'Een Prognathodon zou te gek zijn'

Met zijn kaaklijn van anderhalve meter moet hij 65 miljoen jaar geleden een maritieme moordmachine zijn geweest. Karakteristiek aan de Prognathodon waren zijn vier naar buiten stekende voortanden - alsof het bloeddorstige reuzenreptiel altijd trek leek te hebben....

Mogelijk heeft het dier rondgezwommen in de oeroceaan op de plek waar nu Zuid-Limburg ligt. Twee jaar geleden vonden paleontologen de mosasauriër (de wetenschappelijke naam voor mosasaurus) in de mergelgroeve van cementfabriek ENCI in Maastricht. Het fossiel werd uitgegraven en overgebracht naar het Natuurhistorisch Museum in de stad. Maar de inmiddels deels blootgelegde botten en schedelpartij hebben nog niet alles prijsgegeven. Want om welk sóort Maashagedis gaat het hier?

'We zijn er nog niet uit', zegt paleontoloog J. Jagt van het museum, waar het fossiel op dit moment wordt geprepareerd. Jagt gaat voorlopig uit van een Prognathodon, een primitieve soort uit de familie der mosasauriërs. Een fossiel van een Prognathodon is nog nooit in Nederland gevonden. Dat was wél het geval met de iets grotere Mosasauriër Hoffmanni, een soort waarmee de onderzoekers aanvankelijk van doen dachten te hebben.

Jagt: 'Ik zou het te gek vinden als het inderdaad een Prognathodon is. Die fossielen zijn namelijk ook in Europa vrij zeldzaam. Alleen in het Belgische Mons is er een in 1885 opgegraven.' Van het skelet is ongeveer 40 procent intact; het zal na preparatie een goed beeld geven van het veertien meter lange dier.

Wel ontbreekt eenvijfde deel van de schedel, het meest indrukwekkende aan een mosasauriër. De voorkant van de bek is deels weggegraven door een ENCI-bulldozer, overigens lang voordat het eerste werveltje van de mosauriër werd ontdekt. 'Je kunt dat dus niemand verwijten', zegt Jagt. Maar jammer is het. De paleontoloog probeert er maar niet aan te denken dat de punt van de bek en de karakteristieke voortanden in de cementoven zijn terechtgekomen. 'Die zitten nu waarschijnlijk verwerkt in een nieuwbouwhuis.'

Het blootleggen van de schedel is een monnikenklus. Preparateur H. Peeters van het Natuurhistorisch Museum is er sinds september vorig jaar mee bezig. Met mesjes, kwastjes en tand artsgereedschap verwijdert hij dagelijks niet meer dan enkele centimeters mergel. Peeters: 'Het bot is erg broos, je moet verschrikkelijk goed uitkijken. Het museum wil het fossiel volgend jaar maart tentoonstellen. Maar ik weet niet of ik dat haal.'

Meer over