Hockeytopsportcultuur

Winnen ten koste van alles is prima, mits het niet ten koste van een medespeler gaat

Jonge hockeysters voelen zich niet altijd veilig bij de nationale ploeg, waar routiniers het gewoon vinden elkaar de maat te nemen. Dat kan intimiderend werken.

Natasja Weber
De Nederlandse hockeysters poseren met hun gouden medailles na de winst van het olympisch toernooi. Toch hebben enkele speelsters zich ongemakkelijk gevoeld in Japan door de harde mentaliteit in de ploeg.  Beeld ANP
De Nederlandse hockeysters poseren met hun gouden medailles na de winst van het olympisch toernooi. Toch hebben enkele speelsters zich ongemakkelijk gevoeld in Japan door de harde mentaliteit in de ploeg.Beeld ANP

Het nieuws dat enkele hockeysters zich niet comfortabel voelen in het Nederlands team dreigt voor een tweespalt te zorgen in de vrouwenselectie. De oudere garde herkent zich niet in de kritiek van onervaren speelsters die zich onheus bejegend voelen. Hockeybond KNHB neemt de zaak hoog op en stelt een onderzoek in naar het topsportklimaat en de groepscultuur bij het team van bondscoach Alyson Annan. Ook is inmiddels een extern begeleider aangesteld voor de vrouwenploeg en komt er een extra vertrouwenspersoon voor alle nationale teams.

De Nederlandse hockeyvrouwen domineren al jarenlang het mondiale tophockey – momenteel zijn ze regerend Europees, wereld- en olympisch kampioen – maar achter de schermen broeit het. De NOS onthulde woensdag dat enkele speelsters zich afgelopen zomer op de Olympische Spelen in Tokio niet veilig hebben gevoeld als gevolg van verbale intimidatie en pestgedrag. De meldingen liggen zeer gevoelig. Bij een praatsessie eerder deze maand bleek dat de perceptie van de ene hockeyster mijlenver verschilt met die van een ander. Kritiek die een onervaren speelster als intimiderend ervoer, hoorde volgens een ervaren speelster bij topsport op het hoogste niveau.

In een schriftelijke toelichting stelt de hockeybond: ‘Op basis van evaluatiegesprekken is gebleken dat het prestatieklimaat van het Nederlands vrouwenelftal op diverse wijzen wordt ervaren en beleefd. Omdat de KNHB het individueel welzijn van alle betrokkenen van belang vindt, heeft de bond behoefte aan een nog zorgvuldiger totaalbeeld van de samenwerking, sfeer, het prestatieklimaat en de onderlinge communicatie. Daarom gaat een onafhankelijk persoon onderzoek doen’, aldus de KNHB.

Altijd tot het uiterste

Het topsportklimaat van de nationale hockeyvrouwen wordt grotendeels gekleurd door de speelsters van HC Den Bosch. De succesvolle Brabantse club is al jarenlang hofleverancier voor het Nederlands team. De zestienkoppige selectie die in Tokio olympisch goud won, telde acht hockeysters van Den Bosch. Bij de recordlandskampioen roemen ze hun Bossche cultuur die staat voor: een winnaarsmentaliteit, keihard werken en elkaar durven aanspreken op fouten.

Voormalig wereldspeelster Maartje Paumen spreekt in haar biografie Altijd tot het uiterste treffend hoe ze bij HC Den Bosch werd besmet met het ‘Bossche virus’. ‘Altijd 200 procent geven, altijd gaan voor de winst en open en direct communiceren. Dat heb ik geleerd van Mijntje Donners, Janneke Schopman en Minke Booij. Ik heb dat gevoel ook willen doorgeven aan de volgende generatie.’ Verder vertelt Paumen in het boek dat ze als nieuwkomer bij Den Bosch eens ongenadig werd uitgescholden door Donners. ‘En na mij kreeg Lidewij Welten een scheldkanonnade over zich heen. Jaren later herkende ik mezelf in Mijntje. Ik kon in de kleedkamer ook uit mijn bol gaan.’

Hockeyclub Den Bosch gaat er prat op dat de Bossche cultuur van generatie op generatie wordt overgebracht. De successen van de vrouwen – vroeger vaak gekscherend de bitches van Den Bosch genoemd – spreken voor zich. Toch roept het de vraag op in hoeverre jonge hockeysters van andere ploegen bestand zijn tegen de dominante Bossche invloeden op het Nederlands team.

Marc Lammers

Voormalig bondscoach van de Nederlandse hockeyvrouwen Marc Lammers wijst er op dat de grenzen van wat er binnen een team wel of niet toelaatbaar is, de laatste jaren zijn veranderd. ‘Het is iets van alle jaren dat oudere speelsters kritisch zijn op jongeren. Maar wat jij tien jaar geleden als jonge speelster normaal vond om te ondergaan, hoeft nu niet meer normaal te zijn.’

Lammers wil benadrukken dat hij alleen uit eigen ervaring spreekt en geen oordeel heeft over de huidige situatie bij het Nederlands vrouwenteam. ‘Daar kan ik niks over zeggen, ik sta daar veel te ver vanaf’, zegt de oud-bondscoach die Nederland in 2008 naar de olympische titel leidde. ‘Maar ik ben wel verbaasd over de geluiden en het is alleen maar goed dat er een onderzoek komt.’

In zijn tijd als bondscoach voerde Lammers het adagium: spelen op de afspraak, niet op de man. ‘Als afspraken niet werden nagekomen – binnen of buiten het veld – mag je hard zijn naar elkaar toe’, licht Lammers toe. ‘Maar er wordt niet gekleineerd of geïntimideerd. Ja, ik heb ervaren speelsters vroeger weleens terecht gewezen als ze een jonge, onzekere hockeyster verbaal aanpakten. Van faalangst is nog nooit iemand harder gaan lopen. Niet voor niets heeft wetenschappelijk onderzoek uitgewezen dat zelfvertrouwen én een veilige omgeving de belangrijkste ingrediënten zijn om te kunnen presteren.’

Blijven presteren op het hoogste niveau én een topsportcultuur creëren waarin alle speelsters zich prettig en veilig voelen, is nu de belangrijkste taak van de hockeybond. Haast is geboden. Over zeven maanden staat met het WK hockey (in Nederland en Spanje) al het volgende mondiale toernooi op de kalender.

Meer over