WK's als hebbeding

Weinig landen organiseren zoveel titeltoernooien als Qatar. Squash, zwemmen, wielrennen, handbal en in 2022 het nu al omstreden WK voetbal. De bevolking is nauwelijks geïnteresseerd. Een evenement is als een Rembrandt aan de muur, een Ferrari in de garage.

Prestigieuze tennistoernooien, zowel voor mannen als voor vrouwen, staan al jaren in Qatar op het programma. Beeld epa
Prestigieuze tennistoernooien, zowel voor mannen als voor vrouwen, staan al jaren in Qatar op het programma.Beeld epa

De sjeiks hangen in hun vipboxen en stappen op als de partij tussen Thiemo de Bakker en David Ferrer nog niet eens halverwege is. Qatar heeft met miljoenen dollars aan startgeld tennissterren als Djokovic en Nadal naar hoofdstad Doha gelokt, waar ze in een bijna surrealistische ambiance hun rackets oppakken. De neonverlichte wolkenkrabbers in het diplomatendistrict steken hoog boven het Khalifa-tenniscomplex uit.

Weinigen lijken er om de sport te geven. De bezoekers komen zich vooral vergapen aan de atmosfeer en de kraampjes waar je traditioneel Arabisch kunt eten en waterpijp kunt roken. Anderen klappen vurig in hun handen als De Bakker een service van 211 kilometer per uur van zijn racket laat vertrekken. Maar zo onverwacht als ze op de tribune opduiken, zo snel zijn ze ook weer vertrokken. Sport is bijzaak in Qatar. Maar niet de belangrijkste bijzaak van het leven, zoals in veel andere landen.

De Italiaanse voetbalbestuurders waren verheugd met Doha als het decor van de Supercup tussen Juventus en Napoli, twee weken geleden. Maar hebben ze ook gezien wat de vier doelpunten en de door Napoli gewonnen strafschoppenserie werkelijk losmaakten bij de Qatarezen?

Een Nederlander die liever niet geciteerd wordt, zag weliswaar bijna uitverkochte tribunes. Maar de toeschouwers hadden vooral oog voor elkaar en wat er naast het veld gebeurde.

Natuurlijk, er zijn Qatarezen die van voetbal houden. Ze steken hun miljoenen - als het geen miljarden zijn - niet zomaar in clubs als Paris Saint-Germain, Malaga of Barcelona. Nasser Al-Khelaifi, de baas van PSG, schijnt een kenner van het internationale voetbal te zijn. Ongekend zijn zijn ambities met de club, want hij blijft wel Qatarees. De Champions League winnen? Messi naar Parijs? Geld zal het probleem niet zijn.

November 2014, Internationaal beachvolleybaltoernooi in Doha. Beeld AP
November 2014, Internationaal beachvolleybaltoernooi in Doha.Beeld AP

Sport als prestigemiddel

Sport is voor Qatar in zekere zin hetzelfde als moderne kunst, architectuur of onderwijs. Het land verzekert zich van prestige door WK's te organiseren, net zoals het dat doet door een Amerikaanse universiteit te bouwen of een ziekenhuis te openen met buitenlandse topchirurgen onder het personeel. Qatar laat zich zo gelden naar het buitenland toe, waar het op andere vlakken juist tekortschiet.

Als sportnatie bijvoorbeeld stelt het nog steeds weinig voor, hoeveel buitenlandse atleten ook van een Qatarees paspoort werden voorzien. Vier bronzen olympische medailles verwierf het land sinds de eerste in 1992 van 1.500 meterloper Mohammed Sulaiman. In 2000 beklom Said Saif Asaad het erepodium bij het gewichtheffen, al werd hij in Bulgarije geboren als Angel Popov. De medaillewinnaars in Londen, bij het schieten en hoogspringen, zijn wel van oorsprong Qatarezen.

Qatar organiseert liever, en daarin behoort het wel tot de kampioenen. Vorig jaar streken squash (mannen) en zwemmen (kortebaan) er neer voor hun WK's. De beste mannelijke handbalploegen worden alvast op borden langs de grote wegen welkom geheten voor het WK dat komende week begint in Doha, waar bijna alles in de oliestaat zich concentreert.

Volgend jaar zal het wielrennen er een nieuwe wereldkampioen huldigen. En met een jaarlijkse wedstrijd in de Diamond League atletiek, een golf- en tennistoernooi en de wielerronde van Qatar neemt het land toch al een prominente plaats in op de internationale sportkalender.

De opkomst als sportnatie waar het organiseren betreft is zichtbaar in de Global Sports Nations-index, dat bijhoudt welke landen het meest in sportevenementen investeren. Op de vorig jaar verschenen stedenranglijst neemt Doha de zevende plaats in Londen gaat dankzij de Zomerspelen van 2012 nog steeds aan kop, gevolgd door Moskou. Rusland houdt voorlopig nog meer grote toernooien dan Qatar, al verwierven beide landen bij een gelijktijdige en mogelijk beïnvloede stemming in 2010 het summum: Rusland mag het WK voetbal van 2018 organiseren, Qatar dat van 2022.

Dat is geen toeval. De sport schuift op richting het oosten, waar geld geen probleem is en regeringen niet al te moeilijk doen over de verregaande eisen van sportbonden als de FIFA, die opschorting van belastingen tijdens een WK wil en aparte rijbanen voor de eregasten.

De Olympische Winterspelen van 2022 gaan hoe dan ook naar Azië, nu het Chinese Peking en Almaty in Kazachstan als enige kandidaten zijn overgebleven. De Spelen van 2018, in Zuid-Korea, vinden ook al in het continent plaats.

Qatar kent geen crisis en laat gastarbeiders bouwen wat nodig is, of dat nu een universiteit is, een zessterrenhotel of elf stadions voor het WK voetbal (een wordt er gerenoveerd). De Nederlandse trainers van de Aspire Academy mogen graag vertellen wat er in een paar jaar tijd allemaal aan bouwwerken is verrezen in Doha. 'Qatar is van een kameel naar een Ferrari gegaan', zegt voetbaltrainer Pieter in 't Groen.

Hij bedoelt dat het land tussenstappen heeft overgeslagen. Een nomadenvolk leeft tegenwoordig in weelde, dankzij olievelden die voorlopig niet op kunnen.

Andere landen slaan de handen graag ineen met de opkomende natie. De voorzitter van de Italiaanse eredivisie vond er niets vreemds aan dat de Italiaanse Supercup werd gespeeld in het Jassim bin Hamad-stadion van Doha, de thuisbasis van voetbalclub Al-Sadd. Maurizio Beretta was juist dankbaar dat 'een interessant en prestigieus land als Qatar' interesse had getoond in zijn competitie. Het Libische Tripoli en Peking waren ook al eens het decor van dat duel geweest.

Een repicla van de World Cup in de soek van Doha. Beeld getty
Een repicla van de World Cup in de soek van Doha.Beeld getty

Sport voor het volk

De westerse invloeden missen hun uitwerking op het moslimland niet. Qatar wordt dikker en dikker. Op een donderdagavond om elf uur staan er lange rijen bij de fastfoodketens in het grootste winkelcentrum van Doha. Ongedurig beuken de Qatarezen met hun vuisten op de toonbank, als hun kipburger te lang op zich laat wachten.

Het is een van de speerpunten in de 'Visie 2030', waarin het land zijn beleid van de komende vijftien jaren uit de doeken doet. Qatar maakt zich zorgen over chronische ziekten die het gevolg zijn van 'een zittende levensstijl' en een gebrek aan lichaamsbeweging bij de eigen bevolking. Hart- en vaatziekten zijn het gevolg, net als obesitas.

Bewegen is dus wat de Qatarezen te doen staat. Maar hoe krijg je een volk zover dat niet zonder auto kan? Bijna geen inwoner waagt zich voor een wandeling op straat, waar het in de zomermaanden ondraaglijk heet kan zijn.

Sport is geen vanzelfsprekendheid in Qatar. De hardloopbaan die rond de velden van de Aspire Academy werd aangelegd, moest het volk in Doha tot meer beweging aansporen. De enigen die zich er vrijdag in het zweet werken, zijn westerlingen die een baan hebben bij het nationale Aspire-sportcentrum. Het weekend valt in Qatar op vrijdag en zaterdag.

Enthousiast publiek is een probleem. Daarom worden buitenlandse arbeiders tegen betaling vervoerd... Beeld ap
Enthousiast publiek is een probleem. Daarom worden buitenlandse arbeiders tegen betaling vervoerd...Beeld ap

Anders dan in veel westerse landen bestaat recreatief of amateurvoetbal bijna niet in Qatar. Er bestaan wel teams van expats of universiteiten, maar die komen niet in georganiseerd verband uit. De clubs uit de nationale competitie, de Stars League, hebben een of meerdere jeugdteams. Maar serieuzer trainen doen de besten van elke lichting bij de onder meer Nederlandse trainers van de Aspire Academy.

Zij zijn als buitenlanders naar Qatar gehaald om het land in hun kennis te laten delen, of dat nu onderwijs is of jeugdvoetbal. Dus schudden twee Serviërs met een grote naam in hun vak elkaar de hand op een doordeweekse dag. De een is de 70-jarige Bora Milutinovic. Hij was bij vijf WK's bondscoach van evenzoveel landen. De ander, Nebojsa Popovic, werkt als topchirurg in het Aspetar-sportziekenhuis.

Eindeloos duurt de rondleiding door de eind 2005 geopende Aspire Academy, gelegen naast het hospitaal. Ed Graper, het Nederlandse hoofd onderbouw van de voetbaltak, toont een zwembad, een zaalvoetbalhal en een atletiekbaan allemaal even luxueus en van de nieuwste technologieën voorzien. Het prestigeproject kwam er toen het land de Aziatische Spelen in 2006 mocht organiseren en wordt nu gebruikt door de grootste talenten van Qatar. Zij kunnen zich onder meer wagen aan de Footbonaut, een elektronische voetbalkooi die de reflexen en traptechniek van voetballers test. Ajax-trainer Frank de Boer laat er zelf ook een paar ballen op zich afvuren. Hij zou best zo'n ding in Amsterdam willen hebben, zegt hij.

...naar een wedstrijd waar ze worden aangemoedigd om te juichen. Beeld AP
...naar een wedstrijd waar ze worden aangemoedigd om te juichen.Beeld AP
Meer over