AnalyseAtlético Madrid

Wie niet groot is, moet slim zijn: zo is Atlético Madrid op weg naar de titel

Saúl (links) viert de tweede goal tegen Cadiz met zijn teamgenoten. Beeld REUTERS
Saúl (links) viert de tweede goal tegen Cadiz met zijn teamgenoten.Beeld REUTERS

Atlético Madrid is hard op weg naar de Spaanse titel, na de uitzege op Cádiz (2-4). De Madrilenen staan tien punten voor op stadgenoot Real Madrid en Barcelona, en dat met een wedstrijd minder gespeeld.

Het is de kroon op het werk van trainer Diego Simeone. Successen boekte hij al eerder met Atlético, maar in zijn tiende seizoen in de Spaanse hoofdstad bewijst Simeone dat hij tot verandering in staat is. Want binnen de karakteristieke vechtvoetbalstijl van Atlético is er plots ook ruimte voor aanvallende impulsen.

Cholismo

Wie niet groot is, moet slim zijn. Met die filosofie zorgde Diego Cholo Simeone, voormalig schopper op het Argentijnse middenveld, in 2012 voor een revolutie bij gevallen topclub Atlético.

De technisch begaafdste spelers die Spanje te bieden had, speelden al tijden niet meer bij de Madrileense volksclub. Daarvoor was de financiële kloof met grootmachten Real en Barcelona te groot geworden. Simeone legde zich daarom toe op het smeden van de best verdedigende ploeg in het topvoetbal. De speelstijl, gekenmerkt door een waterdichte defensie en nietsontziende agressie, kreeg al snel een eigen naam: Cholismo.

Simeone slaagde in zijn opzet. Of beter gezegd, slaagt. Sinds zijn komst naar Madrid is Atlético de moeilijkst te passeren ploeg in Europa. Met 10 tegendoelpunten in 19 wedstrijden is Atleti ook dit jaar de ploeg die het minste incasseerde van alle ploegen in de vijf grote Europese competities. Het is niets nieuws voor Simeone. In de 506 wedstrijden die Atlético sinds 1 januari 2012 onder zijn leiding speelde, kreeg het maar 389 tegengoals te verwerken - het minste in Europa. Ook de 261 clean sheets in deze periode zijn een record.

Speler van Atlético Madrid vieren een doelpunt in de wedstrijd tegen Cadiz. Beeld EPA
Speler van Atlético Madrid vieren een doelpunt in de wedstrijd tegen Cadiz.Beeld EPA

Trouwe soldaten

Het collectief en continuïteit staan voorop bij Atlético. Tegen Cádiz staan er met keeper Jan Oblak (282 duels), verdedigers Stefan Savic (182) en José Maria Giménez (205), middenvelders Saúl (317) en Koke (335) en aanvaller Ángel Correa (259) liefst zes spelers met minstens 180 duels ervaring met de Cholismo-speelstijl op het veld.

De afgelopen jaren leek die continuïteit soms een probleem. Simeone leunde te veel op zijn trouwe soldaten, op spelers die wegwijs waren met het vele defensieve werk dat hij eiste. De verdediging was nog altijd waterdicht, maar ruimte voor aanvallende creativiteit was er niet meer. De ploeg beperkte zich in aanvallend opzicht tot simpel countervoetbal.

Stijlbreuk

Simeone greep daarom in. Frisse wind kwam er in de vorm van een tactische wissel. Na negen seizoenen steevast in een 4-4-2-formatie te hebben gespeeld, introduceerde hij een 3-5-2-systeem, om meer vrijheid voor zijn recordaankoop João Félix (127 miljoen euro) te creëren. Met een extra middenvelder in zijn rug heeft de 21-jarige Portugese schaduwspits in Madrid inmiddels zijn vorm hervonden waar hij in 2019 een toptransfer mee afdwong.

Maar nog belangrijker is de komst van Luis Suárez. Barcelona durfde het, na terugkerende knieblessures, niet meer aan met de 34-jarige spits. Een inschattingsfout, blijkt nu. De Uruguayaan is met 14 goals en 2 assists in 16 duels gemiddeld eens per wedstrijd bij een doelpunt betrokken. Suárez is weer de oude. Zo ook tegen Cádiz, waar hij met een schitterend gekrulde vrije trap en een gedecideerd binnengeschoten penalty het verschil maakt.

Met creatiever voetbal, een bevrijde João Félix en een herboren Suárez ligt Atlético op titelkoers.

Meer over