Een mug die je ziek kan maken, maar dat niet doet

Een vreemde mug die enge ziekten kan verspreiden: wat doe je daarmee?..

In de buitenbanden zaten honderden larven. Tientallen volwassen muggen vlogen eromheen. Dat was de toestand die onderzoekers van het Centrum voor Monitoring van Vectoren van de Plantenziektekundige Dienst in augustus en september van dit jaar aantroffen bij twee importeurs van tweedehands vliegtuig-, tractor- en andere grote banden op niet nader genoemde locaties in Noord-Brabant. Ze ontdekten er een voor Nederland nieuwe exotische mug: de Ochlerotatus atropalpus. Al eerder, in 2005 en 2008, was er ophef ontstaan over de vondst van de invasieve exotische tijgermug in kassen waar de plant Lucky Bamboo werd geteeld. Het beestje werd succesvol bestreden.

De tijgermug is een potentiële ziekteverspreider. Is de Ochlerotatus atropalpus dat ook? De mug, afkomstig uit Noord-Amerika, wordt wel in staat geacht virusziekten over te brengen die hersenontstekingen (encefalitis) kunnen veroorzaken bij mens en dier. Maar volgens wetenschappers is dat nog nooit gebeurd. ‘Hij kan het wel, maar hij doet het niet’, zegt de entomoloog Ernst Jan Scholte van de Plantenziektekundige Dienst in Wageningen.

Scholte schreef samen met andere Nederlandse onderzoekers een artikel over de muggenvondst in Eurosurveillance, een tijdschrift over infectieziekten. Het Platform Stop invasieve exoten pakte de publicatie op en verspreidde afgelopen week een alarmerend persbericht onder het kopje ‘Vondst nieuwe gevaarlijke mug verzwegen’. Scholte vindt dat overdreven.

In 2000, een jaar na een grote uitbraak van het West-Nijlvirus, met tientallen dodelijke slachtoffers in Noord-Amerika, werd er in deze gebieden één besmette O. atropalpus-pool gevonden op een totaal van 515 pools van veertien muggensoorten, die met het virus waren vervuild. Tot afgelopen zomer was de mug buiten Noord-Amerika alleen aangetroffen in Italië en Frankrijk. Daar werd hij onmiddellijk verdelgd. Nederland is nog niet zover.

In Noord-Brabant waren de onderzoekers op zoek naar de tijgermug toen ze de Ochlerotatus atropalpus ontdekten. ‘Van de verzamelde larven moet nog worden bepaald of het om de O. atropalpus gaat’, zegt Scholte.

Hij zegt dat ook de directe omgeving van de twee bedrijven is onderzocht, maar dat de mug daar niet is gevonden. ‘De O. atropalpus wordt niet beschouwd als een belangrijke drager van infectieziekten. Alleen in het laboratorium blijkt hij in staat om virusziekten over te brengen die tot hersenontstekingen kunnen leiden. Maar in de praktijk doet hij dat niet. Het is ook een soort die voor zijn eerste eilegsel geen bloedmaaltijd nodig heeft, zoals de tijgermug en de malariamug. Dat maakt hem minder gevaarlijk.’

Blijft die ene besmette muggen-pool in Noord-Amerika. ‘Het ministerie van VWS beschouwt deze mug als een ongewenste invasieve soort vanwege zijn mogelijke rol in het verspreiden van infectieziekten’, zegt Scholte. ‘Ik zou er zelf ook voor pleiten om hem te bestrijden tot hij uit Nederland verdwenen is, zeker als het in het komende voorjaar weer wat warmer wordt.’

Waarom niet meteen? ‘In Nederland mag je volgens de wet buiten niet aan muggenbestrijding doen, zoals in Frankrijk. Daar moeten nu dus plannen voor worden gemaakt.’

Wilfred Reinhold van het Platform Stop invasieve exoten vindt dat je met dit soort muggen geen risico mag nemen. ‘Je moet ze meteen aanpakken. Dan kun je denken aan overdekte opslag van buitenbanden, zodat ze droog blijven en die larven geen kans krijgen. En je kunt bacteriële bestrijdingsmiddelen inzetten. Ik vind het niet goed dat de overheid de vondst van deze muggen heeft verzwegen. VWS had openheid van zaken moeten geven en een persbericht moeten laten uitgaan: deze mug is daar en daar gevonden, er is misschien enig risico, maar vooralsnog geen gevaar – zoiets.’

Scholte: ‘De locaties zijn met opzet niet bekendgemaakt om te voorkomen dat er paniek uitbreekt, zoals destijds ten onrechte is gebeurd bij de tijgermug. Je moet dit eerst weloverwogen onderzoeken voordat je er iets zinnigs over kunt zeggen. En daar zijn we nu mee bezig.’

Meer over