Zwemmer Brzoskowski jaagt op oude record van Van den Hoogenband

Hij werd Nederlands kampioen op de 400 meter vrij, maar bleef ver verwijderd van het record van Pieter van den Hoogenband.

Maarten Brzoskowski na afloop van de 400 meter vrije slag tijdens de Swim Cup. Ondanks zijn topvorm zwom hij geen recordtijd. Beeld anp
Maarten Brzoskowski na afloop van de 400 meter vrije slag tijdens de Swim Cup. Ondanks zijn topvorm zwom hij geen recordtijd.Beeld anp

Hij had daags tevoren nog een appje gekregen van Pieter van den Hoogenband, als herinnering aan diens veertien jaar oude maar nog altijd vigerende recordtijd: 3.47,20 over de 400 meter vrije slag. Maarten Brzoskowski had weinig aansporing nodig voor zijn aanval op het Nederlands record. Het stond in zijn toernooiplan voor de Swim Cup te Eindhoven.

'Ik wil hier drie persoonlijke records zwemmen, op de 400, de 200 en de 100 vrij', zo kondigde hij dinsdag aan. Zijn PR op de 400 stond sinds december akelig dicht bij de toptijd van VdH: 3.47,32. Brzoskowksi slaagde niet in deel 1 van zijn plan. Hij werd Nederlands kampioen, maar bleef voorlopig weg van de eeuwige ranglijst van nationale records: 3.48,38.

Het was niet volgens plan. 'Ik ben hier om te pieken. Ik ben nu in topvorm, net als mijn piekwedstrijd in de winter. In volle training heb ik voorbije weken trainingswedstrijden gezwommen. In Den Haag zwom ik in drieënhalf uur acht wedstrijden.'

Maarten Brzoskowski (20) weet sinds woensdagavond half 10: er bestaan geen records op bestelling. Zijn aandoenlijke optimisme past overigens geheel in het zwemjaar dat hij beleeft en waarin zijn carrière een bijzondere wending heeft genomen. Hij had zich voor de Olympische Spelen willen plaatsen op de 1.500 meter, het langste badnummer. Het werd, in december, verrassend genoeg de 400 vrij. 'Mijn eerste grote toernooi, als jeugdzwemmer, was op de 400 meter. Maar toen ik meer ging trainen, ging vooral mijn 1.500 vooruit. Toen was ik opeens 1.500-zwemmer.'

De sleutel

Hij hield, voor zijn start en keerpunt en voor de basissnelheid, altijd de 200 vrij ernaast. Dat bleek de sleutel om de deur naar een ander deel van de zwemwereld te openen. De diesel werd middenafstander. 'Na Kazan, de WK van 2015 waar ik me niet kwalificeerde voor de olympische 1.500, zagen Marcel Wouda (zijn coach, red.) en ik kansen voor mijzelf op de 200. Onze estafetteploeg plaatste zich op die afstand wel voor Rio. De lactaatmeter, Jan Olbrecht, zei dat ik ook wel een zwemmer voor de 200 en 400 zou zijn. Dus toen ben ik me in september gaan klaarstomen voor die afstanden.'

De insiders zaten er niet naast. Bij de Amsterdam Swim Cup werden metingen gedaan. 'Ik bleek in vergelijk met de WK-finale van Kazan de beste start te hebben. En ik heb het derde keerpunt van de acht zwemmers uit die 400-finale. Er kwam ook uit dat ik vooral verlies in het pure zwemmen. Op de 40 meter tussen de keerpunten verlies ik van Sun Yang en James Guy, de top-twee van de WK.'

Speedbootvaart

De lenigheid en het atletisch vermogen hebben Brzoskowski in speedbootvaart zijn plaats laten innemen op de kortere crawlnummers. 'Mijn 400-tijd van Amsterdam is de vijfde tijd van de wereld sinds de WK. Ik zou de WK-finale op eentiende hebben gemist en de olympische finale van 2012 op tweetiende', keek hij tevreden terug.

De man met de sterke beenslag, goed voor een ferm eindschot, verklaart zijn toegenomen snelheid uit zijn veranderde trainingswijze. 'Voor de 200 en 400 heb je power nodig. Ik ben naar maximaal 60 kilometer per week teruggegaan, meestal 50. Ik doe minder lange sets, waardoor het lichaam meer tijd heeft voor herstel. Ik ben in een paar maanden tijden een stuk sterker geworden. Bij sommige oefeningen in het krachthonk til ik 25 kilo meer. Ik stond ervan versteld. Ook hoe snel ik me ontwikkel.'

Geen nieuwe stunt waterpoloploeg

Het Nederlandse waterpoloteam heeft op het olympisch kwalificatietoernooi in Triëst niet voor een nieuwe sensatie kunnen zorgen. Gastland Italië was woensdagavond een maat te groot: 11-5 (3-1, 5-3, 2-0, 1-1). Nederland keek woensdagavond snel tegen een achterstand van 0-3 aan maar knokte zich terug tot 3-4. In de rust stond 4-8 op het scorebord. In de derde periode wist Oranje zelfs geen enkele keer te scoren en groeide de achterstand verder. Lindhout maakte in de vierde periode nog zijn derde van de avond maar spannend werd het niet meer. Oranje wist de eerste drie duels van het toernooi te winnen. Door de ruime nederlaag tegen Italië stevent Oranje af op de tweede plaats in de poule.

Ritme

Nederlandse topzwemmers van de mannelijke soort zijn dun gezaaid, terwijl de vrouwen veel meer meetellen. Brzoskowski houdt het op de inspirerende rol van topzwemsters als Kromowidjojo en Heemskerk op de achtervolgende jeugd. 'En onze vrouwen zijn gemiddeld de grootste van de wereld.' De Nederlandse man is ook extreem lang, maar met 1.85 is Brzoskowski niet royaal bemeten. 'Ik had wel wat groter willen zijn, maar met dit lijf kan ik ook veel. Je moet werken met wat je hebt.'

Hij zwemt op ritme. Zijn slagfrequentie is 40, 41 (per minuut) op de 200, 42, 43 op de 400 vrij. Het zit er in gebeiteld. Het is als een schaatser die elke ronde tot op eentiende kan kopiëren. De snelheid varieert wel. 'Die heeft met de slaglengte te maken. Als je vermoeid bent en niet de kracht hebt het water weg te drukken. Of zo vermoeid bent dat je niet recht doorhaalt en het water laat slippen. '

Zo miste Maarten Brzoskowski woensdagavond dat al veertien jaar oude record van Pieter van den Hoogenband.

Meer over