Wiel ontwart de knoop in zijn maag

Den Bosch95..

Van onze medewerker Rob Kramp

den bosch Basketbal is zijn leven. Van jongs af aan. Een uitzonderlijk talent was Randy Wiel niet, wel een uitstekende teamspeler. Het collectief ging bij hem altijd voor het eigenbelang. Als coach drijft hij op zijn charisma en is hij meer een sfeermaker dan een strateeg. Harde ingrepen verafschuwt hij en schuift hij zo lang mogelijk voor zich uit.

In zijn derde jaar als coach van Den Bosch liep hij al weken met een knoop in zijn maag. Er brak muiterij uit in zijn ploeg. Verwende Amerikanen klaagden over het geringe aantal speelminuten. De onderlinge jaloezie liep hoog op en was op de werkvloer zichtbaar. Wiel gruwde er van en werd langzaam maar zeker gedwongen het mes in zijn selectie te zetten.

Twee dagen geleden ontsloeg hij de Amerikanen Stevenson en Wells. Vooral het vertrek van de laatste, gemiddeld goed voor 12,8 punten en 7,2 rebounds, betekende gezichtsverlies voor de coach. Hij had Wells binnengehaald als opvolger van Leon Rodgers, de sterspeler die aan de hand van Wiel de Bossche ploeg de laatste twee jaar naar het kampioenschap schoot.

‘Er werd niet meer gelachen in de kleedkamer’, vertelde Wiel. Zelfs zijn humoristische anekdotes over Michael Jordan tijdens zijn periode als assistent-coach van de Tarheels in North Carolina sloegen niet meer aan. Laat staan zijn muzikale acts met de gitaar of trompet.

‘Stevenson verziekte de sfeer’’, zei Wiel zondag na de nederlaag (95-97) in de topper tegen koploper Amsterdam. ‘En Wells was niet de leider die ik verwachtte dat hij zou zijn.’

De spelersgroep reageerde geschokt. ‘Vorig seizoen was er een vergelijkbare situatie, maar toen werd er niet ingegrepen’, herinnerde Kees Akerboom zich. De schutter was tegen Amsterdam eindelijk weer eens zichzelf. Hij onderscheidde zich met 21 punten, waaronder vijf driepunters. ‘Ik hou een dubbel gevoel aan deze wedstrijd over. Ik baal van de nederlaag maar heb heerlijk gespeeld. Eindelijk stond er weer één team binnen de lijnen.’

Het verlies betekende de derde competitienederlaag op rij voor Den Bosch, een primeur in het tijdperk-Wiel. Het was ook de zesde nederlaag in negentien wedstrijden in dit seizoen en maakte een einde aan een ongeslagen thuisreeks van achttien maanden.

Toch zag Wiel (56) na de opwindende slotfase, waarin Amsterdam de overwinning vanaf de vrije worplijn veilig stelde, uitsluitend lichtpuntjes. ‘Wij worden kampioen’, sprak hij vol optimisme. ‘Deze wedstrijd is het keerpunt in ons seizoen. De dip is voorbij, met dit spel kan ik aan de slag.’

Den Bosch – Amsterdam was in de Maaspoort een aantrekkelijk, enerverend duel dat de tweeduizend toeschouwers op de punt van hun stoelen hield. Amsterdam is onder coach Shivek uitgegroeid tot een uitgebalanceerd collectief waarin de internationals Wessels (16 punten, 6 rebounds) en Van Paassen (17 punten) aan de zijde van de Amerikanen Akubar en Roberts (beiden 18 punten) het beste seizoen uit hun carrières spelen.

‘Als team is Amsterdam verder dan wij’, gaf Wiel grif toe. ‘De ploeg is goed ingespeeld en kan altijd terugvallen op Van Paassen. Hij maakt het verschil.’

Zo’n speler heeft Wiel sinds eind december ook tot zijn beschikking in Damone Brown. De 28-jarige speelde vier jaar voor de Orangemen van de Syracuse University, waarna hij in de NBA aan de slag ging bij Philadelphia. Daar werd hij te licht bevonden waarna hij Toronto, New Jersey en Washington aandeed alvorens hij een divisie zakte.

Wiel pikte de 2,06 meter lange forward op bij de Sioux Falls Skyforce. Tegen Amsterdam was hij zondag in zijn thuisdebuut goed voor 16 punten en 6 rebounds. ‘Damone wordt heel belangrijk voor ons’, vertelde Wiel. ‘Hij is een speler die een ploeg op sleeptouw kan nemen.’

Die rol werd zondag op weergaloze wijze vertolkt door Darryll Tucker, met 32 punten de topscorer in de Maaspoort. ‘Tucker en Brown, als die twee op elkaar zijn ingespeeld, wordt dat een ongrijpbare tandem’, zei Wiel verlekkerd hardop.

De Surinamer liep ondanks de nederlaag glimlachend rond in de catacomben. Er was een loodzware last van zijn schouders gevallen. Zijn ploeg was de afgelopen weken de weg volledig kwijt en vond zondag tegen Amsterdam de spelvreugde terug.

‘Ik was er goed ziek van dat ik die twee moest wegsturen, maar het was noodzakelijk. Dit was het basketbal dat ik en de toeschouwers willen zien. De jongens waren bereid voor elkaar te vechten en gunden elkaar de bal. Nu moeten ze weer samen leren lachen in de kleedkamer. Ik heb een hekel aan verliezen, maar dit is een nederlaag met een positief gevoel.’’

Meer over