biologie

De nationale vogel verlaat Nederland. Is de grutto nog te redden?

Het is nu of nooit voor de grutto in Nederland. Een aanvalsplan is de laatste strohalm voor de nationale vogel. Of dat ‘de koning van de weide’ zal redden?

null Beeld Getty Images/iStockphoto
Beeld Getty Images/iStockphoto

Nog maar zes jaar geleden werd de grutto, die roestige weidevogel op hoge poten, uitgeroepen tot onze Nationale Vogel, na een verkiezing georganiseerd door Vogelbescherming Nederland en het radio- en tv-programma Vroege Vogels. Het stond er ook toen al niet best voor met de vogel, maar nu ‘zou het zomaar kunnen dat Nederland deze eeuw het eerste land ter wereld wordt met een uitgestorven nationale vogel’. Dat schrijft Gerrit Gerritsen, levenslang onderzoeker en beschermer van de boerenlandvogel, in zijn boek De hooivogel, geheel gewijd aan de grutto.

De werdegang van de weidevogel is bekend. De grutto vliegt hard achteruit. Eind jaren zeventig lag het aantal broedparen in Nederland rond de 140 duizend. Nu ligt dat aantal rond de 25 duizend. Elk jaar neemt de populatie met zo’n 5 procent af. En dat is zonde, want meer dan 90 procent van de Europese grutto’s zat in dat kleine Nederland, waar natte, kruidenrijke weidegebieden het boerenland tekenden.

Door intensievere landbouw, eenvormiger grasland dat steeds vroeger gemaaid wordt, door waterbeheer (met lagere waterstanden om landbouwgrond toegankelijk te maken voor de steeds zwaardere machines) en door klimaatverandering (door warmte en droogte kunnen weidevogels steeds moeilijker aan regenwormen komen) wordt het de grutto langzaamaan onmogelijk gemaakt nog te overleven. De jubelkreet van de grutto, een lentebode die zijn eigen naam roept, is nu alleen nog te horen in enkele natuurgebieden en de kleine landjes van ‘weidevogelvriendelijke’ boeren, die op kleine projectbasis hun land geschikt houden voor de weidevogels (zie verspreidingskaartje).

Aanvalsplan

Vele malen hebben beschermers en organisaties geprobeerd het tij te keren voor de weidevogels als de grutto.

Zijn laatste strohalm is het zogeheten Aanvalsplan Grutto, een initiatief van VVD’er Pieter Winsemius, oud-minister van VROM. Kortweg komt het erop neer dat er zo’n dertig weidegebieden van zo’n 1.000 hectare worden aangewezen die geschikt zijn voor de grutto en andere weidevogels. Met een ander dan gebruikelijk beheer moeten die gebieden een open karakter houden, een hoog waterpeil, lagere veedichtheid, en kruidenrijk grasland dat niet te vroeg gemaaid wordt en waar weinig roofdieren de kans krijgen de vogels van hun eieren of jongen te beroven. Boeren die daaraan meewerken krijgen een vergoeding. Kosten: jaarlijks zo’n 40 miljoen euro en een eenmalige investering van 35 miljoen.

null Beeld Getty
Beeld Getty

Het plan werd vorig jaar november aangeboden aan minister Schouten van LNV. Zij reageerde evenals diverse Kamerfracties volgens de aanbieders positief, maar nu maanden later lijkt de zaak, mede door de kabinetscrisis en de formatie, geheel stil te liggen.

Nu ligt er een petitie voor het Aanvalsplan Grutto, die door zo’n 85 duizend sympathisanten is ondertekend. In juni gaat Vogelbescherming Nederland die aanbieden aan Tweede Kamerleden, in de hoop dat het aanvalsplan zal worden meegenomen in het regeerakkoord. ‘De samenstelling van de Tweede Kamer is door de verkiezingen veranderd, maar als ook CDA, VVD en D66 vasthouden aan hun eerdere steun voor het plan, zou het nog goed kunnen komen’, zegt Ruud van Beusekom, woordvoerder van de Vogelbescherming.

Intussen is sinds november vorig jaar wel wéér een broedseizoen verloren gegaan voor de grutto. Het enige lichtpuntje voor de weidevogels is het weer: door het natte en koude voorjaar kunnen boeren pas later maaien, wat jonge vogels meer tijd geeft vliegvlug te worden en te kunnen vluchten voor de onverbiddelijke eerste messen van de maaimachines.

Gruttoman Gerrit Gerritsen wil hoop houden. Maar de eerlijkheid gebiedt hem te zeggen dat het Aanvalsplan Grutto hem vooral doet denken aan een eerder plan, waar hij bij betrokken was: Naar een rijk weidevogellandschap geheten. Dat plan kwam toen van Cees Veerman, net als Pieter Winsemius oud-minister.

Dat laatste stemt Gerrit Gerritsen (66) – hij werkte dertig jaar als natuuradviseur bij de provincie Overijssel, tien jaar bij de Vogelbescherming en hij was projectleider van de campagne Nederland Gruttoland – wat cynisch: ‘Toen zij als minister aan de macht waren, kwam het geld voor dit soort plannen ook niet op tafel.’ De stilte van Carola Schouten is, na haar positieve reactie op het plan vorig jaar, wat hem betreft ook illustratief.

null Beeld Getty Images/iStockphoto
Beeld Getty Images/iStockphoto

In zijn boek De hooivogel beschrijft Gerritsen hoe het met dat plan van Veerman verliep: van de ambitie om te streven naar 280 duizend hectare weidevogelgebied kwam weinig terecht. Ondanks aanpassingen door partijen in de Tweede Kamer kwam niet het benodigde extra geld op tafel voor de bescherming van de vogels.

Urgenda

Het zijn zulke ervaringen die Gerritsen soms doen denken dat de tijd van ‘praten en polderen’, waaraan hij lang heeft meegedaan, voorbij is. Tijd voor radicalere actie, zegt hij. De beuk erin: ‘Waarom volgen we niet de route van Urgenda, door via de civiele rechter actie af te dwingen? Ik weet het: daar houden we niet zo van in dit land. Maar Urgenda heeft wel tot een veel dwingender klimaatbeleid geleid. En over de grutto hebben we al zo lang gepraat.’

Wat er volgens Gerritsen zou moeten veranderen: er zou een bonusmalussysteem moeten komen voor subsidies. Boeren met de meeste weidevogels op hun land zouden de hoogste subsidies moeten krijgen voor agrarisch natuurbeheer. De huidige EU-subsidie (de zogeheten ‘hectaretoeslag’) is voor alle boeren in de EU gelijk, of ze nu 2, 20 of 50 weidevogels op hun erf hebben. Daarnaast zouden vogelvriendelijke boeren een hogere opbrengst voor hun melk moeten krijgen.

De boeren valt niet alles te verwijten, zegt Gerritsen. Ook mogen we van hem niet alleen de overheid de schuld geven. De consument speelt óók een belangrijke rol: die zou kunnen kiezen voor ‘vogelvriendelijke’ zuivel, geproduceerd door boeren die hun bedrijfsvoering aanpassen op het behoud van weidevogels als de grutto. Voor wie dat wil, lanceerde Vogelbescherming onlangs de site zuivelwijzer.nl, waarop te zien is waar die zuivel te koop is.

null Beeld VK Graphics
Beeld VK Graphics

Klimaatverandering

Is dat geen druppel op de gloeiende plaat? Nee, zegt Gerritsen, er kan altijd nog iets fundamenteel veranderen. ‘Als je nu eieren koopt in de supermarkt, zijn dat bijna allemaal scharreleieren. Dat had je twintig jaar geleden niet kunnen denken. Vogelvriendelijke zuivel zou net zo vanzelfsprekend kunnen worden.’

Het is een wrang gegeven van deze tijd: de grutto dankt zijn voortbestaan mede aan klimaatverandering. De grutto overwintert in West-Afrika, en weet van daaruit ieder voorjaar de Nederlandse weide te vinden om te broeden. Door het veranderend klimaat en het verdwijnende weidegebied in Nederland schuift de vogel langzaam op naar het noorden om te broeden.

Gerritsen: ‘In IJsland en andere landen neemt de grutto in aantal toe. In Finland en West-Rusland doet-ie het veel beter dan in Nederland. Daar heeft hij nog de kans zich voort te planten, wat in Nederland nauwelijks meer lukt. Alleen door zijn plaatsgetrouwheid pendelt hij elk jaar tussen Afrika en Nederland, maar steeds voor niets. Dat is treurig om te zien.’

Intussen ziet Gerritsen de ontwikkelingen in de Nederlandse natuur met gemengde gevoelens aan. Ja, er gaan ook soorten vooruit: de krakeenden en de Canadese ganzen vliegen hem om de oren – soorten die gedijen onder de huidige omstandigheden. Voor Gerritsen kunnen ze het verlies van de grutto niet verzachten. ‘Dat we de weidevogels decennialang aan hun lot hebben overgelaten, vind ik een van de grootste natuurdrama’s van Nederland.’

Gerrit Gerritsen: De hooivogel - Waarom de grutto uit Nederland vertrekt. Noordboek Natuur; € 22,50

DDT in grutto’s gevonden

Arme grutto. De ‘koning van de weide’ (zoals zanger Syb van der Ploeg hem toezong na zijn bekroning tot ‘Nationale vogel’) gaat ook nog gebukt onder de last van een beruchte pesticide: DDT.

Onderzoekers van onder meer het Louis Bolk Instituut hebben bij monsters van 11 niet uitgekomen grutto-eieren en 3 dode grutto’s sporen aangetroffen van het bestrijdingsmiddel. Het gebruik ervan is in Nederland vanwege de schadelijke effecten al sinds 1973 niet meer toegestaan, maar blijft zeer lang aanwezig in het milieu. In Afrika, waar de grutto overwintert, wordt DDT nog gebruikt tegen de malariamug.

De gevonden DDT-concentraties in de volwassen grutto’s zijn volgens de onderzoekers zo laag dat acute effecten op de vogels niet te verwachten zijn. Wel heeft het middel mogelijk een negatieve invloed op de dikte van de eierschaal, waardoor eieren kunnen breken en het broedsel mislukt.

Meer onderzoek moet uitwijzen wat de specifieke relatie is tussen het broedsucces van de grutto en de aanwezigheid van DDT in het ei.

Meer over