Geef ze de ruimte

Het is een jongensdroom: in een raket naar de maan worden geschoten. De ESA zoekt astronauten. ‘Je gaat nog net niet over lijken.’

Toen Wubbo Ockels als eerste Nederlandse astronaut de lucht inging, was Inge Loes ten Kate 9 jaar. Van haar vader, een ruimtevaartfanaat, mocht ze die avond in 1985 laat opblijven. Ook toen drie maanden later het ruimteveer Challenger bij de lancering uit elkaar spatte, en de komeet van Halley na 76 jaar weer langs de aarde scheerde, zat kleine Inge met grote ogen te kijken.

Massaspectrummeter
Ten Kate, nu 32, was voor altijd verkocht. ‘Mijn werkstukjes op school gingen daarna altijd over de ruimte.’ Ze ging lucht- en ruimtevaarttechniek studeren in Delft, promoveerde in Leiden, en werkte een jaartje op het Nationaal Lucht-en Ruimtevaartlab. Nu woont en werkt ze in Washington. Enthousiast vertelt ze over de instrumenten die ze voor Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA aan het bouwen is: een massaspectrummeter, die rond het jaar 2020 moet meten welke gassen er in de maangrond zitten, en een stoftank, waarin de stofcondities van de atmosfeer op de planeet Mars worden nagebootst.

Maar hoe leuk het werk ook is, Ten Kate wil haar dagen niet slijten in een laboratoriumjas. Al sinds ze als kind Wubbo Ockels in zijn glimmende astronautenpak zag, lijkt het haar ‘erg gaaf om te weten hoe de wereld er van buitenaf uitziet. En hoe het is om te werken in een internationaal ruimtestation.’

Meer vluchten
Voor het eerst in zestien jaar is de Europese ruimtevaartorganisatie ESA weer op zoek naar nieuwe astronauten. Door de lancering van ruimtelab Columbus en een nieuw vrachtschip heeft de organisatie sinds kort recht op meer vluchten naar het internationale ruimtestation ISS. Voortaan mag de ESA één keer in de twee jaar een lid van de permanente bemanning leveren. Die blijft dan een half jaar aan boord, in plaats van enkele weken zoals nu.
Daarnaast kondigde de Europese Commissie onlangs aan na te denken over een eigen lanceerplatform voor bemande ruimtevaart. Als dat scenario werkelijkheid wordt, zou de ESA nog meer vluchten kunnen vullen, maar dan moeten er wel voldoende astronauten zijn. ‘Een jaar of vijf geleden hadden we nog vijftien astronauten in dienst, nu zijn er daar nog maar vijf van over. De meeste zijn al over de vijftig’, zegt Nederlander Rolf de Groot, de voorzitter van de programmaraad voor bemande ruimtevaart en exploratie van de ESA. Het was die raad die begin dit jaar besloot op zoek te gaan naar nieuw bloed.
]]>

Net zoals Bob Dirks (31), die na een studie en promotie in de technische natuurkunde nu röntgendetectoren voor satellieten bouwt bij het Netherlands Institute for Space Research (SRON). ‘In mijn achterhoofd is het ultieme doel altijd geweest om astronaut te worden. Ik wil ons zonnestelsel verkennen. Er zijn miljarden sterrenstelsels, en elk daarvan heeft miljarden sterren. Er is zoveel buiten de aarde. We móeten gewoon exploreren.’

Dagdromen
Ten Kate en Dirks konden tot nu toe alleen maar dagdromen over verre ruimtereizen. De NASA mag als Amerikaanse overheidsorganisatie geen buitenlanders aannemen, en de Europese tegenhanger ESA had in geen zestien jaar nieuwe astronauten gezocht. Tot in april dit jaar datgene gebeurde waarop ze zich al jaren mentaal én fysiek aan het voorbereiden waren: ESA kondigde een wervingscampagne aan.

Er bestaat geen school of opleiding voor een ruimtevaardersbestaan, dus moet de ESA dat zelf organiseren. Maar er is een waslijst aan vereisten: je moet opgeleid en bij voorkeur gepromoveerd zijn in de natuurwetenschappen, techniek, genees- of wiskunde, óf een testpiloot zijn met meer dan duizend uur vliegervaring. Je moet in een uitstekende lichamelijke conditie verkeren. (Sporten wordt aangeraden, zonder te overdrijven: te sterk ontwikkelde spieren zijn een nadeel in gewichtloze toestand.) Je moet liefst een paar extra talen spreken, waarbij Engels verplicht en Russisch een pre is. Want dat is de voertaal in ruimtevaartcapsule Sojoez, die vanaf 2010 astronauten van en naar het internationale ruimtestation vervoert.

Vier ruimtevaarders zoekt het Europese Astronautencentrum in het Duitse Keulen, dat de rekrutering organiseert. In een maand tijd meldden zich 8.413 kandidaten, onder wie Dirks en Ten Kate. Tevoren moesten ze een medische keuring ondergaan die normaal bedoeld is voor piloten, zegt Volker Damann, hoofd van het medische team van het Europese Astronautencentrum.

Marathon
Ten Kate fietst veel en liep vorig jaar nog een marathon. ‘Ik ben gelukkig sowieso redelijk sportief.’ Maar ze betreurt wel dat ze nooit vlieglessen heeft genomen. ‘Ik heb ooit een cursus Russisch gedaan om meer kans te maken, dat ben ik nu weer aan het oppakken.’ Dirks is een fanatiek roeier. ‘Niet speciaal voor deze selectie, maar het komt nu wel van pas.’Op zich heeft hij wel ‘goede papieren’. ‘Daarom zou ik het raar vinden als ik niet op zijn minst de tweede ronde haal. Ik rook niet, ik drink met mate. Ik heb zweefvlieglessen genomen met deze baan in het achterhoofd. De ideale kandidaat is tussen de 27 en 37, het is nu of nooit voor mij. Maar die andere achtduizend kandidaten hebben waarschijnlijk een soortgelijk profiel...

Uit de duizenden aanmeldingsbrieven pikte de ESA negenhonderd kandidaten. Wekenlang openden Dirks, Ten Kate en 201 andere Nederlanders ’s ochtends nagelbijtend hun mailbox. Wie het heeft gehaald, wordt voor 15 augustus onderworpen aan een eerste batterij psychologische tests. ‘We kijken vooral naar cognitieve aspecten als intelligentie, concentratie, een uitstekend ruimtelijk inzicht en geheugen, goed onder stress kunnen werken en behendig zijn’, zegt Damann. ‘Hard- en software die je wel of niet hebt.’

Maar daarmee is de afvalrace pas begonnen. De persoonlijkheid en het gedrag van de tweehonderd resterende kandidaten worden verder getest in rollenspellen, interviews, assessments en groepsopdrachten. Want wie maanden een krappe ruimtecapsule moet gaan delen met een paar collega-astronauten, ‘heeft liefst geen ego’. ‘Hij heeft interesse in andere culturen, en een grote mentale flexibiliteit. Geen extremen, op mentaal noch fysiek vlak’, somt Damann op. Het heeft er veel van weg dat een kandidaat-astronaut een uomo universale moet zijn.

Na een laatste medische check-up zullen volgens Damann ongeveer veertig kandidaten tevoorschijn komen. Zij moeten zich presenteren bij de ESA-bestuursleden, die de laatste knoop doorhakken.

Realistisch
Inge Loes ten Kate is ‘realistisch genoeg’ om in te zien dat haar kansen klein zijn. ‘Sommige landen dragen veel meer bij aan het ESA-budget. Ze zeggen dat ze daarmee geen rekening houden, maar dat moet ik nog zien.’ Rolf de Groot, Nederlander en voorzitter van de programmaraad voor bemande ruimtevaart en exploratie van de ESA, geeft toe ‘dat het helpt als je uit een land komt dat financieel veel bijdraagt’.

Inwoners van alle zeventien ESA-lidstaten kunnen solliciteren, maar een Brit, Fin of Luxemburger heeft minder kans, want die landen betalen niet mee aan het bemande ruimtevaartprogramma. ‘Nederland draagt amper 2,5 procent van het budget bij, Duitsland en Frankrijk elk 20 procent. Wat dat betreft heb je dus misschien een beetje een achterstand’, erkent De Groot. ‘Maar anderzijds heeft in de twee vorige selectieronden telkens een Nederlander het tot astronaut geschopt.’ De kans dat twee of drie van de toekomstige astronauten uit grote ESA-donorlanden komen, is redelijk groot, aldus de ESA-bestuursman. ‘Het gaat om die vierde plek, of die naar Nederland gaat of bijvoorbeeld naar een Zweed of Zwitser. En dan zal ik Nederlandse kandidaten natuurlijk steunen.’

Tien jaar geleden was André Kuipers 39, en al twintig jaar bezig met het opbouwen van een ‘fantastisch cv waar de ESA niet omheen kon’, toen de arts te horen kreeg dat hij gekozen was tot tweede Nederlandse astronaut. ‘Een fantastisch moment was dat’, zegt Kuipers over een krakerige telefoonlijn vanuit Sterrenstad nabij Moskou. ‘Ik krijg nog altijd kippenvel als ik eraan denk. Je gaat nog net niet over lijken, maar je hebt er wel alles voor over. Net als de kandidaten nu, denk ik. Ik weet heel goed wat ze voelen.’

Psychologische tests
Ten Kate en Dirks kregen inmiddels een verlossend bericht. Ze mochten door naar de tweede ronde en hebben vorige week deelgenomen aan de eerste reeks psychologische tests. Die waren ‘moeilijk’, maar meer mogen ze daarover niet vertellen vanwege een geheimhoudingsplicht. Dirks, vooraf: ‘Als ik geen astronaut word, zou mijn wereld niet instorten, maar ik zou het wel erg jammer vinden. Dit is mijn enige kans, ik heb er erg naartoe gewerkt.’ Ten Kate, ook vooraf: ‘Ik ben Hollands genoeg om het liefst voor Europa astronaut te worden. Maar ook pragmatisch genoeg om te overwegen Amerikaanse te worden als het me bij ESA niet lukt.’

Is het het allemaal waard, de stress, de inspanningen, de opofferingen? Kuipers, reserve voor de Belgische astronaut Frank de Winne, die in mei 2009 voor een eerste verblijf van zes maanden in het ISS vertrekt, noemt zijn eerste – en tot nu enige – ruimtevlucht uit 2004 ‘een bijzonder, fantastisch moment’. ‘Je hebt een bepaald beeld van een baan. Ik was bang dat het misschien toch niet zo leuk zou zijn als ik altijd had gedroomd en gehoopt. Maar dan besef je dat je buiten de planeet bent. Je ziet die kleine dunne dampkring en die prachtige kleuren van de aarde. De droom die ik als 12-jarige had, werd helemaal vervuld.’

Meer over