Eten we nu minder vlees of juist niet, dat is de kwestie

Verwarring in vleesland. Eten we nu wel of niet minder vlees als gevolg van de repeterende vleesschandalen? Ja, zeggen onderzoekers van de Katholieke Universiteit Brabant....

Kletskoek, menen de productschappen voor vee, vlees en eieren. Het vertrouwen van de consument in het stukje vlees is rotsvast. Dioxine in de kip of rioolslib in het veevoer veroorzaken weliswaar even een dip in de consumptie. Maar binnen de kortste keren is alles vergeten en eten we weer evenveel als voorheen.

Twee opdrachtgevers, twee uitkomsten. Het onderzoek van de KUB is uitgevoerd in opdracht van het blad Sla etcetera ('tijdschrift voor lekker eten zonder vlees'). Ruim 1500 mensen werden ondervraagd.

Uit het onderzoek blijkt dat bijna een kwart van de Nederlanders drie dagen per week geen vlees eet. Bijna 17 procent noemt zich 'vleesverlater', parttime vegetariër, vegetariër of veganist. Van de 10,9 procent die zegt minder vlees te eten, geeft 41 procent vleesschandalen als reden op.

Voor Sla zijn de uitkomsten een bevestiging dat minder vlees eten een onmiskenbare trend is. Dat onderzoeken van de productschappen voor vee, vlees en eieren steevast aantonen dat de vleesconsumptie stabiel blijft, kan maar één reden hebben, zegt N. Koffeman, die de supervisie had over het onderzoek voor Sla: de vleeslobby sjoemelt met de cijfers.

'Laat ik het zo zeggen: ik denk dat ze erg romantisch met de werkelijkheid omgaan. Iedereen hoort in zijn omgeving dat de twijfels over vlees toenemen. Alle onderzoeken geven aan dat het aantal mensen dat minder vlees eet, groeit. Behalve die van het productschap.'

Woordvoerder J. Kats van de productschappen vindt de suggestie dat de vleessector de cijfers manipuleert, 'heel vervelend'. Hij zal niet ontkennen dat de sector belang heeft bij gunstige cijfers. 'Maar een prettige uitkomst wil nog niet zeggen dat je de kluit belazert. Wij doen dit onderzoek al jaren met een vast panel van 4400 gezinnen.'

Kats heeft wel een mogelijke verklaring voor de opmerkelijke verschillen. Het kan zijn dat het KUB-onderzoek net is uitgevoerd op een moment dat er wat aan de hand was. Ook acht hij het mogelijk dat de ondervraagden wenselijke antwoorden hebben gegeven. 'Als je bijvoorbeeld vraagt of mensen scharrelvlees goed vinden, zegt iedereen ja. Maar bijna niemand koopt het.'

Meer over