Voetballers Eritrea leren pesten en ‘laatste kaart’ roepen

René Feller is bondscoach van Eritrea. ‘Het zwarte schaap van de KNVB’, zegt hij zelf, ‘omdat ik niet de achtergrond heb van collega-bondscoaches Van Basten, Advocaat, Hiddink en Beenhakker.’..

De herinnering aan het Oost-Afrikaans kampioenschap voor spelers onder de twintig jaar maakt een wolk van enthousiasme los in zijn West-Friese woonkamer. Opgetogen: ‘De reis naar Zanzibar duurde zo lang dat ik de jongens onderweg maar heb leren kaarten. Speelden we het oer-Hollandse ‘pesten’. Al snel hoorde ik de donkere jongens om me heen in goed Nederlands ‘laatste kaart’ roepen.’

Genoten heeft hij tijdens de trip, die naast veel logistiek ongerief ook sportief succes opleverde. In het veld van twaalf deelnemers eindigde Eritrea als derde achter Ethiopië en Burundi. René Feller (62) uit Zwaag werd uitgeroepen tot ‘coach van het toernooi’. Bescheiden: ‘Mijn elftal liet het beste voetbal zien en dat met zes spelers die net zeventien jaar waren geworden. Ik was verschrikkelijk trots omdat ik weet onder welke omstandigheden ze zover zijn gekomen.’

Het is meer dan het verhaal van voetballertjes die op sandalen of blootsvoets tegen de bal hebben leren trappen op verdorde en schokkerige grasmatten. Of dat van de in schrijnende armoe opgegroeide kinderen met mooie toekomstdromen.

Minder dan een jaar geleden werd de in het Nederlandse profvoetbal onbekende wereldreiziger aangezocht, als bondscoach, te helpen die dromen een fundament te geven. Bondscoach dus, een titel die René Feller deelt met de WK-gangers Marco van Basten, Guus Hiddink, Dick Advocaat en Leo Beenhakker. ‘Net als zij heb ik meegestemd in de FIFA-verkiezing voor beste voetballer van het jaar.’

Zijn beperking, naast het ontbreken van de vereiste diploma’s: het werken in een land waar niets is. ‘Geen grasmatten, maar ook geen melk, geen boter en zelfs geen cola. Kun je je voorstellen, een land zonder cola en McDonald’s?

‘Eritrea, dat ik 4-3-3 probeer te laten spelen. En dan doen we mee aan het Oost-Afrikaans kampioenschap in Zanzibar en hoor ik op grote afstand Louis van Gaal klagen dat AZ voor de UEFA Cup duizend kilometer naar Rusland moet reizen. Wij zijn vier dagen onderweg geweest, zowel heen als terug. Eritrea heeft vanwege de onderlinge vijandelijkheden geen toestemming om over Ethiopië te vliegen en daardoor hebben we grote delen met boot en bus moeten afleggen.

‘En het succes heeft ons extra lang opgehouden. De officials hadden verwacht dat we er na de eerste ronde wel uit zouden liggen en daarom de terugreis veel te vroeg geboekt. Moesten de spelers uiteindelijk nachten op de grond doorbrengen. ‘Pesten’ hebben ze wel geleerd, maar klagen deden ze niet. Voor de derde plaats ontvingen ze in Zanzibar 300 dollar per speler. Dat geld hebben ze meteen omgezet in moderne elektronica. We vertrokken met 24 tassen uit Eritrea en kwamen met 48 terug.’

Feller gniffelt. ‘Foppe de Haan zei bij het jeugd-WK dat de ‘ja, maar-cultuur’ bij de jeugd zijn grootste tegenstander is. Die bestaat in deze landen niet; deze jongens zijn bereid alles te geven wetende dat voetbal kansen biedt.’ Daardoor komt het onvermijdelijke selectiezwaard ook hard aan en proberen velen het gedrag en gezag van de bondscoach te beïnvloeden. Corruptie is een groot probleem op het schrale continent; voetbal blijkt, zelfs waar maar weinig is, uit te nodigen tot zelfverrijking.

In de hoofdstad Asmara valt de Nederlandse bondscoach van de ene verbazing in de andere. Hij wist domweg niet wat hij in de van Ethiopië afgescheiden provincie met veel Italiaanse invloed mocht verwachten.

‘Er is werkelijk helemaal niets. Het nationale elftal speelt in de mij toegestoken reserveshirts van AZ en Volendam en we trainen met door Ajax beschikbaar gestelde ballen. Er is geen geld, er zijn geen mogelijkheden en er zijn maar weinigen die dit vergeten stukje Afrika willen helpen.’

Feller verwacht niettemin grote tijden voor het Afrikaans voetbal en sluit niet uit dat Eritrea zich met zijn huidige selectie voor de eindronde van het WK van 2010 in Zuid Afrika zal plaatsen. Twijfels heeft hij wel over zijn eigen terugkeer. Binnen twee weken moet hij beslissen. ‘Asmara is een schone stad op 2500 meter hoogte, waar het voor mij redelijk toeven is. Mijn vrouw kan dat vanwege gezondheidsproblemen niet. Ik zou daarom liever op parttime-basis willen doorgaan.

‘Voetbal wordt hier zeer intens beleefd. In de hotels verdringen de mensen zich voor de tv-schermen bij rechtstreeks uitgezonden Europese wedstrijden. Van de vijandigheid met Ethiopië merk je niets, tijdens de Oost-Afrikaanse kampioenschappen stonden de spelers van beide landen elkaar zelfs aan te moedigen.

‘Wel is er angst dat spelers zullen vluchten. In Sudan zijn laatst vijf spelers van onze selectie tot 17 jaar ondergedoken. Voor velen geldt: beter illegaal in het buitenland dan legaal in Eritrea.’

Meer over