Zwalkend of standvastig

Guus Hiddink is vanavond in de wedstrijd tegen Kroatië misschien voor de laatste maal de verantwoordelijke man voor het Nederlands elftal....

GUUS HIDDINK is gestopt met roken.

Dat is niet opzienbarend, er stoppen wel vaker mensen met roken, het is ook al weer een tijdje geleden dat hij het deed, maar voor een voetbaltrainer die onder grote druk staat en door een heel volk op de vingers wordt gekeken, is het een goede prestatie.

Waarmee gezegd is dat Guus Hiddink goed tegen spanning bestand is. Dat maakt hem nog niet tot een goede bondscoach, maar het is een begin.

Vooralsnog is hij een bondscoach die een gevecht tegen een verslaving heeft gewonnen, na enkele mislukte pogingen. Hij rookte overigens shag en dat paste goed bij hem.

* * *

Laten we teruggaan naar de Achterhoek waar hij begon met roken, stiekem in de stallen van een boer uit Varsseveld met wiens zoon hij was bevriend (dit is verzonnen, maar het zou heel goed waar kunnen zijn. Misschien woonde de boer in Zelhem).

Hiddink groeide op in een gezin met zes kinderen, allen jongens: Guus, Karel, Wim, René, Arnold en Hans. Hij was de derde zoon van een onderwijzer en wilde boer worden, zoals andere jongens politieagent of brandweerman. Als hij voetbalde, deelde hij de partijen in, omdat hij daarvoor het gezag had, en met de bal beter was dan anderen.

Gezag duldde hij niet of nauwelijks en hij provoceerde graag. De jaren zestig, weet je wel. Strikte regels lapte hij aan zijn laars, omdat het strikte regels waren en hij het vaak beter wist. Autoriteiten moesten per definitie worden gewantrouwd.

Aan niemand had hij een grotere hekel dan aan Kurt Linder die, merkte Hiddink toen hij voor PSV speelde, met wellust zijn macht als trainer liet gelden.

Spelers waren in de ogen van Linder soldaten die gedrild en vernederd moesten worden, voetvolk dat voor de trainer door het stof moest. Linder was zo'n man die op de avond voor een wedstrijd stiekem langs de huizen van de spelers reed, om te controleren of ze wel thuis waren, en ze in het bijzijn van anderen vernederde.

Hiddink leed er in stilte onder. De onderkoelde zelfverzekerdheid, die kwam pas later. En hij wist: zoals Linder zich als trainer gedroeg, dat nooit. En zo gedroeg hij zich ook nooit, als trainer van PSV.

* * *

En dan was er de kennismaking met het Latijnse levensritme, in Spanje waar hij trainer was van Valencia. Niet om zes uur eten, maar om negen uur, tien uur, middenin de nacht, wat maakt het uit.

De warmte van de mensen die hem omringden, en waardeerden; de houding van de pers; het klimaat, de schijnbare wanorde. Mister Guus! (In Istanbul werd hij eerder als trainer aangesproken met Hoca, wijze heer. Dat kon er ook mee door, door de waardering die er uit sprak.)

Hiddink leerde bovendien golfen in Spanje. Althans, hij leerde daar de sport te waarderen.

* * *

Veel eerder was hij gesteld geraakt op het excentrieke, de buitenbeentjes. Een beetje gek, dat mag. Hiddink houdt van Amsterdam, zonder er te willen wonen, en bewonderde vroeger niet, zoals zovelen, de beste voetballers, maar de ongewoonste, zoals Piet Keizer en Jan Mulder.

Hiddink heeft weinig op met het gewone. Toen Edgar Davids hem twee jaar geleden in Engeland schoffeerde, reageerde hij zoals dat in zo'n geval van een bondscoach wordt verlangd (Davids weg). Maar boos was hij niet op Davids en snel schonk hij hem vergiffenis.

Hiddink houdt van spelers die van de platgetreden paden durven af te wijken en hun kop soms in de wind gooien. Rancuneus is hij bovendien niet. Heel misschien vond hij het zelfs wel leuk, wat Davids deed in Engeland. Hij had zoiets ook wel eens tegen Linder willen zeggen, maar durfde dat toen nog niet.

* * *

Kluivert wel of Kluivert niet, van die nationale discussie houdt Hiddink zich verre. Morele oordelen uitspreken, dat laat hij over aan anderen. Het is niet de makkelijkste weg die hij kiest en velen reageren verontwaardigd. Nou en, denkt Hiddink.

De kwalificatiereeks verloopt verder rustig, op een kolderieke nederlaag in Bursa tegen Turkije na, en redelijk succesvol. Met de spelers zijn, eenzijdig, bindende afspraken gemaakt, in augustus 1996 al.

Alle kandidaat-internationals hebben een lange brief van hem gekregen. Hiddink eist onvoorwaardelijk loyaliteit en geeft aan geen tweedracht meer te dulden. De lessen van Euro '96 heeft hij ter harte genomen. Nu de spelers nog.

Hij stelt zich onbuigzamer op, meedogenlozer, en is naar de spelers nog even afstandelijk. Vrienden binnen een spelersgroep hoeft hij niet te hebben.

Lange gesprekken met spelers voert hij slechts zelden. Hij is makkelijk in de omgang, maar bewaart voortdurend afstand. Spelers mogen alles tegen hem zeggen, maar alleen op hun verzoek. Hij zal er zelf niet om vragen.

In stilte werkt hij naar het WK toe. Hij selecteert Davids, vanzelfsprekend, zo'n speler heeft hij nodig en rancuneus is hij niet. Zorgvuldig worden de hotels in Frankrijk uitgezocht.

Met Neeskens, Koeman en Rijkaard en oud-hockeycoach Jorritsma, de

teammanager, formeert hij een zware begeleidingsstaf. Als Hiddink iets van het EK heeft geleerd, is het wel dat op een toernooi niets aan het toeval overgelaten mag worden. Alle assistenten hebben recht van spreken, maar als het er op aankomt luistert Hiddink alleen naar zichzelf.

In interviews is hij, wellicht schijnbaar, de zekerheid zelve. In de maanden voor het WK wil hij worden beschouwd als een man die geen twijfels kent en alles onder controle heeft.

* * *

En dan begint het zestiende wereldkampioenschap voetbal in Frankrijk. Nederland is een van de favorieten voor de titel, volgens Nederlanders, en is ingedeeld in een groep die perspectieven biedt, met België, Zuid-Korea en Mexico.

Hiddink roept zichzelf uit tot een moderne coach. De ploeg bestaat niet uit elf, maar uit veertien, vijftien spelers. Hij wil naar believen wisselen, doet dat ook, en stelt daarmee de loyaliteit van spelers zwaar op de proef.

De oude Michels bromt dat hij het maar niks vindt. Anderen, zoals generatiegenoot Adriaanse, reageren enthousiast, evenals Cruijff. Zwaar op de proef gesteld wordt de ploeg echter niet. De wijze waarop de achtste finale wordt betreden, is niet glansrijk, al klapt de internationale pers de handen stuk na de ruime overwinning op Zuid-Korea.

De vraag of Hiddink een zwalkende coach is, of een standvastige, is nog niet beantwoord. Hij heeft de schijn tegen. Voortdurend wijkt hij af van de rechte lijn die in de kwalificatiereeks werd gevolgd. Hoewel hij zéér tevreden is over het spel tegen België, past hij het team in het volgende duel op vijf plaatsen aan.

De strategie waarmee in de voorbereiding is gespeeld, is niet langer heilig . De rentree van Overmars heeft Hiddink gedwongen tot aanpassingen. De middenvelders aan de zijkanten worden plots geacht te 'penetreren.' Het systeem biedt de spelers nauwelijks nog houvast.

Eenmaal baart Hiddink opzien, na de wedstrijd tegen België waarin Kluivert uit het veld wordt gestuurd. Hiddink zegt min of meer het vertrouwen in Seedorf op - en Seedorf, in kleine kring, in Hiddink. Seedorf, zegt Hiddink, zit in een 'min-situatie'.

* * *

In de dagen voor de wedstrijd tegen Joegoslavië is Hiddink zichtbaar gespannen.

Hij laat journalisten weten dat ze, om hun oordeel bij te stellen, de videobanden van wedstrijden maar eens goed moeten bekijken, en ontwijkt vragen naar bijvoorbeeld zijn discutabele ingrepen tijdens wedstrijden met warrige antwoorden.

Alsof hij ten overstaan van journalisten zijn gezag wil laten gelden, grijpt hij in tijdens de vlucht naar Toulouse.

Zijn assistent Ronald Koeman die achterin het vliegtuig is gaan zitten, tussen vrouwen en vriendinnen van spelers en journalisten, wordt terechtgewezen. Het gebaar is onverwacht heftig.

Onmiddellijk na de wedstrijd valt een speler hem in de armen. Het is Edgar Davids.

* * *

Ook tegen Argentinië scoort Nederland in de slotfase. Hiddink beleeft zijn finest hour. Nederland ligt aan de voeten van de ploeg die wint, en dus ook van de coach. Trots vertelt hij dat in de uren voor de wedstrijd zelfs in de Achterhoek een file stond.

Nog een andere zege boekt hij. Seedorf verwoordt zijn ongenoegen niet in grote kring. De spanning is geweken.

Zijn relatie met de Nederlandse sportpers blijft koel en zakelijk. Frivoliteiten veroorlooft Hiddink zich niet, in het bijzijn van verslaggevers. Behoedzaam weegt hij zijn woorden als hij tegenover journalisten staat. Opvallend is zijn voorkeur voor de Spaanstalige media. Zelden doet een Spaanse of Zuid-Amerikaanse journalist tevergeefs een beroep op hem.

In Nederlandse journalisten heeft Hiddink niet veel vertrouwen. Ze staan onvoldoende open voor zijn ideeën, vindt hij.

Nederland verliest van Brazilië, maar Hiddink wint, omdat het een - voor zover dat mogelijk is - eervolle zege is, op de drempel van de finale van het wereldkampioenschap. Hij rookt nog steeds niet.

Twee dagen later wordt bekend dat de onderwijzerszoon uit Varsseveld een aanbieding heeft gekregen van een gerenommeerde club uit een land waar hij niet om zes uur 's avonds aan tafel hoeft te gaan, het wemelt van de golfbanen en hij op waardering en warmte kan rekenen.

Meer over