inzicht

De Vietnamese bosschorpioen hoeft niet meer te sterven voor de wetenschap

Kim Bakker
Vietnamese bosschorpioen (Heterometrus laoticus). Beeld Getty
Vietnamese bosschorpioen (Heterometrus laoticus).Beeld Getty

Met zijn gifstekel hoog in de lucht en zijn klauwen opzij heeft deze Vietnamese bosschorpioen maar één doel: imponeren.

Tevergeefs. Althans, wanneer het dier op de onderzoekstafel belandt van een gifonderzoeker die zijn genen wil bestuderen. Daarvoor is weefsel nodig dat niet kan worden verzameld zonder het dier te doden.

Een onderzoeksgroep onder leiding van Freek Vonk en Arie van der Meijden ontwikkelde een nieuwe methode waarbij het dier in leven blijft. De studie verscheen donderdag in het wetenschappelijke tijdschrift Plos One.

De benodigde cellen blijken namelijk terug te vinden in het gif zelf. Dat kunnen de onderzoekers ‘melken’ zonder het dier te doden.

Dat is goed nieuws. Niet alleen spaart het schorpioenenlevens, het opent ook deuren naar allerlei nieuwe onderzoeken. Zo wordt het gif ingezet bij behandelingen van hersentumoren en is het essentieel voor de ontwikkeling van tegengif.

Overigens ziet deze Vietnamese bosschorpioen er gevaarlijker uit dan hij is. Zijn steek is voor een mens niet gevaarlijker dan een flinke bijensteek, áls hij al aanvalt. Liever bewaart hij zijn gif voor later, zodat hij bij een onverwachte aanval niet onverhoopt zonder zit.

Meer over