columnKEULEMANS IN QUARANTAINE

Hoeveel heeft die avondklok nou eigenlijk gescheeld?

null Beeld

Opvallende uitspraak van ziekenhuisbaas Ernst Kuipers op tv, het was meteen ‘trending topic’ op Twitter. De avondklok van de afgelopen maanden? ‘Als je kijkt naar het verloop van de ziekenhuisopnames in de tijd, zagen we zowel bij de invoering als bij het opschuiven geen enkel effect’, aldus de voorzitter van het Landelijk Netwerk Acute Zorg.

Lekker dan, ‘geen enkel effect’. Komt-ie nu mee. Enfin: het halve land in de gordijnen, chocoladeletters in De Telegraaf, Grapperhaus die de wenkbrauwen fronst. Hebben we dáárvoor al die tijd ’s avonds binnen gezeten?

Op het oog heeft Kuipers gelijk. Bij het ingaan van de avondklok, op 23 januari, waren er dagelijks 5.321 besmettingen. Bij de opheffing, vorige week woensdag, waren het er 7.886. Het aantal patiënten in het ziekenhuis en op de ic daalde niet, maar steeg. En zelfs het ‘R-getal’ van het virus ging niet zoals Jaap van Dissel had beloofd met 10 procent naar beneden, maar juist 10 procent omhoog. Hadden we die avondklok nou maar niet ingevoerd, zou je bijna zeggen.

Maar dat is te simpel. Je zou haast vergeten waarom die avondklok – én het dringende advies om nog maar één bezoeker te ontvangen, die ermee is verbonden – ook alweer werd ingevoerd. Dat was om de ongeveer 30 procent besmettelijkere ‘Britse variant’ het hoofd te bieden.

‘We zaten afgelopen tijd echt in een heel andere epidemiologische situatie’, zegt Susan van den Hof, hoofdepidemioloog van het RIVM, aan de telefoon. Door de opmars van de Britse variant werd de R, snelheidsmeter van de epidemie, geleidelijk groter. De epidemie schakelde als het ware een versnelling omhoog. ‘En dus kun je niet simpel naar het grafiekje kijken en zeggen: zie ik hier een trendbreuk?’, zegt Van den Hof.

Zal best, maar hoe kunnen we dan wél controleren of de maatregel iets heeft uitgehaald? Eens kijken. In de cijfers van het ‘Nederlands Verplaatsingspanel’ (NVP) is het avondklokeffect in elk geval zonneklaar. Tot 23 januari gingen van de tienduizenden deelnemers aan het panel zo’n 3,5 procent na negenen de straat op. Daarna was het nog maar 1,5 procent.

Een andere stevige aanwijzing is het contactonderzoek van de GGD’s. Wie positief testte, gaf vóór de strengere maatregelen te kennen met gemiddeld anderhalf persoon buiten het eigen huishouden ‘nauw contact’ te hebben gehad. Toen de avondklok inging, daalde dat naar ongeveer één persoon – om pas tegen het einde van de avondklok weer toe te nemen.

We zijn dus minder op pad gegaan en hadden minder contact met anderen. Maar hoe vertaalt zich dat naar besmettingen? Ik besluit het uit een ander vaatje te tappen. Met de cijfers van de afgelopen maanden en wat huis-, tuin- en keukenrekenwerk peuter ik de R-waardes van de Britse variant en het ‘klassieke’ virus uit elkaar.

In de grafiekjes die ik krijg, zie ik het eigenlijk meteen. Twee dalende lijntjes, die wat steiler omlaag gingen nádat de avondklok en de bezoekregeling in gingen. De afgelopen maanden hebben we zowel de R van de Britse variant als die van het ‘oude’ virus omlaag geduwd. Maar omdat de Britse variant met zijn hogere R de boel intussen heeft overgenomen, hebben we daar weinig van gemerkt. Het R-getal van de Britse variant is zelfs niet eens onder de 1 gekomen.

Ik kijk wat er was gebeurd als de R-getallen níét waren gedaald. Even zien: het aantal besmettelijke mensen was dan tot half februari gezakt. Maar daarna had de oprukkende Britse variant de cijfers opgestuwd. De beruchte ‘exponentiële groei’ had weer de overhand gekregen. Dinsdag, op dodenherdenking, zouden we enkele honderdduizenden geïnfecteerden méér hebben gehad dan er de afgelopen maanden zijn geweest.

Ik kan het haast niet geloven. Wat een aantal! Dat zijn al snel 500 ic-patiënten extra, er hadden weer patiënten naar Duitsland gemoeten. Dat zijn tegen de duizend sterfgevallen, en een stuk of drieduizend ‘gewone’ ziekenhuispatiënten erbij.

Vervelend alleen dat je het zo slecht ziet. Het avondklokeffect is een abstract ding, een lijntje dat pas na veel gepuzzel uit de kolommen van je spreadsheetprogramma verrijst. Daarmee is het een gemakkelijke prooi voor het verwijt: deed niks!

Tot je onder het vloerkleed kijkt - en daar opeens een hele berg covidslachtoffers vindt die we hebben voorkomen.

Vragen over het coronavirus, beantwoord door wetenschapsredacteur en ‘coronaverslaggever’ Maarten Keulemans. Ook een vraag? Mail het openredactie@volkskrant.nl, onder vermelding ‘Keulemans’.

Verantwoording

Voor de berekeningen in deze rubriek ging ik te rade bij de openbaar toegankelijke cijfers over corona van het RIVM en de steekproeven die documenteren hoe snel de Britse variant is opgerukt in ons land. Bekend uit andere onderzoeken is bovendien dat de Britse variant 30 procent besmettelijker is. Zo kon ik de waargenomen R-waarde per dag uitsplitsen naar de R-waardes van de Britse en de ‘klassieke’ variant.

Om het effect van de maatregelen in te schatten, bepaalde ik onder meer de hellingshoek van de afnemende R-waardes voor en na invoering van de avondklok en de bezoekregeling. Zo is in te schatten wat er zou zijn gebeurd zonder versnelling van de afname. Ook keek ik wat er zou zijn gebeurd als de R-getallen van beide virussen na 23 januari helemaal niet meer waren gedaald.

Tenslotte paste ik als correctie een (royale) aftrek toe van de helft van de besmettingen door de intredende lente. De epidemie zelf rekende ik door met als uitgangspunten: bij aanvang van de avondklok waren er zoals vermeld in de RIVM-cijfers 106 duizend besmettelijke mensen, en het virus heeft een serie-interval (voortplantingssnelheid) van vier dagen. Voor de sterfte nam ik aan dat het sterftepercentage (tot voor kort: 0,7 procent) door betere behandelingen en inenting van de alleroudsten misschien is gehalveerd.

Uiteraard gaat het hier om een zeer grove inschatting: de officiële onderzoeken naar het onderwerp zullen ongetwijfeld meer zekerheid geven.

Meer over