Deeltijd-arts eerst op proef

Een van de laatste conservatieve bastions, het ziekenhuis, brokkelt af. Eerste is het Academisch Medisch Centrum (AMC) in Amsterdam. Op inwendige geneeskunde begint per 1 april, volgende week zaterdag, een deeltijdprogramma voor zes assistenten in opleiding....

Carine Damen

NOG NIET lang geleden leefde de huisarts in een glazen huis. Dag en nacht was hij beschikbaar. Dat hoorde er bij. Tegenwoordig is de dokter geen notabele meer maar iemand met een gewone baan. De oorzaak van die statusverlaging ligt in het feit dat veel vrouwen hun intrede hebben gedaan in de beroepsgroep. En vrouwen willen vaak parttime werken, vooral als ze kinderen hebben.

'Een vrouwelijke artsassistente wilde ontslag nemen omdat ze de werkdruk te zwaar vond. We werken nu 48 uur per week, wat al laag is naar artsenmaatstaven. De opleider vond dat jammer en heeft dit toen aangegrepen om eens ernst te maken met die deeltijdopleiding.'

Djuna Cahen is voorzitter van de vereniging van artsassistenten inwendige geneeskunde in opleiding in het AMC. Met twee andere assistenten ging ze na wat de mogelijkheden waren voor een parttime opleiding op hun afdeling. 'We willen de werkzaamheden zo plannen dat er per week ongeveer veertig uur in vier dagen wordt gewerkt. Dat vereist dus een alternatief programma.'

De werktijden in het ziekenhuis zijn al zo'n jaar of acht onderwerp van discussie. Tot begin jaren negentig was het niet ongewoon dat artsassistenten werkweken van zeventig uur draaiden en soms 36 uur aan een stuk doorgingen. Hoewel de Arbeidswet hieraan in 1993 een einde maakte, heerst er in veel ziekenhuizen nog steeds de machomentaliteit dat specialisten alleen goed zijn als ze lang en hard werken.

De verantwoordelijkheid van een arts is immers een groot goed in de medische beroepscultuur, concludeerden onderzoekers. Een arts hoort alles te weten en dient alles zelf in de hand te hebben. Dat kan niet meer als je in deeltijd werkt, want dat betekent automatisch meer werk overdragen aan collega's. Een goede arts doet alles zelf, is de opvatting.

'Deeltijd werken vergt offers', geeft Peter Speelman, waarnemend opleider inwendige geneeskunde in het AMC, toe. 'De continuïteit van de zorg kan in gevaar komen. Patiënten bespreken een ernstige diagnose met een zaalarts, bijvoorbeeld dat ze kanker hebben en moeten de volgende dag weer met een ander verder. Dat vinden ze vervelend. Daarnaast bestaat er een hoger risico op fouten. Bij elke overdracht kan de vertrekkende arts iets specifieks vergeten waardoor er zaken mis gaan.'

Toch lieten Speelman en collega's op de afdeling inwendige geneeskunde zich overtuigen dat zij met hun tijd moesten meegaan. Van de specialisten in spe is immers de laatste jaren steeds de helft vrouw. 'En die krijgen kinderen. Dan kun je niet meer eisen dat er fulltime gewerkt wordt', meent Speelman. 'Ik vind deeltijd werken een logische, maatschappelijke ontwikkeling die we beter in goede banen kunnen leiden dan dat we wachten tot goede artsassistenten gewoon opstappen.'

Het AMC lijkt met deze opvatting een liberaal eilandje in een zee van grijs conservatisme. Navraag leert dat in de academische ziekenhuizen in Groningen, Leiden en Rotterdam deeltijdwerken voor artsassistenten eigenlijk onmogelijk is. Ook opleidingscoördinator J. van der Vijver van het Haagse ziekenhuis Leijenburg ziet het totaal niet zitten. 'Stel dat een dokter aan het opereren is en hij moet ineens de operatie afbreken omdat zijn tijd erop zit.'

En dat terwijl deeltijd-werken al jaren wettelijk geregeld is, volgens de richtlijnen van de Specialisten Registratie Commissie (SRC). Het eerste en laatste jaar moeten wel voltijd worden gedraaid, omdat de assistenten dan 'op zaal' werken en de drukke en variabele werkzaamheden continue beschikbaarheid eisen. Maar de tussenliggende vier jaar, waarin assistenten onder andere op de polikliniek werken, waar patiënten op afspraak komen, kunnen parttime worden gevolgd. Deze regels kan elk ziekenhuis op eigen wijze toepassen. Bij inwendige geneeskunde op het AMC moeten parttimers de eerste twee jaar van de opleiding en de zaalstages fulltime volgen.

En daarnaar heeft driekwart van de artsassistenten inwendige geneeskunde wel oren, blijkt uit de enquête die Cahen met twee collega's onder 39 assistenten hield. Als reden gaf 90 procent (van wie de helft mannen) op dat ze die vijfde dag voor 'toekomstige' kinderen wilden zorgen. Artsassistent Pieter Stokkers is één van hen. Hij begint per 1 oktober met de deeltijdopleiding omdat hij een dochter van één jaar heeft.

'Ik vind dat de patiënt juist onder het huidige werkschema lijdt. Na zes uur 's avonds komt de zorg op een laag pitje te staan, als de fulltime werkende zaalarts naar huis gaat. Als artsen volgens eenzelfde blokschema zouden werken als de verpleging, namelijk drie blokken van acht uur per etmaal, dan kan het ziekenhuis dag en nacht doordraaien.'

Toch betekent deeltijd werken ook minder ervaring opdoen, zeggen tegenstanders. 'Wie een halve dag werkt, doet toch niet voor 50 procent ervaring op en zal later als specialist en eindverantwoordelijke meer fouten maken', vindt een artsassistent chirurgie die anoniem wil blijven. 'Natuurlijk zou ik het ook doen, als het zou kunnen, want ik word binnenkort vader. Hoe slecht ik het ook vind, de verleiding zou te groot zijn.'

In het VU-ziekenhuis kan het wel, al jaren, bij de opleiding inwendige geneeskunde, zegt professor Jan van der Meer. 'Van de 27 assistenten volgen vier de opleiding parttime, allen vrouwen.' Wel moesten ze het zelf met de afdelingshoofden regelen. Een apart programma, zoals het AMC nu maakt, bezit de VU niet.

Van der Meer is daarvan ook geen voorstander. 'De patiënten lijden onder deeltijdwerk van artsen. Bovendien duurt de deeltijdopleiding te lang, fulltime is het al zes jaar. Maar we laten wel toe dat artsassistenten het doen. We willen geen goede vrouwelijke artsen verliezen.' Het AMC slaat dus als eerste een bres in het conservatieve ziekenhuisbastion.

Toch wil Speelman van niet meer dan 'een bescheiden stap in de goede richting', reppen. 'Er zijn nog zoveel problemen niet opgelost, bijvoorbeeld crechetijden die assistenten per deelafdeling moeten afspreken.' De tendens is evenwel onomkeerbaar, weet Speelman. ' Want in de toekomst dreigt een tekort aan artsen, als we nu niet snel meer assistenten gaan opleiden.'

Meer over