Voorzitter acht situatie ten aanzien van sponsoring beter dan vier jaar geleden; Huibregtsen pareert kritiek op topsportbeleid NOCNSF

Het Olympisch dorp was gisteren in rep en roer. Het NOCNSF kreeg te maken met anonieme doch breed afgedrukte kritiek op de gang van zaken in de Nederlandse topsport....

Van onze verslaggever

John Volkers

PAPENDAL

Tussen de normale bedrijven door - er moesten in de algemene vergadering een penningmeester, een topsportplan, een breedtesport-nota en een gedragscode aangenomen worden - ging NOCNSF-voorzitter Huibregtsen de kritiek te lijf. In zijn opvatting was slechts één van de gekraakte noten in overeenstemming met de werkelijkheid: de ontevredenheid van de sponsors.

Huibregtsen: 'Eens in de zoveel jaar blijkt de irritatie van sponsors over wat wij hen precies te bieden hebben. Er is op dat vlak altijd een spanningsveld. Maar behalve de KLM dat een ander belang voor ogen had, haken ze niet af.'

De partners-in-sport worden PinS genoemd. Het zijn grote bedrijven (van Shell tot KPN) die volgens Huibregtsen tegenwoordig een ander belang hebben dan de naamsbekendheid uit het nabije verleden. 'De aard van de sponsoring is veranderd. Het gaat nu om de maatschappelijke inbreng. Shell en zijn jeugdvoetbal is een voorbeeld.'

De sportkoepel heeft in de felle strijd om de sponsoringmiljoenen niet meer dan het Olympisch collectief, de kernploeg, te bieden. Bonden en atleten hebben hun eigen rechten. Daarom is bij NOCNSF gekozen voor de koers van de maatschappelijke betrokkenheid die een bedrijf toont door de semi-beroepssporters van de Olympische sportbonden te ondersteunen.

De belangstelling van sponsors is volgens Huibregtsen overigens bemoedigend. 'We staan er met het oog op Sydney vrolijker voor dan in de vergelijkbare situatie in '93. We denken binnenkort twee nieuwe partners te kunnen presenteren.'

Het belang van de sponsoring voor de financiële middelen van NOCNSF moet bovendien niet overtrokken worden. 'We hebben nu zeventig miljoen gulden uit SNS-gelden, volgend jaar wordt dat tachtig miljoen en 120 miljoen is een indicatie voor de toekomst. Ter vergelijking, uit sponsoring rekenen we tussen de tien en twintig miljoen', was de macro-som van Huibregtsen.

De voorzitter wilde in de wandelgangen met zijn kritikasters wedden dat in Sydney net zo veel medailles (19) als in Atlanta gehaald worden. Bovendien verweerde hij zich fel tegen de kritiek dat de Olympische sporters te weinig aanspreekpunten zouden hebben op kantoor en in het veld.

Omstandig legde Huibregtsen de politiek rond het 'chef de mission-schap' nog eens uit. De sector topsport van NOCNSF wil de rol van de cdm terugbrengen tot die van leider van de Olympische ploeg. Hij wordt vooral actief in het laatste jaar van de vierjarige cyclus. De inhoud die de geestdriftige Bolhuis de functie gaf in de jaren voor Barcelona en Atlanta, een pure extra, moet nu meer uit de structuur van de topsportafdeling komen.

In de coulissen was toehoorder Bolhuis beducht voor de grotere afstand tot de sporter die volgens hem de laatste maanden is ontstaan. 'Ik ben drie jaar voor de Spelen benoemd, heb altijd contact met de sporters gehouden. Ze willen een aanspreekpunt. Mensen hebben geen benul van een nieuwe structuur. Het is een te ambtelijke benadering. Het gaat in topsport om het contact van mens tot mens.'

Volgens hoofd topsport Sturkenboom gaan de vijf krachten van de afdeling individuele begeleiding zich vanaf dit jaar juist sterker bezig houden met de A-categorie. De sector topsport heeft al zijn mensen beschikbaar voor contacten in het veld, adviseur Alberda voorop.

Papendal heeft het echter ook druk met de vele topsportplannen die met het oog op 2000 en 2004 zijn ingediend. Sturkenboom heeft geklaagd over een gebrek aan menskracht, slechts vijf procent van de werknemers van Papendal is werkzaam in de topsport.

Huibregtsen, met een schuin oog naar de jaarcijfers (een plusje van 38 mille): 'In dit gezelschap durf ik hier niet voor te stellen meer menskracht aan te trekken. Of we doen het met dezelfde mensen beter. Of we trekken mensen van buiten aan, zoals Alberda.'

Meer over