Genen screenen voor zware chemotherapie

Patiënten met borstkanker die een zogeheten hogedosis chemotherapie ondergaan, moeten vooraf genetische worden gescreend. Utrechts onderzoek wijst uit dat erfelijk bepaald is hoe gevoeling patiënten zijn voor de soms ernstige bijwerkingen van zo'n therapie....

Van onze verslaggever

Volgende week promoveert in Utrecht farmacologe Corine Ekhart op onderzoek dat de genetische achtergronden van die gevoeligheid in kaart brengt. Zij adviseert gevoelige patiënten met lagere doses te behandelen.

Ekhart onderzocht hogedosis chemotherapie volgens het zogeheten CTC-schema. Daarbij worden gedurende vier dagen cyclofosfamide, thiotepa en carboplatine toegediend. Naar schatting is 20-30 procent van de borsttumoren zeer gevoelig voor deze combinatie van middelen.

Er zijn wel gevaarlijke bijwerkingen voor patiënten die cyclofosfamide niet goed kunnen afbreken. Daardoor kunnen giftige concentraties in het lichaam ontstaan.

Ekhart ontdekte welke genen die gebrekkige afbraak veroorzaken. Daarop kunnen patiënten dei voor de hogedosistherapie in aanmerking komen worden onderzocht voor een behandelplan wordt gemaakt.

Meer over