Als thuiswerken straks niet meer verplicht is, hoe werkt werk dan het beste?

De pandemie zou weleens het einde kunnen inluiden van de zo vertrouwde ­kantoordag. Maar als thuiswerken niet meer móét, hoe willen we dan gaan werken? Kantoor­tijger Esma Linnemann ontdekt het beste van twee werelden.

Bij Deloitte bouwden ze het kantoor van de toekomst. Beeld Henk Wildschut
Bij Deloitte bouwden ze het kantoor van de toekomst.Beeld Henk Wildschut

Een van mijn favoriete episodes van Six Feet Under – het onovertroffen HBO-drama over een getroebleerde Californische familie van begrafenisondernemers – is die waarin dochter Claire haar gehate uitzendbaantje op een conservatief kantoor kwijtspeelt.

De eigenzinnige Claire, die zichzelf tijdelijk heeft uitgeschreven van de kunstacademie, vond het al verschrikkelijk om elke dag in een vleeskleurige panty te moeten inklokken. Maar nu heeft ze haar broer Nate verloren en kan de rouwende Claire haar afkeer van het kantoor niet langer verhullen. Collega Kirsten spreekt haar aan op het feit dat ze die ochtend twee keer op haar bureau in slaap is gevallen en een alcoholwalm heeft, maar Claire sneert: ‘Je kunt wodka niet eens ruiken.’ De brave Kirsten dreigt personeelszaken in te lichten. ‘Ik neuk Ted’, zegt Claire. ‘No way’, stamelt Kirsten die al maanden probeert een relatie aan te knopen met de knapste advocaat op kantoor. ‘Waaaaaaay’, zegt Claire sardonisch, en steekt vervolgens beide middelvingers de lucht in.

In de volgende scène pakt Claire op Amerikaanse wijze haar spullen, in één kartonnen doos. Claire is natuurlijk helemaal geen type voor op kantoor. Ze is een vrije geest, die zeker in zware tijden niet gekooid moet worden in een cubicle.

Ik dacht lange tijd dat ik ook een Claire was, te onaangepast voor het leven op de burelen. Maar de afgelopen achttien maanden was ik tot mijn eigen verbazing niet weg te slaan uit de de kantoortuin van de Volkskrant, waar ik ondanks het rondwarende virus mocht verblijven vanwege mijn coördinerende taken. Als ik toch een thuiswerkdag had, ging ik gebukt onder schuldgevoel en paranoia: deed ik wel genoeg? Waarom reageerde niemand op mijn mail? Waar zouden mijn collega’s die wel op kantoor waren het allemaal over hebben? Over mij?

Er was bovendien een dramatisch verschil tussen de eerste en de tweede lockdown: tijdens de eerste, intelligente lockdown woonde ik samen en vond ik het nog wel gezellig om thuis te zijn. Tijdens de tweede was die relatie gesneuveld, en kwamen de muren van mijn nieuwe huis op me af. Het kantoor, dat werd mijn veilige haven. De troost die Claire niet kon vinden, was er voor mij ten overvloede onder het systeemplafond.

Pas nu het openbare leven weer op gang is gekomen, en mijn liefdesverdriet verwerkt, voel ik de lokroep van het thuiskantoor. Want toegeven: thuis kan ik soms bergen verzetten, en ook eens hardlopen en een wasje draaien tussendoor. Hoe zou mijn ideale werkweek eruit kunnen zien, als ik het zelf voor het kiezen had?

Presenteeism

Momenteel maakt de hele werkende wereld die balans op: hoe gaan we onze dagen inrichten, als thuiswerken niet langer de opgelegde norm is? Economen en sociologen schetsen in podcasts en kranteninterviews een veelal positief perspectief. De entrepreneur Julia Hobsbawm, verbonden aan de Britse denktank Demos, stelt in haar rapport The Nowhere Office dat de pandemie eindelijk het einde heeft ingeluid van ‘presenteeism’ – de achterhaalde norm van tussen 9 en 5 op kantoor zijn – en dat werknemers de kans krijgen een stuk gelukkiger te zijn nu ze zelf mogen bepalen waar en wanneer ze werken.

Door al dat thuiswerk zouden we ook kunnen gaan wonen waar we willen, zegt Harvard-hoogleraar Raj Choudhury. En dat zou zomaar eens kunnen betekenen dat je niet langer in peperdure steden als San Francisco of Amsterdam hoeft te wonen, als je werkgever daar zit. In een aflevering van de podcast Freakonomics Radio voorspelt hij zelfs een omgekeerde braindrain: de pandemie heeft bewezen dat thuiswerken net zo efficiënt is, en dus kunnen werknemers nu ook vanaf het Indiase platteland, of vanuit Malawi werken voor vooraanstaande bedrijven, ze hoeven hun geboortegrond niet meer te verlaten. Het verminderde woon-werkverkeer is tot slot uitstekend nieuws voor de klimaatcrisis.

Het kantoor van de toekomst, nu al bij Deloitte. Beeld Henk Wildschut
Het kantoor van de toekomst, nu al bij Deloitte.Beeld Henk Wildschut

Tot zover de radicale perspectieven, want de praktijk lijkt vooralsnog een stuk minder spannend. Mijn collega’s van de Volkskrant- dataredactie vroegen honderd grote Nederlandse bedrijven naar hun post-covidplannen (lees het volledige verslag in het katern Ten Eerste van deze krant). Wat blijkt: bijna alle bedrijven, van Shell tot Sligro, zetten in op een mengvorm: een of twee dagen per week thuis, en drie of vier op kantoor.

Ook buiten Nederland kiezen bedrijven en masse voor het zogenoemde hybride model, en dat is volstrekt logisch, legt Stanford-economieprofessor Nicholas Bloom me uit vanuit zijn ouderlijk huis in Londen, waar hij in quarantaine zit na een zomervakantie met het gezin in Griekenland. Bloom doet al twee decennia onderzoek naar thuiswerken en toonde zich fan toen de meeste werkgevers nog sceptisch waren. ‘Mijn collega’s maakten altijd de grap: ‘Working from home is shirking from home’ (shirking betekent verzuimen, red.).’ De norm om op kantoor te werken is volgens Bloom een voorbeeld van een ‘social lock-in’; een oude maatschappelijk gewoonte die maar niet wordt doorbroken, ook al slaat het gebruik allang nergens meer op. ‘Hetzelfde geldt voor schoolvakanties: die waren ooit nodig, zodat de kinderen van boeren konden helpen met de oogst. Maar waarom zouden scholen nu de hele zomer dicht zijn, terwijl dat nadelig is voor de ontwikkeling van veel kinderen?’

Chips op de bank

Het hardnekkige vooroordeel over thuiswerken waar Bloom steeds tegenaan liep, was dat thuiswerkers met een bak chips op de bank lagen te zappen. Uit zijn onderzoeken kwam een ander beeld naar voren. ‘In een experiment met een groep callcentermedewerkers bleek bijvoorbeeld dat ze thuis zo’n 13 procent productiever waren. En dat is logisch: op kantoor is er simpelweg meer afleiding; meer geluid, meer collega’s die relatieproblemen bespreken. Ik kan me de anekdote van een werknemer herinneren die vertelde dat ze gek werd van haar collega die in een hokje naast haar vaak haar nagels zat te knippen. Dat soort ergernissen heb je niet thuis, uit mijn onderzoeken blijkt dat mensen zelfs van minuut tot minuut productiever zijn.’

Dat wil niet zeggen dat het kantoor zinloos is. Bloom: ‘Voor creativiteit heb je fysiek contact nodig en spontane gesprekken bij de koffieautomaat. En ook voor de loyaliteit en het groepsgevoel is een kantoor belangrijk. Daarom kiezen bedrijven dus voor de hybride vorm.’

Natuurlijk staat niet iedereen te popelen om mee te gaan met deze revolutie. Bloom: ‘Zo’n 30 procent van alle werknemers gaat liever weer helemaal naar kantoor. Dat zijn vaak singles, of oudere werknemers met een leeg nest, die zich geïsoleerd voelen als ze niet naar kantoor kunnen. Mensen met kinderen vinden het juist weer fijner om thuis te blijven. En zo’n 50 procent van alle werknemers kan niet thuisblijven, omdat ze bijvoorbeeld in de zorg of de horeca werken.’

De belangrijkste aantrekkingskracht van thuiswerken is het ontbreken van reistijd, volgens Bloom. Maar uit onderzoek onder werknemers van het Nederlandse accountants-en adviesbedrijf KPMG komen ook andere voordelen naar voren. ‘Werknemers zeggen bijvoorbeelddat ze ervan genieten thuis de koffie te kunnen drinken die ze lekker vinden,’ zegt senior pr-adviseur Jolanda Peek, eveneens via een Zoom-verbinding. ‘Dat geldt ook voor de lunch, mensen willen zelf bepalen wat ze wanneer eten en drinken, en dat gaat het beste thuis. En ik hoor ook van vrouwelijke collega’s dat ze na anderhalf jaar thuiswerken op slippers straks weer helemaal moeten wennen aan het dragen van hoge hakken.’ KPMG moedigt thuiswerken aan, en is bezig haar vestigingen in te richten als ‘clubhuizen’, geen vaste werkplekken, maar ontmoetings- en vergaderplekken, zodat collega’s elkaar toch fysiek kunnen treffen en inspireren.

Digitale koffiedates

Sommige bedrijven geloven dat je geen kantoor nodig hebt voor creatieve uitwisselingen. GitLab, een Nederlands softwarebedrijf met werknemers in 68 landen, werkt helemaal online. Wie bij Gitlab komt werken, moet een pakket van meer dan tweehonderd taken afronden, die veelal te maken hebben met dat spontane, informele contact. ‘Wij hebben allemaal niet-werkgerelateerde Slack-kanalen over bijvoorbeeld katten, of koken’, zegt HR-business partner Roos Takken. ‘We moedigen nieuwe werknemers aan om er eentje uit te zoeken, en zoveel mogelijk digitale koffiedates in te plannen zodat je iedereen leert kennen. Als mensen verlangen naar een collega, kunnen ze een co-working day inplannen. En eens per jaar komt het hele bedrijf samen.’

Volgens Nicholas Bloom heeft de coronacrisis er ook toe geleid dat meer bedrijven het voorbeeld volgen van Gitlab en zonder kantoor door het leven gaan. ‘Je ziet bij dit soort bedrijven dat ze dan een paar keer per jaar met het hele team samenkomen in Thailand, of Portugal, voor een soort werkvakantie. Dat is voor jonge mensen en singles leuk, maar voor mij zou het niet werken.’ Indachtig de ergernissen van al die Zoom-vergaderingen, en het energieslurpende leven achter de laptop, vermoed ik dat meer werknemers huiverig zijn voor het kantoorloze bestaan.

Uitsluiting

Maar ‘hybride’ is ook niet zonder nadelen. Bloom: ‘De grootste uitdaging van dat model is mixed mode, waarbij sommige mensen thuiswerken, en anderen op kantoor.’ Voorbeeld: je hebt een Zoom-meeting waarbij er drie thuis zijn, en drie op kantoor. Die zitten dan samen in een vergaderruimte als drie kleine hoofdjes, terwijl de thuiswerkers levensgroot op het scherm verschijnen. Als de meeting is afgelopen, gaan de collega’s op werk met elkaar kletsen bij het koffieapparaat. En zo ontstaat er volgens Bloom een vorm van uitsluiting. Hoe voorkom je dat er twee werkculturen ontstaan? Bloom: ‘Ik vind de oplossing van Apple het simpelst. Daar zijn alle werknemers maandag, dinsdag en donderdag op kantoor, en woensdag en vrijdag thuis. Zo kun je drie dagen per week vergaderen en brainstormen, en twee dagen per week geconcentreerd lezen of schrijven, want dat gaat het beste thuis.’

Een thuiswerker kan zo ook op kantoor aanwezig zijn Beeld Henk Wildschut
Een thuiswerker kan zo ook op kantoor aanwezig zijnBeeld Henk Wildschut

Thuiswerkers moeten zich vooral niet schuldig voelen als ze gaan hardlopen, de was strijken of een dutje doen. Roos Takken van GitLab: ‘Wij hebben het hele idee van een lineaire werkdag losgelaten: als jij je taken weet te vervullen, dan is het prima als je overdag met je kinderen wilt lunchen of hardlopen. Het gaat allemaal om het resultaat.’

En dat resultaat is dus bij werk waarbij je niet fysiek aanwezig hoeft te zijn, vaak thuis beter dan in de kantoortuin, om redenen die u ook zult lezen in het artikel van Evelien van Veen gewijd aan het (thuis)kantoor.

Het lijkt erop dat er in de thuiswerkrevolutie ook wat te halen valt voor verstokte kantoorgangers als ondergetekende. De afgelopen anderhalf jaar heb ik mij in een dunbevolkte open office veel beter kunnen concentreren, terwijl ik inniger contact had met het handjevol collega's om mij heen. Het zou zomaar kunnen dat als we de deltavariant kunnen bedwingen, we na de zomer of in de herfst terecht komen in een werkend bestaan dat beter aansluit op ieders persoonlijke behoeften. Zou de coronacrisis dan toch nog iets positiefs hebben voortgebracht?

Bij Deloitte bouwen ze nu het kantoor van de toekomst, de heel nabije toekomst wel te verstaan

Veel mensen willen na deze zomer deels thuis blijven werken. Hoe ziet een kantoor eruit, waarvan een deel van de werknemers niet fysiek aanwezig is? In The Edge, het imposante glazen gebouw aan de Amsterdamse Zuidas waar onder meer Deloitte kantoor houdt, zoekt het consultancybureau naar antwoorden. Hier wordt in een sciencefiction-achtige ruimten geëxperimenteerd VR-brillen, tv-studio’s en greenscreens.

De belangrijkste les is dat er nog veel te verbeteren valt aan de manier waarop veel bedrijven nu hybride vergaderen. Zo heeft Deloitte een scherm gebouwd dat je op een stoel zet, waardoor de collega’s die online deelnemen niet op een scherm boven de rest uittorenen maar tussen hun kantoorgenoten in zitten. Dit zorgt voor een natuurlijker gesprek. En, weten ze nu bij Deloitte: die schermen moeten ook groot zijn, zodat je echt iemands gezichtsuitdrukking kunt zien. Anders valt veel non-verbale communicatie weg.

Ook is er een robot, een rondrijdende iPad op schouderhoogte, waarmee thuiswerkers door het gebouw in Amsterdam kunnen zoeven en zo met collega’s daar kunnen kletsen. Er moet nog wel een bumper op de robot, want het scherm zit nu al vol barsten.

Studenten van de Erasmus Universiteit helpen bij het ontwikkelen van een VR-vergaderruimte. Het grote voordeel: je zit door zo’n bril ook echt ín een vergadering, zodat je niet afgeleid raakt door je telefoon. Collega’s bewegen niet als zichzelf (of als gelijkend poppetjes), maar als gekleurde stippen door de ruimte. Hierdoor moeten ze met elkaar op meer gelijke voet komen te staan.

In het kantoor hangen na corona veel schermen wat Deloitte betreft. Ook bij de koffieautomaat, waar mensen online via een QR-code inloggen op een groot scherm. De thuiswerkende collega’s kunnen zo vanuit huis meekijken en meepraten met de collega’s bij het keukenblok in Zuidoost, en kan er volop worden nagepraat over de (virtuele) vrijmibo.

In de speciale presentatieruimtes kom je met studiolicht en greenscreens in elk geval een stuk beter voor de dag dan vanachter een korrelige webcam. Een regisseur van echte tv-programma’s leert de werknemers hoe je een online presentatie nóg aantrekkelijker maakt. Een hint: het songfestival wordt niet voor niets zestien keer integraal gerepeteerd.

Meer over