Geef mij maar Sean Penn mee

Eindelijk tijd om te lezen. Volkskrant-recensenten geven hun tips voor deze zomer. Aflevering 5: Ineke van den Bergen heeft een stapel fantastische thrillers voor in uw koffer, plus nog een hot regenboek....

Zomerkleren, zomerschoenen, zomertelevisie, zomerhits, dat is allemaal nog wel thuis te brengen, maar welke betekenis moet er gehecht worden aan zomerboeken, ook wel vakantieboeken of strandliteratuur genoemd? De vraag: welke boeken leest u tijdens de vakantie is net zo onuitroeibaar geworden als die andere afgesleten vraag: welke boeken zou u meenemen naar een onbewoond eiland? Het antwoord daarop moet zijn: geen boeken, geef mij maar Sean Penn mee, met wie ik eens uitzinnig van bil zou gaan, maar zulke antwoorden geven recensenten of ondervraagden niet. Ze refereren via hun keuze aan grote gevoelens als de Liefde, aan onverwachte inzichten in geest en gedrag van de mens, uitgedrukt in bewoordingen die het predicaat ‘literair’ verdienen.

Naast het herlezen van de eeuwige eigen favorieten worden de klassieken meegezeuld (en niet gelezen), of waagt men zich aan een paar werken die door anderen zijn aanbevolen. Er is ook wel eens sprake van een thriller, voor de enge ontspanning, en meestal betreft dat dan een boek van een auteur als Henning Mankell die, net als zijn televisie-evenknie Morse, oogt als een intellectueel en zich ook zo uitdrukt. Het maakt de afwijking die ze vertonen in hun belangstelling voor misdaad en geweld aanvaardbaar voor ‘de betere lezer’.

De eigentijdse, breed georiënteerde lezer weet allang dat in misdaadfictie minstens zo’n grote variatie, en evenveel kwaliteit, bestaat als in mainstream literatuur. Bekende en minder bekende auteurs als Karin Slaughter, Denise Mina, Fred Vargas, T. Jefferson Parker, Martyn Waites, Michael Collins, David Lawrence, Nick Stone, Kate Atkinson, Natsuo Kirino en Michael Gruber hebben met hun recente thrillers weer vakwerk afgeleverd, dat ver uitstijgt boven ‘het wegwerp-moordverhaaltje’, waarmee thriller-vijandigen altijd op de proppen komen.

‘Eigenlijk heb ik een zwak voor gestoorden. Mafkezen, geflipten, halvegaren, geschiften, zenuwlijders, psychopaten en gekken. Misschien word je daardoor wel een goede psychiater. Of juist niet.’ De randen van de nacht, van de Franse auteur Virginie Brac is geen zomerthriller, wél een verhaal dat de wisselende geuren, kleuren en smaken biedt die niet aan vrije tijd gebonden zijn, maar aan de krankzinnigheid en absurditeit die zich jaar in jaar uit vertonen aan wie ze wil zien. Licht waanzinnig, tussen wrede werkelijkheid en gestoorde fictie laverend is deze thriller, met als hoofdpersoon een 34-jarige vrouwelijke psychiater, die ánders extreem is dan de gestoorden met wie ze te maken krijgt. Het gaat er soms fel sadomasochistisch aan toe in dit meeslepende boek; de eerst vertaalde van een reeks rond Véra Cabral, de psychiater, die ook seksueel niet voor één gat te vangen is. Nou vooruit: hot als een verregende zomer.

De Geus; 17,90 euro.

Meer over