wetenschap

Factcheckers onder vuur: ontmaskerde onderzoekers slaan steeds vaker terug met rechtszaken

Elisabeth Bik:  ‘Als zijn plan was om me hiermee te intimideren, dan kan ik je vertellen: dát gaat mooi niet lukken.’ Beeld AFP
Elisabeth Bik: ‘Als zijn plan was om me hiermee te intimideren, dan kan ik je vertellen: dát gaat mooi niet lukken.’Beeld AFP

De wetenschappelijke fraudedetective Elisabeth Bik schreef kritisch over een onderzoek naar hydroxychloroquine en werd aangeklaagd. Ze is niet de enige: de factchecker riskeert steeds vaker een rechtszaak.

Ja, ze moest wel even slikken, vertelt Elisabeth Bik, toen ze onlangs via de media vernam dat de Franse microbioloog Didier Raoult haar had aangeklaagd voor ‘intimidatie en afpersing’. Wel vaker kreeg ze boze mailtjes, af en toe zelfs een officieel ogende brief van een advocaat, maar een echte aanklacht: nee, zover was het nog niet eerder gekomen.

Podcast
Bedreigd en vervolgd: wetenschappelijke factcheckers onder vuur.

Bik, opgeleid als microbioloog, is fulltime fraudedetective. In vakartikelen speurt ze naar dubieuze zaken, naar wankele methodologie en verdachte afbeeldingen. Met een simpele ‘check’ beschadigt ze soms langlopende carrières en dus is ze wel gewend aan wat tegenwind. Haar bevindingen deelt ze onder meer via Twitter en op publieke fora als PubPeer, waar iedereen kan meepraten over wetenschappelijke artikelen. Zo ook in de zaak-Raoult, die daarom overigens ook de beheerder van PubPeer, onderzoeker Boris Barbour, aanklaagde.

Bik haalde in Nederland vorig jaar het nieuws toen haar speurwerk ertoe leidde dat een artikel van oud-minister Ronald Plasterk in wetenschapsblad Science moest worden teruggetrokken. Sinds ze kritiek heeft op het onderzoek van Raoult, vindt ze zichzelf vaak terug in de internationale pers. Van het Britse The Guardian tot het Franse Le Monde, iedereen schreef over de kwestie.

Rechts-populistische hoek

Dat komt doordat Raoult het gebruik onderzoekt van hydroxychloroquine (hcq) als behandelmethode voor covid. De Wereldgezondheidsorganisatie WHO benadrukt dat uit diverse onderzoeken blijkt dat hcq weinig tot niets uithaalt tegen corona, maar desondanks is er vooral vanuit rechts-populistische hoek steun voor het gebruik van het middel. Politici als Donald Trump, Jair Bolsonaro en Thierry Baudet zijn bekende pleitbezorgers ervan.

Daarmee ontsnapte de kwestie uit het pure wetenschappelijke discours en werd ze beladen en politiek, zo merkte ook Bik toen ze betoogde dat een studie van Raoult naar hcq uit maart 2020 rammelt. Onder meer omdat zes patiënten die het middel gebruikten op raadselachtige wijze uit de statistieken zijn verdwenen, onder wie drie die naar de intensive care moesten en een die was overleden. Dat kan de uitkomst van het onderzoek op oneigenlijke wijze in het voordeel van hcq beslechten, stelde Bik.

Daarna begon het. ‘Wekenlang kreeg ik haattweets te verwerken van aanhangers van Raoult’, zegt ze. Raoult noemde haar in de media onder meer ‘een gek’, ‘een heksenjager’, ‘een stalker’ en ‘een mislukte onderzoeker’, terwijl zijn collega Éric Chabrière haar op Twitter bestempelde tot ‘mestkever’. Chabrière deelde zelfs haar huisadres in een inmiddels verwijderde tweet. ‘En dan nu die aanklacht. Daar gaat opnieuw veel dreiging van uit. Dat geeft natuurlijk stress’, zegt ze.

Bik maakt zich weleens zorgen, geeft ze toe. ‘Raoult is een machtig man, met vrienden in de politiek. Hij deed de aanklacht in Marseille, daar heeft hij veel contacten. Zullen ze zijn klacht onbevooroordeeld bekijken? Ik weet het niet.’ Om haar mond tekent zich een zelfverzekerde glimlach. ‘Maar als zijn plan was om me hiermee te intimideren, dan kan ik je vertellen: dát gaat mooi niet lukken. Ik ga me níét laten tegenhouden.’

Ondertussen kreeg Bik ook steun, onder meer via een internationale petitie, en door een open brief ondertekend door honderden wetenschappers die opriepen om ‘academische klokkenluiders’ zoals haar beter te beschermen. ‘Ik voelde me erg alleen in deze strijd, maar nu weet ik: ik sta niet alleen. Daaruit haal ik veel steun.’

null Beeld Rein Janssen
Beeld Rein Janssen

Gebedsgenezers en Holocaustontkenners

Bik is niet de enige factchecker die onder vuur ligt. Pluis er de juridische historie op na en je stuit op een slagveld vol zaken die gebedsgenezers, Holocaustontkenners, pseudowetenschappers, fraudeplegers en talloze andere charlatans en leugenaars aanspanden tegen hun critici.

Neem bijvoorbeeld de beroemde zaak die Holocaustontkenner David Irving eind jaren negentig begon tegen historica Deborah Lipstadt van de universiteit Emory in de Verenigde Staten, omdat zij hem onder meer ‘gevaarlijk’ had genoemd en zijn werkwijze had bekritiseerd in haar boek Denying the Holocaust uit 1993.

De zaak werd in 2016 zelfs verfilmd als Denial met Rachel Weisz in de rol van Lipstadt. Irving klaagde haar aan voor smaad bij het Britse hooggerechtshof, etaleerde daar zijn aanstootgevende theorieën, viel experts aan met allerhande beschuldigingen, maar trok ondanks de opgevoerde show uiteindelijk aan het kortste eind. In 2000 won Lipstadt de zaak.

Of neem de bekende antivaxxer Andrew Wakefield, die in 2012 besloot te procederen tegen journalist Brian Deer, redacteur Fiona Godlee en het vakblad waarvoor zij werkten, het statige British Medical Journal. Ditmaal draaide het om een paar onwelgevallige artikelen, waarin Deer en Godlee het berucht geworden onderzoek van Wakefield dat vaccineren tot autisme leidt, bestempelden als fraude. ‘Smaad!’, riep Wakefield bij monde van zijn advocaat tegen de rechtbank. Niets aan de hand, was het eindoordeel van de rechter.

En zo gaat het meestal. De zaak van hiv-ontkenner en vitaminepilmagnaat Matthias Rath in 2008 tegen de wetenschapsjournalist Ben Goldacre en de krant The Guardian, nadat Goldacre zijn zorg had uitgesproken over de reclame die Rath in Zuid-Afrika maakte voor zijn vitaminepillen als alternatief voor aidsmedicijnen? Mislukt. O, en Rath moest ook de juridische kosten betalen, omgerekend een kleine 300 duizend euro. Chiropractors versus wetenschapsjournalist Simon Singh? Gesneuveld in hoger beroep (en de zaak leidde in het Verenigd Koninkrijk tot een aanpassing van de juridische regels rond smaad). Antivaxxer Barbara Loe Fisher tegen de Amerikaanse journalist Amy Wallace dan? Ook daar won de journalist.

De voorbeelden van over de hele wereld zijn schier eindeloos. Steeds weer trekt de klager aan het kortste eind of gooien beide partijen het op een akkoordje om verdere rechtsgang te voorkomen.

Logisch, zegt Jens van den Brink, partner bij advocatenkantoor Kennedy van der Laan, ervaren in dit soort zaken. ‘Deze klagers nemen meestal een loopje met de feiten. Dat ze niet vaak winnen is dan bovenal een teken dat ons juridisch systeem werkt’, zegt hij.

Maar: als de kans op winst niet groot is, waarom dan überhaupt beginnen? Simpel, zegt Van den Brink: intimidatie. De hoop dat al het juridisch wapengekletter de critici weer terug hun kooi in duwt. Er is zelfs een term voor dit soort zaken: SLAPP, heten ze in internationale juridische vakkringen, ‘Strategic Lawsuit Against Public Participation’, een rechtszaak bedoeld om critici de mond te snoeren.

De risico’s van dat soort rechtszaken zijn groot, zeker voor bloggers, sceptici of fraudebestrijders die hun werk doen als hobby of als éénpitter en geen groot bedrijf met diepe zakken achter zich hebben. ‘De rekening kan enorm oplopen, zeker wanneer een zaak wordt aangespannen in de Verenigde Staten of in het Verenigd Koninkrijk’, zegt Van den Brink. ‘Daar geldt het principe van discovery, waarbij je alle relevante informatie die je in je bezit hebt, moet overdragen aan de andere partij en omgekeerd. Voor je dat allemaal hebt geregeld, ben je soms al honderdduizenden euro's aan kosten verder.’

null Beeld Rein Janssen
Beeld Rein Janssen

‘Voortdurende domheid’

Daar kan Pepijn van Erp, bestuurslid bij stichting Skepsis, over meepraten. Die stichting verloor bijna een kwart miljoen euro aan een rechtszaak aangespannen door pseudowetenschapper Ruggero Santilli, een man die onder meer beweert onderzoek te doen naar ‘antimaterielicht’. Dat is aantoonbaar onzinnig: antimaterie bestaat inderdaad, maar licht van antimaterie is, nou ja... licht, omdat fotonen (lichtdeeltjes) hun eigen antideeltjes zijn. Er is dus niets bijzonders of magisch aan.

Maar toen Van Erp een blog plaatste waarin hij onder meer die antimaterielichtclaims ridiculiseerde – provocerende titel: The Continuing Stupidity of Ruggero Santilli (de voortdurende domheid van Ruggero Santilli) – kreeg hij even later een rechtszaak aan z’n broek. En niet alleen hij: ook de voorzitter van stichting Skepsis, astronoom Frank Israel (Universiteit Leiden) werd door Santilli aangeklaagd en beschuldigd van smaad en laster.

‘Dat was de voornaamste reden om ons toch maar te verdedigen’, zegt Van Erp. Waren ze bij verstek veroordeeld, dan had Israel misschien nooit meer voor een vakconferentie naar de VS kunnen vliegen. En dus namen ze een advocaat in de arm, begonnen aan de verdediging en zagen het geld zó snel wegvloeien dat ze via een crowdfundingactie om financiële steun moesten vragen.

Geld was uiteindelijk de reden om tóch te schikken, waarbij Van Erp de kop van zijn blogbericht aanpaste naar het overduidelijk sarcastische Florida Genius Now Sees Invisible ‘Entities’ (genie uit Florida ziet nu onzichtbare ‘wezens’). Santilli moest op zijn beurt beloven dat wanneer hij nog eens een rechtszaak tegen hen zou aanspannen, hij bij verlies de volledige kosten voor z’n rekening moest nemen.

‘Het lag erg voor de hand dat we deze rechtszaak zouden winnen, maar Santilli had dan ook weer de mogelijkheid gehad tot hoger beroep, met nóg meer oplopende kosten. Bovendien waren we er op deze manier eerder vanaf. Frank Israel kon de zaak achter zich laten, en ik hoefde niet naar de VS om te getuigen.’

Dit soort zaken worden tegenwoordig steeds vaker in het buitenland aangespannen. Elisabeth Bik, met Nederlands paspoort en woonachtig in de Verenigde Staten, moet zich straks wellicht verdedigen in Frankrijk. ‘Vervelend, natuurlijk, want ik weet niets van het Franse rechtssysteem’, zegt ze. ‘Alles werkt toch weer anders dan in Nederland of de Verenigde Staten.’

Volgens advocaat Van den Brink is de plek waar je wordt aangeklaagd meestal een kwestie van tactiek. Zo koos Holocaustontkenner Irving in zijn zaak tegen Lipstadt bewust voor het Verenigd Koninkrijk omdat de bewijslast daar bij de aangeklaagde ligt. Die moet bewijzen dat hij of zij géén smaad heeft gepleegd. In de Verenigde Staten ligt de bewijslast omgekeerd.

‘En in Duitsland staat Hamburg bijvoorbeeld bekend als plek waar het hof met z’n uitspraken erg anti-media is. Partijen kiezen er daarom voor dáár hun aanklacht in te dienen’, zegt hij vanuit zijn ervaring als advocaat voor veel kranten (waaronder de Volkskrant). ‘Het maakt dan niet uit dat de artikelen in het Nederlands verschijnen. Als de krant bijvoorbeeld op het station in de kiosk te koop is, mag je de zaak daar aanspannen.’ En omdat blogs, websites van kranten en platforms zoals PubPeer, waarop Bik haar kritiek publiceert, wereldwijd beschikbaar zijn, kan een aanklacht overal vandaan komen.

Afpersing

Bij Elisabeth Bik kwam de bal aan het rollen na een aantal van haar berichten op Twitter. Althans: dat denkt ze. Afgezien van uitlatingen van Raoult en zijn advocaat in de media, weet ze namelijk van niks. Ze heeft nog geen officiële uitnodiging ontvangen voor een rechtszaak. Geen brief, telefoontje of mailtje van een advocaat. Geen zaaknummer, of enige andere vorm van officiële communicatie.

Dat is volgens advocaat Jean-Frédéric Gaultier van advocatenkantoor Taliens gebruikelijk in het Franse rechtssysteem. ‘Ook advocaten hier in Frankrijk klagen daar geregeld over’, zegt hij. Een beschuldiging van ‘intimidatie en afpersing’ valt onder het strafrecht. En daarbij is de eerste stap een vooronderzoek door de procureur die moet beslissen of er überhaupt grond is voor een zaak.

Je kunt die fase het best vergelijken met een politieonderzoek, zegt Gaultier. Sterker nog: tijdens zo’n vooronderzoek wordt de politie vaak ingeschakeld om de verdachten, de getuigen en andere belanghebbenden te horen. ‘Dat maakt een aanklacht binnen het strafrecht erg intimiderend, maar je moet begrijpen dat ze op dit moment nog niet wordt vervolgd’, zegt hij.

Bik is tijdens dat vooronderzoek juridisch gesproken nog geen partij. En dus wordt ze niet op de hoogte gesteld. Dat gebeurt pas bij een eventuele vervolgstap, wanneer het vooronderzoek uitmondt in een officieel onderzoek door een onderzoeksrechter. Hoe vaak dat bij dit soort zaken gebeurt, is onbekend, zegt Gaultier. ‘Meestal komt over het vooronderzoek niets naar buiten. Je hoort er nu alleen iets van omdat er gelekt is naar de pers.’

In dat lekken ziet Van Erp een belangrijke aanwijzing dat het Raoult bij deze zaak niet te doen is om het traditionele intimideren. Hij ziet er bovenal een gewiekste poging in om de pr-oorlog te winnen in het volle zicht van zijn eigen achterban, zegt hij. ‘Ik denk dat hij vooral twijfel wil zaaien over de beschuldigingen van Bik. Dan helpt het als je met een rechtszaak kunt zwaaien.’

Onacceptabele strategie

Bik noemt het vooral opvallend dat ze níét is aangeklaagd voor laster. ‘Het is natuurlijk speculatie, maar ik denk dat Raoult dat niet durft. Omdat hij dan moet bewijzen dat mijn kritiek op zijn vakartikel inhoudelijk niet klopt.’

Voor Bik is het zonder officiële aanklacht nog gissen waar hij zijn beschuldiging van afpersing en intimidatie nu precies op baseert. ‘Ik vermoed dat het komt door mijn tweets aan Éric Chabrière. Hij vroeg mij steeds wie mij dan betaalt en insinueerde dat ik een soort lakei ben van de farmaceutische industrie. Toen ik antwoordde dat dat niet zo is en een link naar mijn Patreon-account gaf, een crowdfundingplatform, koos hij ervoor dat te interpreteren alsof ik hem wilde afpersen.’

De ethische commissie van het Franse nationale centrum voor wetenschappelijk onderzoek (CNRS), werkgever van PubPeer-beheerder Boris Barbour, die samen met Bik door Raoult is aangeklaagd, spreekt in een persbericht schande van de aanklacht tegen Bik en Barbour.

‘De klacht van Didier Raoult en Éric Chabrière volgt op een aantal bedreigingen van hen en van hun volgers op sociale media. Die acties zijn deel van een onacceptabele intimidatiestrategie’, schrijven ze. Ook stelt de commissie dat het kwalijk is dat kwesties van onderzoeksintegriteit tegenwoordig steeds vaker in de rechtszaal worden uitgevochten.

Toch is het maar de vraag of de poging van Raoult niet vooral averechts werkt. Zowel Bik als Van Erp verwijst naar het Streisand-effect, waarbij de poging om informatie te onderdrukken juist de aandacht op die informatie vestigt. Dat effect is vernoemd naar de zangeres Barbra Streisand, die ooit probeerde om de publicatie van een foto van haar huis in Malibu, California via de rechter te verbieden, maar daarmee juist de publieke aandacht voor dat huis aanwakkerde.

‘Toen er onlangs een nieuwe voorpublicatie van een van Raoults vakartikelen verscheen, ben ik er op Twitter opnieuw kritisch over geweest’, zegt ze. Ze is naar eigen zeggen nu extra gemotiveerd om hem te betrappen op broddelwerk of fraude. ‘Ik wilde vooral laten zien: ik ben er nog. Jullie plannetje gaat mooi niet werken.’

Hoe kun je als factchecker voorkomen dat je voor de rechter belandt?

Allereerst is het handig zelf ook een juridisch potje te hebben, zegt nepnieuwsonderzoeker en factchecker Peter Burger (Universiteit Leiden), die de website Nieuwscheckers runt. ‘Bij onze beroepsvereniging, het International Fact-Checking Network, is daarvoor in 2019 bijvoorbeeld een juridisch steunfonds opgericht’, zegt hij.

Volgens scepticus Pepijn van Erp is het als blogger belangrijk om op te passen hoe je iets zegt. ‘De term kwakzalver heeft bijvoorbeeld een juridische lading. Net als oplichter. Het suggereert dat mensen bewust de boel om de tuin leiden, terwijl veel van deze lui juist heilig geloven in hun eigen gelijk’, zegt hij. Met de juiste woorden is er altijd een manier om kritisch te zijn, zonder dat een aanklacht van smaad en laster kans maakt. ‘Dat sommige mensen het desondanks blijven proberen… dát kun je helaas niet voorkomen.’

Fraudedetective Elisabeth Bik probeert om in haar berichten en op sociale media altijd netjes, correct en feitelijk te blijven. Niet zelf de conclusie trekken dat iets fraude is, bijvoorbeeld, maar alleen laten zien wat er niet klopt. Geen frivole bewoordingen, maar feiten.

Volgens advocaat Jens van den Brink spelen sociale media een grote rol bij dit soort zaken. ‘Vrijwel altijd komt er minimaal één tweet voorbij in de aanklacht. Op dat platform, met die beperkte hoeveelheid tekens, kom je vanzelf wat minder genuanceerd uit de hoek’, zegt hij.

Maar: als je netjes de journalistieke principes volgt van hoor en wederhoor, ernstige beschuldigingen feitelijk onderbouwt en kunt laten zien dat je ervoor gekozen hebt onbevestigde zaken níét te publiceren, komt het in de regel wel goed. Zelfs wanneer je onverhoopt toch voor de rechter moet verschijnen.

Meer over