Interview

Van mislukkeling tot Luuk de Gol. Hoe een Achterhoeker zich staande houdt bij Barcelona

En toen stond Luuk de Jong plots in de spits bij Barcelona. Had hij nooit kunnen dromen. En de socios ook niet. Barcelona onwaardig, klonk het. Maar De Jong rechtte zijn rug, toonde zich in alles een professional en heet nu Luuk de Gol.

Bart Vlietstra
Luuk de Jong viert zijn treffer tegen Real Madrid in de halve finale van de strijd om de Spaanse Super Cup in januari. Beeld REUTERS
Luuk de Jong viert zijn treffer tegen Real Madrid in de halve finale van de strijd om de Spaanse Super Cup in januari.Beeld REUTERS

Als geen ander verhaalt Bennie Jolink, zanger van de legendarische Achterhoekse rockband Normaal, in het in dialect gezongen: ‘Ik kom altied weer terug’ over veerkracht. ‘K richt mien weer op, ik recht mien rug, mien harde kop zegt: ik kom altied weer terug.’

Luuk de Jong, streekgenoot van Jolink, kent het lied en heeft er wel iets mee. Niet dat hij zoveel privéleed kende als Jolink bezingt, maar in zijn voetballoopbaan kwam de spits altijd weer bovendrijven. Hoeveel vraagtekens er ook achter zijn kwaliteiten werden gezet, hoe uitzichtloos zijn situatie ook leek.

Momenteel is hij zelfs basisspeler van Barcelona. ‘Ik geloof niet dat veel mensen dat verwacht hadden’, zegt De Jong, die zijn opleiding en profdebuut genoot bij eerste divisionist De Graafschap, met gevoel voor understatement.

Het aantrekken van de 31-jarige spits op de laatste dag van de zomerse transfermarkt zagen velen als symbool van het wegglijden van het door financieel wanbeleid geplaagde Barcelona. De aanhangers vloekten, anderen lachten. De Catalaanse club is bij uitstek het domein van technisch begaafd voetbal, van razendsnelle lopers en denkers, vaak klein van stuk. Lionel Messi, de speler die dat alles combineerde, had na twintig jaar tovenarij net zijn hielen gelicht.

Tika-taka-moeras

Aan Luuk de Jong kleeft weinig mystieks. De 1 meter 88 lange spits uit Doetinchem heeft vooral een reputatie als uitmuntende kopper, maar juist dat type was zelden succesvol in Camp Nou. Zelfs de rijzige Zlatan Ibrahimovic, die toch echt wel wat met een bal kan, verdronk in het tika-taka-moeras.

De Jong hielp Sevilla, de club die hem aan Barcelona verhuurt met een optie tot koop, in 2020 met belangrijke treffers aan de Europa League, maar hij was bij de Spaanse subtopper steeds vaker bankzitter. Zijn komst kwam nadrukkelijk uit de koker van coach Koeman, die zijn landgenoot als pinchhitter zag. De spits kreeg direct veel speeltijd, moest vaak in grote ruimtes spelen, liet de spaarzame kansen die hij kreeg veelal onbenut en alweer richting uitgang geschreven toen Koeman werd vervangen door Xavi, symbool van razendsnel combinatievoetbal.

Dat hij alsnog uitgroeide tot basisspeler (en de laatste weken ook tot voornaamste doelpuntenmaker) is een minder verbazingwekkende ontwikkeling dan het lijkt, vertelt De Jong monter door de telefoon rijdend door de Catalaanse heuvels. ‘De trainer wil graag buitenspelers die diepte maken en voorzetten geven, hij wil dat de middenvelders veel bijsluiten en dat de spits als afmaker en aanspeelpunt fungeert. In die rol heb ik goed gefunctioneerd in het verleden.’

Hij kwam in beeld door blessures bij Ansu Fati en Memphis Depay en het abrupte einde van Sergio Agüero als voetballer vanwege hartklachten. ‘Maar geluk dwing je deels zelf af door keihard te blijven werken en er klaar voor te zijn als die kans komt. Je bent in Spanje zelf verantwoordelijk voor je lijf, ik heb extra getraind toen ik niet speelde. De trainer gaf in een eerste gesprek eerlijk aan dat het moeilijk voor me zou worden, maar zei ook dat hij niet naar ‘namen’ kijkt. Iedereen die hard werkt, neemt hij serieus. Dat is uitgekomen.’

Koeman wisselde nog wel eens van tactiek, Xavi werkt toe naar een vast systeem: 4-3-3. ‘Hij heeft een heel goed idee van hoe we tactisch staan en hoe we moeten voetballen. Wij moeten de bal willen hebben, aanvallend spelen, risico’s nemen. Hij is heel aanwezig en hamert op bepaalde afspraken. Er moeten veel voorzetten in het zestienmetergebied komen. Dat is voor mij natuurlijk prettig.’

Barcelona speelt nog niet zoals Xavi graag ziet, maar De Jong scoorde in drie wedstrijden op rij een belangrijk doelpunt, waaronder in de klassieker tegen Real Madrid in de (na verlenging verloren) halve finale van de Super Cup. De Spaanse kranten, die nog vernietigend waren over zijn eerste optredens, dweepten daarna met Luuk de Gol.

Juist als kopspecialist zou Luuk de Jong het moeilijk krijgen bij Barcelona, waar het snelle voetenspel wordt vereerd. Maar onder Xavi komen er veel voorzetten van de flanken.  Beeld Getty Images
Juist als kopspecialist zou Luuk de Jong het moeilijk krijgen bij Barcelona, waar het snelle voetenspel wordt vereerd. Maar onder Xavi komen er veel voorzetten van de flanken.Beeld Getty Images

Geef nooit op

‘As klootzakken mien nekken wilt, die galbakken mien brekken wilt. Maakt d’r een echte oorlog van, die nooit geen mens winnen kan.’ (Normaal) Het omkeren van zijn lot deed De Jong vaker. Bij eerste clubs De Graafschap en FC Twente begon hij op de bank. Zijn eerste buitenlandse avonturen, bij Borussia Mönchengladbach en Newcastle United, mislukten en op zeker moment raakte hij bij PSV zijn basisplaats en aanvoerdersband kwijt.

Altijd kwam hij terug. Maar nimmer sloeg hij openlijk terug naar criticasters. ‘Het is nooit leuk als mensen het niet in je zien zitten. Ik begreep best dat er scepsis was toen ik naar Barcelona ging, en ook dat die uitvergroot werd. Kranten moeten vol. Ik kon dat na die eerdere ervaringen goed relativeren. Wat moest ik mezelf nou verwijten? Iedereen had de kans gepakt om naar Barcelona te gaan. Ik besloot: ik ga hier iedere minuut van genieten.’

De Jong liep vroeger in Doetinchem niet rond in een Barcelonatenue met Rivaldo, de Barcelona-vedette van zijn jeugd, achterop. ‘Onze tuin ligt zowat aan De Vijverberg dus we waren vooral met De Graafschap bezig. En die De Graafschap-shirts van toen hadden nog geen namen achterop, ik was vooral voor de club, voor het team, niet voor een specifieke speler eigenlijk.’

Lachend: ‘En daarnaast: ik wist al snel dat ik geen Rivaldo-type zou worden. Maar later heb ik wel eens gedacht: ik zou het ooit best bij Barcelona willen proberen. Ik ben geen type voor countervoetbal, maar Barcelona speelt aanvallend, daarin kan ik van waarde zijn.’

Hij leerde Spanje kennen in de twee jaar bij Sevilla. Daar werd hij vaker herkend dan in het iets meer internationaal georiënteerde Barcelona. ‘Met mondkapje en petje op kan ik nog steeds ongestoord over straat. Ik houd van de Spaanse keuken, spreek Spaans, maar moet nog steeds wennen aan mañana-mañana. Dingen moeten voor mij nu gebeuren, niet morgen.’

De extreme passie in Spanje voor voetbal kan hem zeer bekoren. ‘Maar je moet je er niet door laten meeslepen. Karim Benzema (spits van Real Madrid, red.) zei laatst: ‘ik wil echt deelnemen aan het spel als spits, maar voetbal is een spel geworden waarbij spelers negentig minuten slecht spelen, een doelpunt maken en alsnog worden uitgeroepen tot man of the match’. Het draait hier enorm om je doelpunten. Dus die moet je geregeld maken. Maar ik zal altijd een speler blijven die het team ook op andere manieren wil helpen op het veld, die soms uitzakt om ruimte te maken voor anderen.’

Op en top prof

Xavi prees De Jong. ‘Luuk is het schoolvoorbeeld van een op-en-top professional. Hij werkt hard en offert zichzelf op voor het team, waardoor hij een voorbeeld is voor iedereen. Ik ben heel blij met hem.’

Momenteel oogsten juist de andere Nederlanders bij Barcelona, Memphis Depay en Frenkie de Jong, kritiek in Barcelona. Maar daarover wordt door de Nederlanders onderling niet veel gesproken. ‘Natuurlijk kan dat wel als iemand daar behoefte aan heeft. Maar je bent eigenlijk al de hele dag bezig met presteren. Dan is het lekker om over andere dingen te kletsen in je eigen taal. Al spreek ik met Frenkie ook vaak over tactische dingen, dat vinden we allebei interessant.’

Hoe nu verder? De spits leeft met de dag, zegt hij. Echt rekening met het WK in Qatar dat in november begint, zal hij niet houden bij zijn keuzes. ‘Ik weet hoe de bondscoach denkt: je moet speelminuten maken, goed in vorm zijn. Ik ben dan 32 en wil dolgraag mee. Maar ik denk ook aan mijn gezin, wat goed is voor hen. We zijn net gesetteld, het liefst blijven we hier.’

Op het EK van afgelopen zomer zag hij plots Wout Weghorst in de hiërarchie voorbijschieten. ‘In de laatste drie kwalificatiewedstrijden maakte ik telkens een goal, dus dat verraste me wel. Ik had gehoopt veel te spelen, daar baal ik nog steeds van.’ Toch schikte hij zich weer in zijn rol van breekijzer. ‘Het is een heel leuke groep dus dat scheelt. In gesprekken met de toenmalige bondscoach (Frank de Boer, red.) heb ik wel aangegeven hoe ik erin sta. Maar er is geen coach die dan zegt: ‘oké, je hebt gelijk, je speelt’. Ik ga dan verder geen problemen maken, wat heb ik daaraan? Er kan van alles gebeuren, zeker tijdens een toernooi. Dan moet je er gewoon klaar voor zijn.’

Nieuwe verlossers

‘Al val ik nog zo diep, toch denk ik stuk, ik kom altied weer terug. Ik kom altied weer terug.’ (Normaal) Misschien wordt het tijd voor een boek na al die comebacks. ‘Ik zou wel wat willen delen over mental coaching. Al heb ik nooit zelf een mental coach gehad. Ik heb altijd in mezelf de kracht kunnen oproepen.’

Vorige week tegen Alaves scoorde hij een keertje niet, de dagen daarna stonden de Spaanse kranten vol over nieuwe verlossers voorin. De Jong stortte zich op de trainingen. ‘Misschien is dat mijn kracht: of het nou minder gaat of niet, ik mag iedere dag trainen en heb daar altijd zin in. Als ik een spelletje mag doen, ben ik blij, word ik fanatiek, voel ik iets prettigs door mijn lijf gaan.

‘Natuurlijk heb ik het zwaar als ik in een wedstrijd een paar kansen achter elkaar mis. Maar ik denk nooit: laat ik nu maar even niet voor het doel komen, anders mis ik weer en barst het hoongelach weer los. Nee, in scoringspositie komen is óók een kwaliteit. En daarbij: als je niet meer durft, ben je verloren. Dan kom je nooit meer waar je wilt zijn.’

Meer over