sport

Wie is de 17-jarige kunstrijdster Lindsay van Zundert?

Lindsay van Zundert staat, als eerste Nederlandse kunstrijdster in 46 jaar, op de Winterspelen. Ze kreeg voor haar zevende verjaardag een proefles en was meteen verkocht. Op het ijs is ze in haar element, al is ze aan de lange kant.

Erik van Lakerveld
Kunstrijdster Lindsay van Zundert (17) tijdens een trainingssessie in het Capital Indoor Stadium in Beijing, China. Beeld Koen van Weel / ANP
Kunstrijdster Lindsay van Zundert (17) tijdens een trainingssessie in het Capital Indoor Stadium in Beijing, China.Beeld Koen van Weel / ANP

Tien minuten al stond Joan Haanappel aan de boarding van de ijsbaan. Voor haar neus ging een jonge kunstrijdster helemaal op in haar oefening. Om haar aandacht te trekken zei de voormalige topschaatsster en televisiepresentator (81) haar naam: ‘Lindsay’. Het meisje schrok, zo ingespannen was ze bezig. ‘Ze had me helemaal niet zien staan.’

Vijf jaar later staat Lindsay van Zundert op de Winterspelen, als eerste Nederlander in 46 jaar. De reactie tekent Van Zundert nog altijd, vindt Haanappel. De 17-jarige kunstrijdster kan zich als geen ander vastbijten in haar sport. ‘Ze kan zich ontzettend goed concentreren.’

Die ontmoeting van vijf jaar geleden kan Van Zundert zich niet meer herinneren. Maar ze herkent zich er volledig in. Als ze op de baan staat, kan ze de wereld om zich heen volledig vergeten. Dan is er niets anders dan zij, haar schaatsen en het ijs. ‘Ik ben dan helemaal in mijn element.’

Haanappel zelf nam tweemaal deel aan de Winterspelen, in 1956 en 1960. Haar beste resultaat behaalde ze de tweede keer. Toen werd ze vijfde. Samen met Sjoukje Dijkstra, die in 1960 zilver en in 1964 goud pakte, zag ze met lede ogen aan hoe de discipline in Nederland steeds minder meetelde.

Terwijl de Nederlanders bij het langebaanschaatsen steeds dominanter werden en olympische titels bij elkaar veegden, haalde na de deelname van de Canadees-Nederlandse Dianne de Leeuw nooit een kunstrijdster de Spelen meer. Twaalf jaar geleden richtten Haanappel en Dijkstra daarom Stichting Kunstrijden Nederland (SKN) op, waarmee ze jonge talenten een steuntje in de rug geven, onder meer met trainingskampen.

Van Zundert viel direct op. Dijkstra zag haar voor het eerst bij een selectiewedstrijd. Haanappel, die in Brussel woont, was daar niet bij. Enthousiast vertelde Dijkstra telefonisch dat ze ‘zo’n leuk meisje’ had zien rijden. Haanappel: ‘Ik was het daarna eerlijk gezegd alweer vergeten, maar toen zij bij het NK het ijs op kwam vroeg ik Sjouk meteen: wie is dat?’

Een ijsbaantje in de Efteling

Van Zundert was 6 toen ze voor het eerst op schaatsen stond, op een tijdelijk ijsbaantje in de Efteling. Ze was direct verkocht. ‘Mama zei dat we verder het park in moesten, dat we niet de hele dag op de ijsbaan konden blijven. Daarna heb ik voor mijn 7de verjaardag een proefles gekregen. Sindsdien ben ik blijven schaatsen.’

Kunstrijden is een sport die sinds de tijd van Haanappel en Dijkstra enorm is geëvolueerd. De combinaties van sprongen en pirouettes en de complexiteit van de küren zijn van een hogere orde. Daarmee draait de sport nog meer dan voorheen om talent. De besten behoren al op jonge leeftijd tot de wereldtop.

Voor een kunstrijdster is Van Zundert aan de lange kant: 1,69 is ze nu. Ze is het afgelopen jaar nog gegroeid. ‘Het is: hoe kleiner, hoe makkelijker’, zegt ze. De kleine, lichte concurrenten kunnen wat eenvoudiger hoog springen en dus in de tijd die ze in de lucht hangen ook vaker om hun as draaien. Dat is in de jurysport veel waard. De beste Russinnen kunnen viervoudige wentelingen maken, Van Zundert houdt het op drievoudig.

Tegelijkertijd is een wat grotere bouw geen onoverkomelijk obstakel. De Italiaanse Carolina Kostner is ook 1,69 meter lang en zij werd vijf keer Europees kampioen, eenmaal wereldkampioen en haalde in 2014 brons op de Spelen. Van Zundert: ‘Als je groter bent, moet je groter schaatsen, meer snelheid maken. Zo is het.’

Haanappel zag onmiddellijk dat Van Zundert iets extra’s had. ‘Ik werd er best wel even stil van’, zegt ze. Diezelfde dag nog gingen Dijkstra en zij om tafel met de moeder van Van Zundert. Om te praten over haar toekomst in het kunstrijden en wat SKN zou kunnen betekenen.

 Lindsay van Zundert in Tallinn, Estland, op 13 januari 2022. Beeld Tom Kalnins / EPA
Lindsay van Zundert in Tallinn, Estland, op 13 januari 2022.Beeld Tom Kalnins / EPA

Van Zundert, geboren en opgegroeid in Etten-Leur, is een familiemens. In voorbereiding op de Spelen ging ze in Heerenveen in isolatie, terwijl ze trainde in Thialf, samen met haar grootmoeder Sonja. ‘Het was heel fijn dat oma steeds in de buurt was voor vertrek naar Beijing. Zo voelde het toch huiselijk.’

Ze heeft vanuit Beijing veel contact met thuis, vooral met ‘mama’ Chantal Vervuren. Haanappel is onder de indruk van het gezin, dat echt meedenkt. ‘Zij willen ook leren.’

Door haar betrokkenheid en de connectie die ze met Van Zundert voelt, is Haanappel deel geworden van het Brabantse gezin, zegt ze. En de kunstrijdster zelf ziet dat ook zo. ‘Joan is familie geworden. We zijn zo hecht.’ Ze hebben bijna dagelijks contact.

Statiegeldflessen inzamelen

Ondanks de steun van SKN was het voor Van Zundert niet altijd gemakkelijk om haar topsportdroom na te jagen. Als 14-jarige ging ze langs de deuren om statiegeldflessen te verzamelen. Met de opbrengst wilde ze een trainingsreis naar de Verenigde Staten financieren.

‘Ze is een harde werker en doet alles om zich te verbeteren’, zegt Carine Herrygers, haar Belgische coach. ‘Als je tegen haar zegt: je doet tien keer je kür, dan zal ze dat tien keer doen, zonder iets te zeggen.’ Dat is volgens Herrygers sowieso een onmisbare eigenschap voor topsport.

Opvallender vindt ze haar wilskracht. ‘Ze doet veel trainingsuren en ze houdt het goed vol. En dat is moeilijk, want ze heeft geen grote groep om mee te trainen zoals in het buitenland.’ Niet dat van Zundert helemaal alleen traint. Ze werkt samen met de Belgische Loena Hendrickx.

Ze mag dan zeer gedisciplineerd zijn, om in gang te schieten, moet ze wel een opdracht krijgen. Zou Herrygers haar niet aansporen, dan doet ze het niet. Ze is van huis uit niet gewend om initiatief te tonen, denkt haar coach. ‘Daar zegt oma ’s ochtends: je moet zoveel keer touwtjespringen. Ze doet dat niet uit zichzelf.’

Vorige winter debuteerde Van Zundert op het WK kunstrijden in Stockholm. Tot ieders verbazing behaalde ze er de zestiende plaats. Zo’n goede uitslag was ook sinds 1976 niet meer voorgekomen. Hoewel de kwalificatie-eis van NOCNSF de afgelopen olympische edities meestal een twaalfde plek op het WK was, toonde de sportkoepel zich dit keer coulanter. Van Zunderts zestiende plaats was goed genoeg.

Dit jaar drong ze op het EK niet door tot de vrije kür. Net als op de Spelen mogen alleen de beste 24 rijders van de korte kür door naar het tweede deel van het toernooi. Van Zundert eindigde op het EK als 27ste.

‘Het is voor haar ook niet zo gemakkelijk. In één jaar tijd zijn er veel verwachtingen ontstaan. Op het WK was ze nog onbevangen en daarna is het moeilijk om het weer waar te maken’, zegt Haanappel. ‘Ze is intelligent en weet dat mensen veel van haar verwachten. Maar wij zeggen: je moet er niet mee bezig zijn.’

De Spelen als leerschool

De Olympische Spelen zijn voor Van Zundert nadrukkelijk bedoeld als leerschool. Uit die gedachte kwam ook de coulance van NOCNSF voort. Ze is jong, kan belangrijke ervaring opdoen en wordt bekender in het wereldje. Dat speelt, bewust of onbewust, mee in de beoordelingen van de jury, vertelde Jorik Hendrickx vorig jaar. De Belg was destijds assistent-coach. ‘Het is belangrijk dat de juryleden je leren kennen en dat kan alleen door deel te nemen aan de grootste toernooien.’

Het zijn spannende dagen voor Van Zundert, merkte Herrygers zondag bij een van de laatste trainingen. Dinsdag staat de korte kür gepland. ‘Voor vertrek in Heerenveen was ze heel zelfzeker, heel krachtig. Ik heb nu het gevoel dat ze veel stress heeft. Ze voelt heel veel druk op zich. Ik zie hier een andere Lindsay dan ik in Nederland zag. Ik denk dat we haar mentaal nog moeten oppeppen.’

Dat hoeft geen slecht teken te zijn, haast Herrygers zich te zeggen. Bij het WK van vorig jaar in Stockholm was Van Zundert ook zo gespannen. ‘En toen heeft ze heel goed gepresteerd, dus we moeten niet panikeren.’

Lindsay van Zundert tijdens eens trainingssessie in Beijing op vrijdag 11 februari.  Beeld Laurie Dieffembacq / BELGA
Lindsay van Zundert tijdens eens trainingssessie in Beijing op vrijdag 11 februari.Beeld Laurie Dieffembacq / BELGA
Meer over