nieuws

Twente weerstaat slapend Ajax met verve

Tijdens FC Twente - Ajax (1-1) waren twee ploegen letterlijk losgelaten in het strijdperk. Tussen de persoonlijke gevechten door was weinig verheffend voetbal te zien, al was de gelijkmaker van Robin Pröpper een fijne toegift.

Twente viert de gelijkmaker van Robin Pröpper. Daley Blind van Ajax baalt. Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Twente viert de gelijkmaker van Robin Pröpper. Daley Blind van Ajax baalt.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

Ajax, de kampioen, de rijkste en de grootste, mist in het jonge seizoen door de bank genomen nog de sprankeling die het spel van PSV en Feyenoord al geregeld kenmerkt, al waren die clubs door vroege Europese besognes eerder gedwongen te pieken. Ajax lijdt dus het eerste puntenverlies in de competitie, door steriliteit. Het geïrriteerde elftal voetbalt deze zondag zonder overtuiging en diepgang en vertraagt op het eind zelfs het spel in een vergeefse poging de 0-1 mee naar huis te nemen.

Trainer Erik ten Hag spreekt van een ‘verslapen’ eerste helft, waarin Ajax niet ‘leverde’. De club maakt ook nog steeds werk van een aanvaller met diepgang: een Deen met wortels uit Sierra Leone, Mohamed Daramy, maakt snel zijn opwachting.

Collega Ron Jans is bijna euforisch, over de ‘intensiteit en weerbaarheid. Het voelt bijna als een overwinning’, zei hij. De terugkeer van het publiek in Twente is daarbij een feest, met een elftal dat ook kwaliteit herbergt, dat Ajax tergt en het punt grijpt als het bijna niet meer mogelijk lijkt.

Queensy Menig, de sprinter. Michal Sadilek, het motortje op het middenveld dat nooit pruttelt en overal tegelijk is. Lars Ünnerstall, de doelman met punten pakkende klasse. En Robin Pröpper, de transfer van de buren van Heracles, de in de kleine ruimte soms wat onhandige verdediger, maar kort voor tijd aanleiding tot de catharsis in het stadion, als hij mee naar voren trekt en de afvallende bal kort na de stuit met zijn mindere linkerbeen hard in de hoek schiet. Weinig gehinderd door Ajacieden.

Op het shirt van de nieuwe Ajax-aanwinst Steven Berghuis is het nog even wennen aan zijn naam Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Op het shirt van de nieuwe Ajax-aanwinst Steven Berghuis is het nog even wennen aan zijn naamBeeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

Ach, het volk is zo blij na die 1-1. Twente olé, klinkt het minutenlang. De ereronde voelt zoet en is ook goed voor Ajax, dat harkerig voetbalt, moeizaam, weinig vloeiend, met Noussair Mazraoui als uitzondering, de rechtsachter die binnenkort vermoedelijk zijn contract verlengt. Zijn kompaan op de rechterflank, Steven Berghuis, op wiens shirt Berghius staat, is onzichtbaar, de weer matige spits Sébastien Haller maakt wel het doelpunt, dat op zich past bij de wedstrijd. Gelukkig voor Ajax, knullig voor Twente.

Ajax speelt in traag tempo, Twente zet goed druk en laat zich af en toe zakken om te counteren, met de snelheid voorin. Irritaties zijn overal. Edson Álvarez hoort de rode kaart te krijgen van scheidsrechter Dennis Higler als hij Sadilek in het voorbijgaan een tik op het hoofd geeft. Of het rood is, heeft tegenwoordig blijkbaar ook met de intensiteit van het vergrijp te maken, hetgeen de interpretatie nogal vrijblijvend maakt. Ook Davy Klaassen deelt een tik uit.

Ajax laat zich verleiden door het fysieke, vasthoudende FC Twente, in een stadion dat eindelijk weer eens goeddeels bezet is. Minister Hugo de Jonge heeft gezegd dat het volk op zijn kont moet blijven zitten in het stadion. Het was wat hem betreft een waarschuwing, nu hij zich opgejaagd voelt en andere sectoren uit het entertainment jaloers kijken naar de vrijplaats voetbal. Zitten blijkt voor velen onmogelijk in het theater van emotie, waar opgefoktheid, passie en verongelijktheid elkaar zondag rond lunchtijd ontmoeten, als rijen supporters met een testbewijs net op tijd binnen zijn.

Fel duel tussen Devyne Rensch van Ajax ( links) en Denilho Cleonise van FC Twente.
 Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Fel duel tussen Devyne Rensch van Ajax ( links) en Denilho Cleonise van FC Twente.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

Soms klinkt dat lied Sta op als je voor Twente bent, en dan staat vrijwel iedereen op. Wat nou, zitten. De Veste trilt de ene keer van opwinding, dan weer van verongelijktheid. Vak P ontrolt een geweldig spandoek, de herrie voor de aftrap die voor muziek doorgaat is niet te harden en tijdens de rust warmt Rammstein de kliek nog eens op.

Dat sfeertje waait over naar het veld. FC Twente verleidt Ajax tot een gevecht, met veel lange ballen, met strijd, lijf aan lijf, en Ajax gaat mee. Zo ontstaat een wedstrijd met voortdurende onderbrekingen, met telkens gevelde spelers. Tussendoor voetbalt Twente af en toe best goed, vooral als Luka Ilic de bal heeft, een stilist met een mooi linkerbeen die ook in de drukte van het huidige, compacte voetbal zijn weg vindt.

De voorsprong van Ajax komt gelukkig tot stand als Daley Blind de bal voorzet, Pröpper ongelukkig verlengt met de hak, doelman Ünnerstall wil redden en de bal via de paal voor de voeten van Haller rolt, die simpel kan binnen tikken. Dat is nauwelijks verdiend, en in dat licht bezien is het goed dat Pröpper kort voor tijd uithaalt met zijn linkerbeen. De blijdschap verleidt Ron Jans tot de uitspraak: ‘Ik hoop dat Hugo de Jonge meeneemt in zijn beoordeling dat voetbal ook een feest is.’

Meer over