tour de france

Zoete triomf van al bijna afgeschreven Mark Cavendish

Negen maanden geleden huilde Mark Cavendish tranen van verdriet na Gent-Wevelgem. Hij was roemloos 74ste geworden. Zijn wielercarrière zat erop, vreesde hij, als een nachtkaars uitgegaan. Maar niets ervan. Dinsdag won de 36-jarige Brit zijn 31ste Touretappe.

Mark Cavendish schreeuwt het uit van geluk na het winnen van de vierde etappe in de Tour de France. Rechts Mathieu van der Poel in de gele trui. Beeld Klaas Jan van der Weij
Mark Cavendish schreeuwt het uit van geluk na het winnen van de vierde etappe in de Tour de France. Rechts Mathieu van der Poel in de gele trui.Beeld Klaas Jan van der Weij

Zijn eindschot was na de 150 kilometer tussen Redon en Fougères als in zijn beste jaren. Vrij letterlijk. Zes jaar geleden won hij ook al in Fougères met een late jump, toen binnendoor bij André Greipel. Dinsdag was bijna een kopie. Opnieuw wachtte hij lang, ditmaal in het wiel van de Belg Jasper Philipsen, om in extremis buitenom te wippen.

Weer waren er tranen. Van geluk dit keer. Cavendish had tot een week voor de Ronde van Frankrijk helemaal niet gedacht dat hij deel zou nemen. Sam Bennett was door Deceuninck-Quicstep aangewezen als sprinter, maar de Ier kampte met een knieblessure en meldde zich af. Ploegleider Patrick Lefevere, die de ernst van Bennetts kwetsuur betwijfelde, riep verrassend genoeg de 36-jarige oud-wereldkampioen op.

Lefevere was de man die hem na het sombere slot van vorig seizoen, toen Cavendish nog in de kleuren van Team Bahrain-McLaren koerste, welkom heette bij Deceuninck-Quickstep, waar hij tussen 2013 en 2015 ook al reed. Een extra geldschieter maakte financieel ruimte voor Cavendish’ plekje.

Goede benen

Onder Lefevre vond Cavendish dit seizoen zijn goede benen weer. Niet langer reed hij zieltogend achter in het peloton, maar boekte weer overwinningen: in de Ronde van Turkije twee keer en eenmaal in de Ronde van België.

Een rit in de Tour is van een ander kaliber. Cavendish, die een indrukwekkend Tourpalmares heeft, weet dat als geen ander. Alleen Eddy Merckx won vaker een Touretappe dan hij: 34. Maar het was al een tijd geleden dat de ‘Manx Missile’ (hij komt van het eiland Man) nummer dertig scoorde. Dat was in 2016, toen hij viermaal zegevierde.

Er zullen weinigen Cavendish de zege hebben misgund, al is de kans groot dat Brent Van Moer dat wel deed. De Belg was de hele dag in de aanval met Fransman Pierre-Luc Périchon en was de laatste twaalf kilometer zelfs solo onderweg. Lang hield hij het peloton op afstand en pas 150 meter voor de streep werd de 23-jarige Tourdebutant bijgehaald.

Gemene klusje

Dat was ironisch. Van Moer was als lid van de Belgische Lotto-ploeg juist naar Frankrijk gekomen om dat gemene klusje, het terughalen van vluchters, zelf uit te voeren. Voor Caleb Ewan, maar omdat de Australiër maandag in de eindsprint ten val kwam en de ronde met een gebroken sleutelbeen verlaten had, kon Van Moer zelf de vluchter zijn.

Cavendish, die de groene trui van teammaat Julian Alaphilippe overnam, roemde voor de televisiecamera zijn ploeggenoten die net op tijd Van Moer hadden achterhaald. Dat ging dieper dan het geijkte bedankje dat sprinters na een zege altijd paraat hebben. ‘Zoveel mensen geloofden niet in mij, maar deze jongens doen dat wel.’

Hij kon het zelf nauwelijks geloven dat hij daadwerkelijk weer een Touretappe had gewonnen. Hij hakkelde zich door het televisie-interview. En voor hij er erg in had, ontsnapte hem aan het slot van het gesprek dat ene woord dat live niet kon worden weggepiept, maar dat al zijn emoties uitstekend samenvatte. ‘Fuck.’

Meer over