Een reuzensprong, maar waarheen?

Veertig jaar nadat de eerste mens een voet op de maan had gezet, is het onzeker of de bemande ruimtevaart nog toekomst heeft....

WASHINGTON ‘Omega, het eerste en enige horloge dat ooit op de maan is gedragen’, meldt het reclamespotje trots. Het is vandaag veertig jaar geleden dat de eerste mens voet op de maan zette, en de commercie haakt in.

Maar waarom is Omega het enige horloge op de maan gebleven? Omdat het spectaculaire project om een mens op de maan te zetten, in 1961 zo zelfverzekerd aangekondigd door president Kennedy, geen vervolg kreeg. Al in 1972 verliet de laatste Amerikaan de maan. Sindsdien is geen mens verder gekomen dan de inmiddels vertrouwde baan om de aarde.

Neil Armstrong, de eerste man op de maan, onderbrak zondag zijn kluizenaarsbestaan om ter gelegenheid van het jubileum te spreken in het ruimtevaartmuseum in Washington. Iedereen kent zijn zin op 20 juli 1969: ‘Een kleine stap voor de mens, maar een reuzensprong voor de mensheid.’

Maar veertig jaar later overheerst de vraag: een reuzensprong waarheen? De NASA is ‘niet langer de trotse avant-garde van nieuwe technologieën’, schrijft ruimtedeskundige Piers Bizony in de Washington Post, ‘maar misschien wel de wankele beheerder van museumrelieken’.

Het Amerikaanse ruimteagentschap wijst op wat er wel allemaal is verricht: de spaceshuttles, het internationale onderzoeksstation, de verkenningstochten van de Rover op Mars, de ruimtetelescoop Hubble. Er is een plan om in 2020 terug te keren naar de maan.

Maar dit is weinig vergeleken met de bases op de maan en de bemande vluchten naar Mars en Jupiter waarvan in 1969 werd gedroomd. Hoogleraar Michael Griffin, een ex-NASA man, vergelijkt het jubileum met de veertigste verjaardag van Lindberghs vlucht over de oceaan, waarop duizenden gewone passagiers dezelfde route vlogen in verkeersvliegtuigen.

Maar bemande ruimtevaart heeft geen direct economisch nut, is extreem moeilijk en heel duur. De Amerikanen stonden binnen acht jaar op de maan om de Russen te verslaan in de ‘space race’. De ruimte zelf interesseerde Kennedy nauwelijks. De steun van het publiek voor de enorme uitgaven was altijd beperkt. Al voor Armstrong op de maan landde, werd de kraan dichtgedraaid, omdat de VS een dure oorlog uitvochtten.

Op de veertigste verjaardag zijn er oproepen om opnieuw een reuzensprong te maken. Als wij niet langer het belang begrijpen van het uitbreiden van de menselijke grenzen, ‘kunnen we er zeker van zijn dat anderen dat doen’, schrijft Griffin, verwijzend naar de ruimteplannen van Rusland, China en India. Buzz Aldrin, de tweede man op de maan, pleit voor een permanente basis op Mars.

Maar het ziet er niet naar uit dat Amerika nog een keer zo’n inspanning kan leveren als in de Koude Oorlog. De NASA, die toen 4,5 procent van de federale begroting consumeerde, krijgt nu minder dan 1 procent. President Obama gebruikte Kennedy’s maanvisioen slechts in campagnetoespraken. In maart zei hij dat de NASA ‘op drift’ is geraakt. Een commissie onderzoekt of er nog toekomst zit in bemande ruimtevaart.

Grandioze projecten lijken in deze tijden uitgesloten. De NASA laat weten dat het jaar 2020 voor de terugkeer naar de maan waarschijnlijk te ambitieus is, wegens geldgebrek. Omega kan zijn reclameleus dus voorlopig handhaven.

Meer over