NIEUWSHockey

Waarschuwingen voor blessures nu hockey begint; een denktank moet de Hoofdklasse updaten

De hockeycompetitie begint zondag. De spelers lijken er na de coronapauze klaar voor, maar dat is schijn, stelt topcoach Paul van Ass. Een denktank moet verder de hoofdklasse een forse update geven.

Hoofdklassewedstrijden als deze van Oranje-Rood tegen Kampong zijn nu nog gratis. Mogelijk verandert dit.Beeld Hollandse Hoogte / Nederlandse F

De competitie

Een heuse denktank staat klaar om voor een betere competitie in de Hoofdklasse Heren te zorgen. De naam doet al oubollig aan, aldus Paul van Ass, oud-bondscoach en meedenker namens HGC uit Wassenaar. Eredivisie Mannen zou het kunnen zijn, aanhakend bij andere sporten die hun hoogste klasse de eredivisie noemen. Hoofdklasse riekt te veel naar amateurs, terwijl hockey behoorlijk veel professionaliteit herbergt.

Een andere hobbel uit oude, voorbije tijden is dat bij hockeywedstrijden geen entreegeld wordt geheven. Voor 0 euro kun je de beste hockeyers van de wereld zien. Want ook dat is een deel van het affiche: de Nederlandse hoofdklasse is (door de instroom van vele buitenlanders) de beste competitie van de wereld. Dat daar niet voor betaald hoeft te worden is onbegrijpelijk, vinden velen.

Deze week kwam er een doorbraak. Hockeyclub Rotterdam liet zijn supporters weten dat voortaan 5 euro voor een bezoek aan ‘het eerste’ moet worden betaald. Pinoké en HGC sloten zich daarbij aan. Door de coronacrisis worden op veel plekken rode cijfers ­geschreven. De overige clubs in de hoofdklasse houden het voorlopig nog op de nu verplichte registratieplicht.

De Hoofdklasse Heren heeft wel een sponsor gestrikt. Tulp Keukens denkt een fors klantenbestand aan te boren door de competitie financieel te gaan ondersteunen. Daarbij past professionele organisatie. Het grootste sportmarketingbureau van Nederland, House of Sports van Patrick Wouters, biedt organisatorische ondersteuning op marketing- en communicatie­gebied aan wat nu de Tulp Hoofdklasse Heren heet.

De denktank dient ‘het product hockey’ weer op te krikken naar het ­niveau dat nog maar enkele jaren geleden als aantrekkelijk gold. Van Ass, coach van HGC, gaf onlangs een kleine voorzet: ‘Misschien hebben we de laatste jaren te veel regels veranderd.’

De coach

Paul van Ass, de trainer van HGC en voormalig bondscoach, voorspelt bij de start van de mannencompetitie ‘heel veel ongelukken’. Hij bedoelt: ‘Blessures, heel veel blessures.’ Dit omdat de voorbereidingsperiode voor de hockeyers in zijn visie (‘er is veel wetenschappelijke literatuur, hè’) te kort is geweest als gevolg van de pauze door de coronacrisis.

‘Achttien weken had het moeten zijn’, na al die maanden van inactiviteit en halve activiteit. ‘We hadden nog ­zeker een goede maand van oefen­wedstrijden tegen elkaar, of tegen Duitse clubs, moeten hebben om een fundament te hebben dat minder spannend is dan dat van nu’, aldus Van Ass.

Van half mei tot eind juni is er ­‘anderhalvemeterhockey’ gespeeld. ‘Maar dat is niet de opbouw die je nodig hebt. De echte opbouw is dat je een duw krijgt, in contact komt en je dan verstapt. De hele keten van het ­lichaam is daar nog niet op berekend’, zegt hij. ‘Wij zijn nu zes echte weken bezig. Dat is te weinig om wedstrijdniveau op te bouwen. Daarom voelen die wedstrijden, vijf in de maand september met zelfs een midweekse, een beetje gevaarlijk. Ik zeg: die ongelukken zijn niet te voorkomen.’

Als extra belasting voor de topspelers komen daar deze maand nog de centrale trainingen van de nationale ploeg en beloften bij. Van Ass: ‘Die hadden we een maand moeten uitstellen.’ Meer trainen helpt volgens hem niet, het probleem is eerder overbelasting.

‘Je traint niet in zes weken naar olympisch niveau. Het gaat om peesdoorbloeding. Je botstructuur is ook zwakker geworden. Je wilt over­compenseren, maar dat werkt niet zo. Twee extra wissels, zeven in plaats van vijf, zouden iets van de belasting weghalen. Maar ik zie hockeyers die op 80 procent van hun niveau spelen. En dan in oktober al Pro League spelen met de nationale ploeg, tegen de Britten. Echt, we hadden dat moeten laten lopen. Maar niemand luistert naar de bestaande expertise van NL Coach en Topics.’

De Speler

Glenn Schuurman is een 142-voudig international en de 29-jarige aanvoerder van titelkandidaat Bloemendaal, op jacht naar het 21ste landskampioenschap sinds 1898. Hij moest dit jaar twee sportieve teleurstellingen incasseren.

‘Eén: we waren de betere ploeg in de hoofdklasse, voerden de ranglijst aan, tot corona uitbrak. Niet dat wij ook kampioen waren geworden. In een voetbalcompetitie kun je zo’n voorsprong als wij hadden uitbouwen of vasthouden. In hockey krijg je altijd weer de play-offs. Dat is een momentopname. Heeft jouw ploeg blessures, is de vorm er nog, heb je last van de spanning? Maar het is uiteraard zonde dat we het karwei afgelopen ­seizoen niet konden afmaken.

‘De tweede teleurstelling was dat de Olympische Spelen niet doorgingen. Een anticlimax. Je bouwt daar een heel jaar naar toe. Een heel jaar richt je je ­leven in voor dat ene toernooi, dat niet doorging. Maar daar kwam ook blijdschap bij. Ik was blij dat de Spelen werden uitgesteld, niet definitief afgelast. Daar heb je dan drie, vier jaar alles voor opzij gezet en dan is zo’n evenement weg.

‘We zitten nu opnieuw in een pre­olympisch jaar. Dat is pittig. Maandag, dinsdag en woensdag met de nationale ploeg trainen. Donderdag en vrijdag op de club, Bloemendaal. Zaterdag de vaste rustdag en dan zondag de wedstrijd. Fysiek is het vol te houden, ook omdat we strak worden gemonitord door onze fysieke trainer, Auke Klarenbeek van NOCNSF. Die weet door zijn gps-tracker op maandag precies wat ik zondag, als box-to-boxspeler bij Bloemendaal, aan kilometers heb ­gemaakt. 9 kilometer haal ik. Hij schrijft je na een zware zondag een rustig ­begin van de maandag voor. Of als je ­erdoorheen zit, geeft-ie je een aai over de bol. Ook best lekker. Verder is het volle bak trainen. Want op 80 procent kun je het olympische jaar niet in.

‘We zijn bij Bloemendaal na vier jaar van coach veranderd. Michel van den Heuvel was een supergoeie, een van het dirigeren. Nu hebben we Rick Matthijssen. Hij wil dat je meer je eigen spel ­creëert.’