Gynaecologie

Doet u mij alstublieft een meisje: is geslachtskeuze een eerste stap naar designerbaby’s?

Sommige mensen met een kinderwens hebben een sterke voorkeur voor een zoon of dochter. In Nederland kunnen zij niet terecht, in het buitenland soms wel. ‘Geslachtskeuze zal steeds normaler worden.’

null Beeld Vilain & Gai
Beeld Vilain & Gai

‘Ik houd zielsveel van mijn jongens, maar ik voel een groot gemis: ik wil ook een meisje.’ Sophie (33) wilde het liefst een gezin met twee kinderen: een jongen en een meisje. Na het krijgen van vier zoons is haar verlangen naar een dochter zo groot dat het zwaar op haar gemoed drukt. ‘Ik wil alleen een vijfde kind als ik zeker weet dat het een dochter wordt.’

‘Als het maar gezond is.’ Dit is het meestgehoorde antwoord op de vraag aan aanstaande ouders of ze een jongen of een meisje willen. Toch hebben de meeste ouders wel een voorkeur, maar lang niet iedereen is zo openhartig als Sophie – en zelfs zij wil niet met haar echte naam in de krant (die is wel bekend bij de redactie).

Socioloog Katia Begall bevestigt: ‘Er rust inderdaad een groot taboe op het uitspreken van een geslachtsvoorkeur.’ Begall is universitair docent aan de Radboud Universiteit en deed onderzoek naar geslachtsvoorkeur in West-Europa. ‘We zien in de eerste plaats een voorkeur voor een gezin met zowel een jongen als een meisje. Maar als het gaat om het krijgen van een derde kind, dan zien we iets opvallends. Ouders van twee jongens kiezen vaker voor een derde kind dan ouders van twee meisjes.’ Begall noemt dit de preferentie voor meisjes.

Begall denkt die meisjesvoorkeur te kunnen verklaren: ‘Van dochters weten we dat ze meer emotionele verzorging bieden en meer contact houden met hun ouders dan zoons. En die verzorging als je oud bent is een belangrijke drijfveer. Tel daarbij op dat vrouwen in westerse landen veelal een inkomen hebben en er geen bruidsschat hoeft te worden betaald.’

Embryoselectie

De socioloog benadrukt dat het in West-Europa niet gaat om extreem sterke trends. ‘De meeste mensen willen heus geen huis vol meisjes. De aloude wens voor een mannelijke stamhouder heeft plaatsgemaakt voor een voorkeur voor een ‘koningskoppel’, of in elk geval een gezin met kinderen van beide geslachten.’ En bij sommige mensen is die wens zo sterk dat ze hun lot in eigen handen nemen.

Geslachtskeuze is technisch gezien op drie manieren mogelijk. Een daarvan is pre-implantatie ­genetische diagnostiek (PGD), een vorm van embryoselectie die in populariteit lijkt toe te nemen. ‘De interesse is verdrievoudigd ten opzichte van vorig jaar,’ vertelt Bert van Delen, programmadirecteur van de Genderkliniek. ‘Momenteel ontvang ik gemiddeld elke dag wel een aanvraag.’

Van Delen begeleidt stellen en coördineert de stappen in het behandelproces van begin tot eind. Het voortraject met echo’s, bloedonderzoek en hormoonbehandelingen vindt in Nederland plaats. De eicelpunctie en de terugplaatsing van het embryo vinden plaats in een kliniek in het buitenland. Ook nu, tijdens de pandemie.

Geslachtskeuze met PGD is in Nederland en de meeste Europese landen alleen toegestaan bij een medische reden. Niet overal geldt deze beperking. In de Verenigde Staten is de vruchtbaarheidsindustrie grotendeels ongereguleerd en als gevolg daarvan is het een populaire bestemming voor niet-medische geslachtskeuze met PGD. Ook Noord-Cyprus trekt veel medisch toerisme voor dit doel. De niet-erkende Turkse republiek is een juridische ‘grey zone’ waar tientallen commerciële vruchtbaarheidsklinieken geslachtskeuze aanbieden. Ook in de Verenigde Arabische Emiraten geldt geen verbod en Dubai lijkt dan ook bezig met een opmars in de toerismemarkt voor ‘family balancing’.

Of het nu je eerste of je vijfde kind is en of je het nu geslachtskeuze noemt of family balancing: zo’n ivf-behandeling vergt meer dan alleen een ijzersterke motivatie. Niet alleen moet je een hele medische molen doorlopen, met vooronderzoeken, hormooninjecties en een onaangename eicelpunctie. Het kost ook een flinke som geld. Een behandeling in Cyprus is met zo’n 10 duizend euro relatief goedkoop. In de Verenigde Staten gaat het al snel om 18 duizend dollar per ivf-behandeling.

null Beeld Vilain & Gai
Beeld Vilain & Gai

Sophie kiest voor een behandeling in Noord-Cyprus. Hoewel ze wegens een onlangs ontdekte erfelijke ziekte ook in Nederland in aanmerking komt voor PGD, wachtte haar een teleurstelling. ‘Mijn erfelijke aandoening staat los van het geslacht, waardoor ik niet mag kiezen voor een meisje. Als ik toch die intensieve PGD-behandeling onderga, en ik heb al vier jongens, waarom mag ik dan niet voor een meisje kiezen?’

Medische middelen

Het verbod op geslachtskeuze ligt sinds 1998 vastgelegd in artikel 26 van de Embryowet. Dat verbod kwam er niet zomaar. De directe aanleiding was de ophef over de Utrechtse kliniek waarmee Bert van Delen tussen 1995 en 1998 geslachtskeuze middels spermaselectie aanbood. De afkeer, uitingen van intuïtief ongemak en principiële bezwaren vanuit religieuze hoek waren niet van de lucht: een baby maak je niet, die krijg je.

De tegenstand is er 23 jaar later nog steeds. Van alle deskundigen reageren de medici het felst. Hoogleraar verloskunde Jan van Lith en hoogleraar klinische genetica Christine de Die-Smulders zijn er beiden duidelijk over: ‘Wij zijn er voor medische problemen en geslacht is geen medisch probleem. Je zou hiervoor niet de medische middelen en faciliteiten moeten willen gebruiken.’

Het tegenwicht dat Guido Pennings, hoogleraar ethiek aan de Universiteit van Gent, aan dit argument biedt is van een heel andere orde. ‘Dat artsen er zijn om ziekte te voorkomen is ongetwijfeld een geldig argument. Maar waarom is dat het enige aanvaardbare argument? Waarom kunnen we niet een bepaalde vorm van vrijheid geven aan mensen in specifieke omstandigheden?’

Pennings vervolgt: ‘Mensen die graag een groot gezin willen, kiezen een bepaalde gezinssamenstelling. Komt iemand voor ivf voor een achtste of negende kind, dan doen we daar over het algemeen niet moeilijk over. Maar als het over geslacht gaat, dan is het plots een breekpunt.’

‘Met artikel 1 van de Grondwet hebben de tegenstanders van niet-medische geslachtskeuze een heel sterk argument’, stelt Peter-Paul Verbeek, techniekfilosoof en hoogleraar aan de Universiteit Twente. ‘Zij stellen: als je het geslacht kiest, zeg je daarmee dat je het ene geslacht waardevoller vindt dan het andere.’

Morele plicht

Pennings vindt dat in het geval van family balancing anders: ‘Dan zijn er al kinderen. Men kiest voor het andere geslacht en niet voor een specifiek geslacht.’ Verbeek filosofeert hierop door: ‘Zo beredeneerd en vanuit het idee dat iedereen even belangrijk is, zou de mogelijkheid van geslachtskeuze ons in feite verantwoordelijk maken voor de balans tussen vrouwen en mannen in een gezin. Zo kun je geslachtskeuze zelfs zien als een basis voor gendergelijkheid, misschien zelfs als een morele plicht.’

Verbeek plaatst hier tegenover dat geslachtskeuze betekent dat ouders ingrijpen in de identiteit van hun kinderen, terwijl het belangrijk is dat een kind de ruimte krijgt om diens persoonlijke identiteit te ontwikkelen. Pennings is het daarmee eens, maar vindt dat een onderwerp dat boven de geslachtskeuzediscussie uitstijgt: ‘Sekse-stereotypen zijn er overal, ook bij mensen die het geslacht niet kiezen.’

Sophie ziet dat ook. ‘Zoveel verschillen worden normaal gevonden. Als mensen een make-upfeestje organiseren voor hun dochter en met hun zoon gaan lasergamen, wordt dat normaal gevonden. Jongens- en meisjesafdelingen in de grote speelgoedwinkels: ook dat wordt normaal gevonden. Ik zie niet in waarom mijn wens zo fout zou zijn. Ik wil graag ook een dochter, omdat ik graag de moeder-dochterband wil voelen.’

Gaan we naar een toekomst met ‘designerbaby’s’? Als we geslachtskeuze niet meer zo’n probleem vinden, welk verhaal hebben we dan als mensen een blond kind met blauwe ogen willen? Deze veelgehoorde zorgen raken bij Verbeek een snaar. ‘Het is een ingrijpende technologie, maar wel van een heel andere orde. Bij geslachtskeuze verander je nog niet het dna.’

Spermaselectietechniek

De techniekfilosoof ziet de grens tussen natuurlijk en kunstmatig steeds verder opschuiven. Hij illustreert: ‘Stel dat we per toeval ontdekken dat seks op even dagen tot een jongetje leidt en op de oneven dagen tot een meisje, dan zeggen we: dat hoort bij de natuur. Maar als je daar technologie bij nodig hebt, dan ziet men dat anders.’

Verbeek acht de kans reëel dat de discussie over geslachtskeuze compleet zal veranderen. ‘Het is denkbaar dat er de komende decennia een betrouwbare en betaalbare spermaselectietechniek beschikbaar komt. Die zal dan in eerste instantie aanvaardbaar zijn bij erfelijke aandoeningen die sterk aan geslacht gekoppeld zijn, zoals de ziekte van Duchenne.’ Het zou Verbeek niet verbazen als de maatschappelijke discussie daardoor gaat schuiven. ‘Misschien koop je straks een spermaselectie-apparaatje voor 10 euro bij de drogist, of online. Jezelf insemineren is wellicht niet zo romantisch, maar daaromheen zou ook een heel nieuw slaapkamerritueel kunnen ontstaan.’

Als geslachtskeuze bij sommige ziekten een aanvaardbare techniek zou worden, zal het verbod erop volgens Verbeek steeds verder achterhaald raken. ‘Geslachtskeuze zal steeds normaler worden. En dat zal invloed hebben op ons verantwoordelijkheidsgevoel. Net als Sophie heb ik vier zonen. In de toekomst zal men misschien zeggen: ‘Waarom heb je geen dochters? Heb je een hekel aan vrouwen?’ De ethische kaders zullen dan gaan schuiven. Van het lot naar onze verantwoordelijkheid.’

Bang voor ‘Chinese praktijken’ en een demografische disbalans is Verbeek niet direct. ‘Het is niet vanzelfsprekend dat dat gebeurt, omdat we weten dat veel mensen juist streven naar genderbalans in het gezin. Dit is uiteraard wel iets om nauwlettend in de gaten te houden en ethisch te blijven begeleiden. We moeten inzien dat het hier niet alleen gaat over de techniek, maar ook over de moraal die impliciet meekomt met die techniek. Nu kunnen we die nog meevormen.’

Drie manieren om geslacht van kind te sturen

-Een zeer controversiële manier van geslachtsselectie is abortus. In landen als India en China worden nog steeds meisjesfoetussen geaborteerd wegens de sterke voorkeur voor jongens. Volgens het Nederlands Genootschap van Abortusartsen komt abortus wegens het geslacht in Nederland nauwelijks voor.

-De minst controversiële manier van geslachtsselectie is spermaselectie. Een meisjes-spermacel is een fractie zwaarder dan een jongens-spermacel. Het sperma wordt gekleurd en met een laser geselecteerd. In de meeste landen is het een verboden procedure, vanwege de twijfels over de veiligheid op lange termijn. De kans op het gewenste geslacht is bovendien ‘maar’ zo’n 80 procent. Wetenschappers schatten in dat er over tien tot vijftien jaar een veiligere techniek ontwikkeld zal zijn.

-Bij pre-implantatie genetische diagnostiek (PGD) wordt een cel van het embryo afgenomen om genetische afwijkingen op te sporen. Het kan ook gebruikt worden om het geslacht vast te stellen. Met behulp van ivf wordt het gewenste (gezonde) embryo teruggeplaatst in de baarmoeder. In Nederland is geslachtskeuze met deze procedure alleen toegestaan bij een medische reden, zoals een erfelijke ziekte die gelinkt is aan het geslacht. De spierziekte Duchenne is hier een voorbeeld van. De kans op het juiste geslacht is nagenoeg 100 procent, maar de kans om zwanger te raken is per behandeling gemiddeld zo’n 20 procent.

Meer over