ColumnWillem Vissers

Zijn naam was Simon en ze dachten dat hij niet goed genoeg was

null Beeld -
Beeld -

Simon was de zestiende speler, na vijftien uitverkorenen. Hij was niet zo bijzonder, Simon. Ja, hij was best talentvol, maar zelfs hier in Jutland waren zoveel jongens te vinden die beter konden voetballen dan Simon.

Een stel ambitieuze mannen begon een jeugdopleiding bij de fusieclub Midtjylland in Denemarken, rond 2004, en ze selecteerden vijftien jongeren. Simon was de zestiende jongen. Hij woonde in de buurt, hij was hartstikke aardig en hij had een behulpzame vader die voor de club werkte. Vooruit dan maar. Alle trainers stopten vijf namen van spelers in een enveloppe. Het waren de vijf die het volgens hen het verst zouden schoppen in het voetbal. Niemand schreef de naam van Simon op. Helemaal niemand.

‘Onze nummer 1 bakte later pizza’s, en die waren niet eens lekker’, zei voorzitter Rasmus Ankersen in 2014 tijdens een symposium in Amsterdam, toen hij vertelde over Simon, de zestiende jongen. Ankersen, tevens directeur van het naar de Premier League gepromoveerde Brentford, is een veelgevraagd man tijdens lezingen. Hij sprak over de methoden van Midtjylland, een van de eerste clubs die gebruikmaakten van data. Zijn verhaal ging onder meer over honger houden in de sport, en hij gaf toe dat ook hij zich in al zijn wijsheid soms schromelijk vergiste, bij het inschatten van talent bijvoorbeeld.

Als voorbeeld van zo’n fout noemde hij Simon. Simon Kjaer. Hij bleek de beste van allemaal, ook qua voetbal. Hij vertrok jaren later voor vijf miljoen euro naar Palermo, en daarna voor dertien miljoen naar Wolfsburg. Tegenwoordig heeft hij al voor tal van clubs gespeeld, spreekt hij vijf talen en voetbalt hij bij AC Milan. Hij is aanvoerder van Denemarken.

Sabrina Kvist Jensen, de vriendin van de Deense speler Christian Eriksen, wordt getroost door Simon Kjaer. Beeld Getty
Sabrina Kvist Jensen, de vriendin van de Deense speler Christian Eriksen, wordt getroost door Simon Kjaer.Beeld Getty

Zaterdag in het Parken Stadion bleek hij de beste aanvoerder van de wereld, de sportman van het jaar, de Man van het EK, door rustig te blijven nadenken toen Christian Eriksen in elkaar zakte, en daarnaar te handelen. Kijken, denken, doen, kom daar nog eens om. Hij controleerde of de sterspeler van het team zijn tong had ingeslikt. Toen de hulpverleners waren gearriveerd, vormde hij met de andere spelers een cordon om Eriksen, een beschermlaag, een wal van liefde.

Zijn hand rustte op de schouder van Eriksen, toen de hulpverleners hun werk deden. Kijk naar die ene foto van het team rond Eriksen, met afgewende gezichten. Alleen Kjaer kijkt, want hij is de aanvoerder. Hij is de kapitein, de leider, de baas. Of kijk naar de foto van de totaal ontredderde echtgenote van Eriksen, Sabrina. Haar gezicht geklemd tussen de handen van Kjaer, de stoere man met de aanvoerdersband, die stoere kerel vol tatoeages, met het kleinste en het grootste hart tegelijk. Hij kijkt recht in haar ogen, hij doet alles om haar gerust te stellen, hoe onmogelijk dat ook is op dat moment.

De zestiende jongen van toen is de nummer één van nu. Wat dat zegt? Niet zo veel. Misschien dat we dankbaar mogen zijn dat ze bij Midtjylland een zestiende jongen tot de opleiding toelieten. Zijn naam was Simon.