt geen onderscheid gemaakt op de factor klimaat.’

Dat propageert ze niet, zegt klimaatpsycholoog Sara Helmink – ze is een ‘gewone’ psycholoog die werkt met effectieve behandelmethoden als ACT (acceptatie- en commitment-therapie). Ook geeft ze ruiterlijk toe, net als therapieaanbieder Disofa overigens, dat zich in haar praktijk nog nauwelijks cliënten hebben gemeld met een klimaatdepressie. Haar collega Sara Wortelboer zegt dat ze klimaatpsychologie.com dan ook voornamelijk zijn begonnen als ‘copingstrategie’ voor zichzelf: ‘Het geeft me kracht om het enorme, complexe probleem dat klimaatverandering is op mijn manier aan te pakken.’

‘Kom in actie’

Helmink wijst erop dat de voornaamste taak van de klimaatpsycholoog is aan te zetten tot klimaatvriendelijk gedrag: ‘Het behandelen van klimaatpijn is maar een klein onderdeel van ons werk.’ Het komt voor, zegt ze, dat mensen zo bang, wanhopig of verdrietig worden van het slinkende regenwoud en de smeltende polen dat ze gebaat zijn bij therapie, maar voor de meesten helpt het al gewoon om met gelijkgestemden te praten. ‘Zoek een klimaatje, zeg ik altijd grappend.’ Wat ook werkt, zegt ze: iets doen. ‘Ga zwerfafval opruimen, sluit je aan bij de buurtmoestuin of begin een actie voor zonnepanelen in de buurt. Stress kan verlammend zijn en het helpt om die verlamming te doorbreken door in actie te komen. Dan krijg je ook het gevoel terug dat je controle over dingen hebt.’

Zonder een therapeut te hebben bezocht, is arts Anne Roosendaal tot dezelfde conclusie gekomen. Om haar moedeloosheid te bestrijden, is ze met een aantal anderen de website de klimaatdokter.nl begonnen, met tips voor collega-artsen om een duurzamere (huisartsen)praktijk te voeren. ‘Ik schud mensen wakker om in actie te komen, met z’n allen kunnen we misschien een sneeuwbaleffect bereiken. Daarbij geeft het gewoon een goed gevoel om iets te doen. Je kunt thuis verdrietig zitten wezen, maar je kunt er maar beter iets moois van maken. Niemand is ermee geholpen als ik mezelf een burn-out bezorg.’

Heftige emoties

We zijn verloren – dat besef kan paradoxaal genoeg ook hélpen een klimaatdepressie het hoofd te bieden, stelt Jem Bendell, auteur van het artikel Deep Adaptation: A Map for Navigating Climate Tragedy. Hij voorspelt daarin dat de klimaatverandering de wereld binnen één generatie zal vernietigen, omdat de ontwikkelingen veel sneller gaan dan verwacht. Nadat het artikel was afgewezen door een wetenschappelijk tijdschrift publiceerde Bendell, hoogleraar duurzaamheid aan de Universiteit van Cumbria (VS), het op zijn eigen blog en ging het viral. ‘Als je na het lezen verdrietig of wanhopig bent, lijkt dat me een natuurlijke reactie’, zei Bendell tegen Vice. ‘Dat hoeft niet erg te zijn, want dood gaan we allemaal. Het leven draait om vergankelijkheid.’ Tegelijkertijd, zegt hij, kan het stuk ook aanzetten tot daden: ‘Mensen kunnen er kracht uit putten om meer uit hun leven te halen. Om meer te doen wat ze eigenlijk écht willen in plaats van dat uit te stellen.’

Meer over