Astronomen ontdekken uniek object: komeet zonder staart

Astronomen hebben een uniek object ontdekt dat lijkt te bestaan uit materiaal uit het binnenste deel van het zonnestelsel, uit de tijd dat de aarde ontstond. Er zijn echter sterke aanwijzingen dat het hemellichaam bijna zijn hele leven opgeslagen is geweest in de Oortwolk, ver van de zon, zo schrijven zij in het wetenschappelijke tijdschrift Science Advances.

Eddy Echternach/ Alles over Sterrenkunde
Artist's impression van de rotsachtige 'komeet' C/2014 S3 Beeld ESO/M. Kornmesser
Artist's impression van de rotsachtige 'komeet' C/2014 S3Beeld ESO/M. Kornmesser

Waarnemingen met de Europese Very Large Telescope en de Canada-France-Hawaii Telescope laten zien dat C/2014 S3 (PANSTARRS) een langgerekte baan doorloopt - zoals een komeet - maar tegelijkertijd rotsachtig is - zoals een planetoïde. Het is voor het eerst dat een object van dit type is opgespoord.

C/2014 S3 (PANSTARRS) is ontdekt met de Pan-STARRS1-telescoop en werd oorspronkelijk geclassificeerd als een weinig actieve komeet, iets meer dan twee keer zo ver van de zon als de aarde. Zijn huidige lange omlooptijd (ongeveer 860 jaar) wijst erop dat hij uit de Oortwolk komt, en vrij recent in een baan is geduwd die hem dichter bij de zon brengt. Zijn grootte wordt geschat op 250 tot 700 meter.

Anders dan andere kometen uit de Oortwolk ontwikkelde C/2014 S3 (PANSTARRS) opmerkelijk genoeg geen staart. Nauwkeurig onderzoek van het licht dat door de 'komeet' wordt weerkaatst heeft nu laten zien dat het een typisch voorbeeld is van een planetoïde van type S. Zulke objecten worden doorgaans aangetroffen in het binnenste deel van de planetoïdengordel tussen de planeten Mars en Jupiter. Daaruit leiden de astronomen af dat dit object waarschijnlijk bestaat uit vers materiaal uit het binnenste deel van het zonnestelsel, dat miljarden jaren opgeslagen is geweest in de Oortwolk en nu weer op de weg terug is naar zijn geboorteplaats.

Onduidelijk is nog hoeveel van zulke 'rotsachtige kometen' er in ons zonnestelsel te vinden zijn. Diverse theoretische modellen voorspellen het bestaan van zulke objecten, maar de voorspellingen van hun aantallen lopen uiteen. 'Afhankelijk van hoeveel we er gaan vinden, zullen we weten of de reuzenplaneten door het zonnestelsel hebben gedanst toen ze jong waren, of dat ze rustig zijn opgegroeid, zonder al te veel van hun plek te komen,' aldus de Belgische astronoom Olivier Hainaut, die heeft meegewerkt aan het onderzoek van C/2014 S3 (PANSTARRS).

Meer over