Licht tegen winterdip

SNEL GEÏRRITEERD, FUTLOOS, VEEL SNOEPEN? DAGELIJKS DRIE KWARTIER VOOR EEN SPECIALE LAMP ZITTEN DOET WONDEREN TEGEN EEN WINTERDIP. MAAR HOE DAT KOMT WEET NIEMAND....

Jammer dat Geerhard Holtkamp uit Winsum er pas begin jaren negentig op de radio over hoorde. Hij was net ontslagen, voor de derde keer alweer, en terugblikkend viel het kwartje. Elk jaar werd hij met het vallen van de bladeren bevangen door een onbestemd gevoel van vermoeidheid en lamlendigheid. Op zijn werk raakte hij snel geïrriteerd, hetgeen zo in februari, maart onherroepelijk uitmondde in een buitenproportionele woedeuitbarsting. En ontslag.

Met het wachtgeld van zijn laatste werkgever op zak nam Holtkamp zich voor zijn depressies aan te pakken. Via de Vereniging Winterdepressiepatiënten Nederland kwam hij in contact met lotgenoten. Helaas bleek de vereniging geen lang leven beschoren. 'De bestuursleden waren zelf ook patiënt en vlogen, als het 's winters druk begon te worden, zelf uit de bocht.'

De klachten zijn vergelijkbaar met die van andere vormen van depressie: patiënten voelen zich somber, besluiteloos, futloos, minderwaardig en hebben nergens zin in. Ze zijn sneller geïrriteerd en functioneren minder goed op hun werk en in hun sociale leven.

Verschillen zijn er ook. Zo gaat een winterdepressie gepaard met een grotere behoefte aan slapen en het eten van zoetigheid en koolhydraatrijk voedsel als brood en pasta's. Een winterse gewichtstoename van zes tot tien kilo is niet ongewoon. Typisch aan een winterdepressie is dat klachten in het najaar of de winter ontstaan en in het voorjaar of de zomer weer volledig verdwijnen.

Uit onderzoek van de Winterdepressiepolikliniek van het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG) blijkt dat 3 procent van de Nederlanders last heeft van winterdepressies. 8 Procent kampt met een mildere 'winterdip'.

Lichttherapie blijkt een uiterst effectieve behandelmethode voor zowel winterdepressies als -dips.

Een week lang drie kwartier per dag voor een speciale lamp zitten, doet voor 70 procent van de patiënten wonderen. 'Een succespercentage waar je elders in de psychiatrie niet van durft te dromen', zegt psycholoog Ybe Meesters van het UMCG. Meestal is één sessie voldoende om mensen de winter door te helpen. Behandeling is doorgaans gratis of wordt door de verzekeraar vergoed. Een verwijzing van een arts is vereist en volgens Meesters ook aan te raden.

Er moet namelijk eerst worden vastgesteld of het daadwerkelijk om een winterdepressie gaat. Bovendien werkt lichttherapie niet voor iedereen en kan het soms vervelende bijwerkingen hebben.

Een verwijzing van de huisarts blijkt zo geregeld. 'Ik ben ook wel benieuwd of het wat is, laat het me weten', zegt mijn huisarts, die doorverwijst naar Mentrum (GGZ) in Amsterdam. Daar stelt een driekoppig team na een twintig minuten durend intakegesprek een 'winterdip' vast.

Die maandag daarna word ik om zeven uur 's ochtends verwacht in een kliniek die tevens dienst doet als 24-uurs opvangcentrum voor 'spoedeisende psychiatrie'. Een weinig opbeurende locatie. De met een grote sleutelbos gewapende nachtopzichter begeleidt me naar een provisorisch ingericht kamertje op de derde verdieping en doet 'voor de zekerheid' de deur achter me op slot.

Ik ben niet alleen. Aan de tafel naast me staart een 36-jarige kapster uit Amsterdam-Noord in twee lichtbakken ter grootte van een krantenpagina. Ook ik krijg twee platte lampen toegewezen. Het licht is fel, maar niet irritant. Ik hoef er ook niet de hele tijd recht in te kijken. Een boek lezen mag, als ik iedere minuut maar even opkijk en niet meer dan dertig centimeter van de lampen af ga zitten. In afwachting van wat komen gaat sla ik Twilight in the Dessert van Matthew Simmons open. De hoop om deze pil hier eindelijk eens uit te lezen blijkt ijdel. De kapster houdt wel van een praatje.

Toch spring ik na drie kwartier verheugd op de fiets. Het voelt wel lekker, zo'n shot licht. Een gevoel dat met elke sessie sterker wordt. Ook de kapster knapt zienderogen op. Ze zegt 's nachts korter maar beter te slapen. De kringen onder haar ogen zijn zo goed als verdwenen en ze klaagt minder. Bij mezelf merk ik het vooral aan mijn energiepeil. Het vroege opstaan kost nauwelijks meer moeite en het te-doen-lijstje met lullige klusjes is enorm geslonken.

Hoe en waarom lichttherapie precies werkt weet niemand. Een theorie dat lichttherapie een verstoord dagnachtritme zou herstellen, werd onlangs wetenschappelijk onderuit gehaald. Licht schijnt wel invloed te hebben op de aanmaak van het slaapregelende hormoon melatonine. Hoe minder licht, hoe meer melatonine, hoe slaperiger.

Holtkamp zegt blij te zijn 'dat eindelijk meer begrip is voor het feit dat het een biologische en geen psychologische afwijking is'. Behalve de sterke lampen boven zijn bureau heeft hij zijn leven zo ingericht dat hij 's winters voldoende licht binnenkrijgt. 'Sinds ik tuinman ben, heb ik geen lichttherapielampen meer nodig. Veel buiten, niet te veel naar de grond kijken en 's winters geen zonnebril op. En veel wandelen. Als ik zo naar buiten kijk, schat ik de lichtsterkte op vierduizend lux, dus ik ga er maar weer eens op uit.'

Meer over