ColumnIonica Smeets

Als dit, dan dat: het klinkt zo eenvoudig, maar een denkfout is zo gemaakt. Kijk de krant er maar op na

null Beeld

Tijdens een zomers diner vertelde mijn collega Gilles over een verbijsterend gebrek aan logica dat hij onlangs tegenkwam. Hij kwam bij een viskraam en daar had hij het volgende gesprekje met de visboer:

Gilles: ‘Goedemiddag, ik wil graag een haring.’

Visboer: ‘Wilt u daar een broodje bij?’

Gilles: ‘Ja lekker, graag.’

Visboer: ‘De broodjes zijn op.’

Gilles: ‘Doe dan maar alleen een haring.’

Visboer: ‘Die heb ik ook niet meer.’

Vervolgens verliet Gilles de viskraam diep zuchtend met een zure bom.

Misschien kan Katinka Polderman voor deze viskraam een beslisboom maken met de titel: ‘Wat je moet doen als een klant een haring bestelt?’ De eerste vraag zou bijvoorbeeld zijn: ‘Heb je nog haring?’ Zo ja, dan ga je door naar de vraag: ‘Heb je nog broodjes?’ Zo nee, dan zeg je dat de haring op is en vraag je of de klant iets anders wil.

We maken ons er terecht zorgen over dat 2,5 miljoen Nederlandse volwassenen laaggeletterd zijn. Daarnaast gaat het steeds vaker over het aanpakken van laaggecijferdheid als probleem. Maar het zou ook goed zijn om het eens te hebben over laaggelogicaadheid (waarvan ik vermoed dat het misschien nog wel het vaakst voorkomt van allemaal).

Neem de implicatie ‘Als dit, dan dat’ – zoals bijvoorbeeld in de zin ‘Als het regent, wordt de stoep nat’. Dit soort beweringen komt vaak voor en bij het interpreteren daarvan gaat van alles mis. Een eerste fout is om de bewering om te keren: de stoep wordt nat, dus het regent. De tweede fout is om te concluderen dat als het níét regent, de stoep dan niet nat zal worden. Bij allebei deze fouten vergeet je dat de stoep ook op allerlei andere manieren nat kan worden (misschien was er ’s nachts op geschreid). Een omkering die je wél kunt maken, is dat als de stoep níét nat is, je weet dat het dan níét regent (want als het regent, dan wordt de stoep nat). Ten slotte kun je uit deze bewering ook niet zomaar concluderen dat de stoep nat is en al helemaal niet dat iedereen nat wordt.

Dit klinkt misschien allemaal nogal elementair en dat is het ook. Toch gaat het met dit soort redeneringen in de praktijk heel vaak mis. ‘Als hij de dader is, dan zou hij dit soort sporen achterlaten’ verandert bijvoorbeeld al snel in: ‘Als we dit soort sporen vinden, dan zal hij de dader wel zijn.’ Of iemand zegt: ‘Als we zo doorgaan, zijn we nooit op tijd klaar’, en dat wordt vervolgens vertaald naar: ‘Hij denkt dat we nooit op tijd klaar zijn.’

Ik durf te wedden dat u vandaag in de krant voorbeelden kunt vinden van dit soort denkfouten. In navolging van de ironische reactie ‘lekker genederlandst’, die je kunt gebruiken als iemand zich juist niet zo lekker heeft uitgedrukt, wil ik hierbij graag de uitdrukking ‘lekker gelogicaad’ introduceren voor als iemand weer eens struikelt over een als-dan-constructie.

Meer over