Voltooien boek moet wijken voor coachen

In het donker van de Alkmaarse nacht liep hij zaterdag de adrenaline uit zijn lijf. Enkele uren nadat Almere zich in de nerveuze slotfase had laten overrompelen door Bergen op Zoom (63-68), mengde trainer Marco van den Berg zich in zijn woonplaats op loopschoenen en in trainingspak tussen de klanten...

Van onze verslaggever Poul Annema

De ochtend na de nederlaag was hij alweer vroeg in de Almeerse sporthal Waterwijk om bij zijn spelers de sfeer van de vorige avond via de videoband te laten herleven en van zijn commentaar te voorzien. ‘Dat heb ik bij AZ van Co Adriaanse geleerd: de volgende dag meteen terugkijken, en trainen op herstel, maar ook op fouten. Dat betekent nu extra trainen op onze zoneverdediging.’

Juist daar ging Almere zaterdagavond onderuit, toen de ongrijpbare Phil Goss (28 punten) de ploeg uit Bergen op Zoom op sleeptouw nam en vanuit een lang kansloze situatie naar de overwinning leidde. De rookies uit Almere boden nog lang verzet, maar zwichtten uiteindelijk voor de taaiheid van hun Brabantse tegenstander.

Zondag nog leefde ook bij Marco van den Berg de pijn van de nederlaag, vandaag stond hij al weer vroeg naast zijn bed om zich, op zijn vrije dag, achter zijn ‘voor-oorlogse Remmington’ te plaatsen voor het schrijven van het vervolg op het verhaal waaraan hij al enige tijd werkt.

Schrijven is de nieuwe passie van de bevlogen basketbalcoach. Het kwam er nooit van, omdat de sport al zijn aandacht en energie opeiste. Pas toen hij begin 2004 werd ontslagen bij landskampioen Nijmegen en zichzelf beloonde met een al eerder aangekondigd verlofjaar. ‘Ik ging sporten en schrijven. Verrukkelijk. Sporten omdat ik me er goed bij voelde, schrijven omdat ik het al heel lang wilde. Het heeft altijd in mijn achterhoofd gezeten.

‘Ik heb een heel oude schrijfmachine aangeschaft en een kleine bibliotheek ingericht. Mijn ritme vertraagde, mijn bloeddruk daalde en ik schreef om me af te zetten tegen die klote-basketbalwereld. Ik was altijd al geïnteresseerd geweest in literatuur en heb in Groningen geschiedenis gestudeerd. Ik ben aan een roman begonnen over mensen die zijn opgegroeid in de jaren tachtig, rond de val van de Duitse Muur.’

Het boek is nog niet voltooid, maar Marco van den Berg twijfelt er niet aan dat het zover komt. ‘Ik vind het leuk, maar ik zie ook wel in dat ik nu nog meer coach dan schrijver ben. Dat zou over tien jaar, door veel te oefenen, best anders kunnen zijn.’

Maar de roman is voorlopig weer verdrongen door het basketbal. Hij sneuvelde bij Nijmegen, nadat hij halverwege het seizoen zijn afscheid had aangekondigd. ‘Op het moment dat je laat weten dat je vertrekt, is je machtsbasis verdwenen. Er werd achter mijn rug om geluld, er gebeurden te veel dingen waarop je als coach geen invloed meer had.

‘Spelers moeten de autoriteit van de trainer accepteren, anders is het einde verhaal. Bijna geen speler kan het maximale uit zichzelf halen, de laatste 3 of 4 procent moet van de trainer komen. Maar op het moment dat ze weten dat je weggaat, zeggen ze: bekijk het maar.’

Zijn vertrek was daarom ook een opluchting voor hemzelf. ‘De eerste vijf maanden had ik iets van: nooit meer Nederlands basketbal. Terwijl ik over de mogelijkheden van het Nederlands basketbal bepaald positief was. We hebben zoveel goede Nederlandse spelers dat ik mij ergerde aan de onkunde waaraan de sport hier ten prooi is gevallen. De ons-kent-ons-wereld is gebaseerd op netwerken en niet op kwaliteit. Daarom blijven we zelfs achter bij Duitsland en België. Dat frustreerde me niet alleen, het nam ook mijn energie weg.

‘Niemand had mijn telefoonnummer, in de stilte was ik volledig op mezelf teruggeworpen. Ik bestudeer al vijftien jaar het Tibe-taanse boeddhisme en heb veel gemediteerd om tot rust te komen. Buitenlandse clubs zochten me op, maar ik voelde me moe. Ik ben veel bij Ton Boot in Groningen gaan kijken en bij AZ, dat is bij mij in Alkmaar aan de overkant. Toon Gerbrands, de oud-volleybalcoach, was daar mijn klankbord. Uren heb ik met hem zitten praten. Uiteindelijk zei hij net als Boot: Marco, je moet wel weer gaan coachen.’

Almere bood hem de kans na de zelfverkozen pauze. ‘Of ik een andere coach ben geworden? Het grootste verschil is dat ik weer plezier heb. Ik wil hier een topclub van de grond tillen, de club streeft hetzelfde doel na. Maar dit zijn jonge jongens aan het begin van hun ontwikkeling. Die uitdaging leidt ertoe dat ik weer fluitend naar mijn werk ga en voorlopig geen tijd heb om mijn roman te voltooien.’

Meer over