‘Zonder de Phelps-techniek word je nooit een kampioen’

Nederlandse zwemmer wil zijn Amerikaanse voorbeeld Michael Phelps navolgen...

Van onze verslaggever John Volkers

Helaas, hij heeft Michael Phelps, de dolfijn van het internationale zwemmen, niet van dichtbij kunnen bekijken. Joost Reijns, talentvol lid van de Nederlandse zwemploeg bij de WK in Australië, trainde in de aanloop naar dat toernooi in hetzelfde bad als Phelps en de Amerikanen.

De nationale ploegen van Nederland, Italië en de Verenigde Staten hadden vooraf hun kamp opgeslagen in het Kardiniabad van Geelong, een grote havenstad op 80 kilometer van Melbourne. ‘De Amerikanen trainden op andere tijden dan wij. Er waren daar tien banen, maar die hielden ze voor zichzelf. Wij konden er niet bij. Wij trainden op andere tijden. Net als de Italianen.’

Reijns zag Phelps alleen toen de Amerikaanse kopman – de latere zevenvoudige wereldkampioen – enkele interviews gaf in het Kardinia. Later nog eens van dichtbij, bij het inzwemmen in de Susie O’Neill Pool van Melbourne.

‘Groot? Nee, Phelps is niet eens zo groot. Ik ben groter.’ Reijns is een reus, van 2,02 meter, maar niet eens de grootste van de Nederlandse ploeg. ‘Mitja Zastrow en Maarten van der Weijden zijn nog twee centimeter langer dan ik.’

Phelps, 1,96 meter, lijkt groot door de lange armen (twee meter spanwijdte) en het lange, platte lijf. En uiteraard door de verpletterende wijze waarop hij door het water gaat en iedereen kleineert. Reijns is nog steeds sprakeloos over de wijze waarop Phelps in Melbourne op de 200 meter vrije slag zijn Nederlandse collega Pieter van den Hoogenband te kijk zette en naar een wereldrecord zwom.

‘Die race was bizar. Phelps leidde, Pieter kwam terug op de derde 50. Dat is meestal het beslissende stuk op de 200 vrij. Ik dacht: dit wordt nog spannend. Maar toen kwam dat laatste keerpunt en die demarrage onder water van Phelps. Dat kan niemand. Ongeëvenaard.

‘Wat ons nu wel duidelijk is: wil je kampioen worden, dan moet je onder water meekunnen. Dat is het mooie van sport. Iemand kan zo’n voorbeeld geven. En de rest moet maar volgen.’

Bij de Olympische Spelen van Peking zal de Phelps-techniek de maatstaf zijn. Voor Joost Reijns, met zijn 20 lentes eerder gericht op de Spelen van 2012, zou de techniekverandering nu al ingezet moeten worden. De nummer drie van de Nederlandse 4 x 200-ploeg in Melbourne houdt nog een beetje af.

‘Ik ben niet zo’n onderwaterzwemmer. Zoals Phelps acht of negen vlinderkicks onder water geeft, dat kan ik niet. Twee is mijn top. Drie is al te veel. Dan ben ik mijn ritme kwijt.

‘Wat ik van die Amerikanen hoorde, is dat zij veel kortebaan zwemmen om die keerpunten er in te heien. Ik zou ook wel kortebaan willen zwemmen, maar mijn piek dit jaar is toch de langebaan, het olympische kwalificatietoernooi van december in Eindhoven.’

Reijns lijkt, zeker met dat reusachtige lichaam, een groot talent, maar bondscoach Jacco Verhaeren is van mening dat echte talenten juist eerder doorbreken. Reijns debuteerde in maart, 19 jaar oud, op een groot toernooi. Dat is laat.

Zelf vindt hij zich niet direct een groot talent. ‘Toen ik 13 was, versloeg ik in Noord-Holland jongens van 18. En dan geld je als talent. Zo ben ik via Hoorn in Amsterdam beland, bij NZA. Maar ik vind mezelf vooral een trainingsbeest. Ik kan genieten van lange, zware trainingen. Ik heb in Hoorn getraind met Edith van Dijk, de marathonzwemster.’

Vorig jaar, het forenzen zat, verhuisde Reijns naar Amsterdam. Hij ging, na het missen van zijn vwo, naar het Johan Cruijff College en zwemmen bij NZA. Hij woont sindsdien in ‘het zwemmershuis’ met NZA-leden Bas van Velthoven en Moniek Nijhuis.

Zijn favoriete coach, Fedor Hes, werd in januari ontslagen. ‘We kwamen net uit Zuid-Afrika terug en wisten van niks. Dat moet ook. Want zulke perikelen leiden je af. Ik moest het ontslag accepteren, want je moet verder als zwemmer. Maar ik bel nog altijd met hem.’

Nu wordt Reijns gecoacht door Martin Truijens. ‘Ieder heeft zijn kwaliteit. Martin doet het meer wetenschappelijk. Hes op zijn ervaring.’

Vorig jaar eindigde Reijns bij de NK als derde op de 200 meter vrij, achter Felten en Oosting. Nu ligt hij op zijn favoriete nummer in één veld met Van den Hoogenband, Wildeboer, Zastrow en Van Velthoven. ‘Als ik zaterdag het podium haal, ben ik heel tevreden.’

Wegens het olympische perspectief wacht dan weer een lang trainingskamp. ‘Van 22 juni tot 14 juli gaan we naar Korea en China. Ik heb baat bij zulke stages. In Australië was ik na vijf weken trainen beter dan ooit. Ik voelde me alsof ik de hele wereld aankon.’

Meer over