InterviewBart Deurloo

Turner Bart Deurloo oefent vooral zijn geduld: ‘Je ziet steeds meer mensen gekke stunts doen’

Hij zit in de wachtkamer en het voelt alsof hij een oefening in eindeloos geduld moet afwerken. Turner Bart Deurloo is al gekwalificeerd voor de Spelen. Zijn sport beleeft hij momenteel vooral online.

Bart Deurloo in actie op rekstok tijdens de kwalificatie voor de wereldkampioenschappen turnen in Doha in Qatar. Beeld ANP
Bart Deurloo in actie op rekstok tijdens de kwalificatie voor de wereldkampioenschappen turnen in Doha in Qatar.Beeld ANP

Wat zijn concurrenten allemaal kunnen, komt deze maanden alleen via beelden op sociale media binnen bij Bart Deurloo. De enige Nederlandse turner die al zeker is van een olympisch ticket zit het hele jaar al zonder wedstrijden.

Dat is hij best wel zat, valt te merken aan zijn gemoedstoestand. ‘Ik ben helemaal klaar met corona’, vertelt hij telefonisch. ‘Ik hou me natuurlijk aan de maatregelen, maar ik wil gewoon weer wedstrijden kunnen turnen. Wat moet ik de hele dag doen? Ik train alleen maar. Ik heb daarnaast mijn hobby’s, maar daar kan ik ook niet ineens vier keer zoveel tijd aan besteden.’

Geen EK

Er was een kans om in actie te komen op de Europese kampioenschappen deze week in het Turkse Mersin, maar de bond besloot vanwege het coronavirus geen afvaardiging te sturen. ‘Er was al besloten dat ik niet mee zou doen. Later begreep ik dat we er sowieso niet heen gingen. Prima, ik had er al niet op gerekend.’

Deurloo haalde zijn olympisch startbewijs vorig jaar op de WK binnen op de meerkamp. Voor de Spelen van Tokio richt hij zich volledig op zijn beste onderdeel: de rekstok. Zonderland moet zich nog plaatsen voor de Spelen.

Begin volgend jaar hoopt Deurloo eindelijk weer World Cups te kunnen turnen. Maar ze staan allemaal met potlood in de agenda. ‘Er zijn in februari weer heel veel wedstrijden gepland, maar alles kan ook zo weer gecanceld worden. Ik probeer nu van dag tot dag te leven en niet te ver vooruit te kijken. Ik doe dit al een jaar zo. Ik merk het wel als het eindelijk weer kan.’

Online

Deurloo ziet de verrichtingen van zijn concurrenten vooral online, waar turners regelmatig filmpjes plaatsen van waar ze mee bezig zijn. ‘Ik zie elke dag wel wat nieuws voorbij komen. Het is altijd leuk om te zien wat ze doen. Je ziet steeds meer mensen gekke stunts uitvoeren. Dat doe ik zelf ook.’

Onlangs liet hij zelf via Twitter trots zien dat hij ‘lid van de Bretschneider-club’ is geworden. Het lukt hem nu in de training om het moeilijkste vluchtelement uit te voeren, de dubbele salto achterover met een dubbele schroef.

Dat vluchtelement, voor het eerst uitgevoerd door de Duitser Andreas Bretschneider, levert de hoogste moeilijkheidsscore op. Er werd een extra categorie bedacht om turners die het foutloos uitvoeren te waarderen. Voorheen was G de hoogste moeilijkheidsgraad, 0,7 punt. De Bretschneider levert nu een H op: 0,8 punt. ‘Het is zo lastig omdat je zoveel moet doen in zo’n korte tijd’, legt Deurloo uit. ‘Je ziet de stok ook niet omdat het allemaal zo snel gaat, dus het is elke keer gokken waar je grijpt. Daarom is het ook zoveel punten waard.’

Acrobatiek

Of de Bretschneider ook in zijn olympische oefening zit, weet Deurloo nog niet zeker. Hij heeft ‘ongeveer’ een idee wat hij wil doen in Tokio. Net als Epke Zonderland is Deurloo in staat om meerdere vluchtelementen, acrobatiek los van de rekstok, achter elkaar uit te voeren. Zonderland won in 2012 olympisch goud met een drievoudige combinatie. Dat deel van zijn oefening, de Cassina-Kovacs-Kolman, ging de geschiedenisboeken in als de ‘triple’.

Deurloo kopieerde de oefening al snel in de trainingshal. Dat deden meer turners in de afgelopen jaren, maar de ingewikkelde truc werd niet massaal in wedstrijden gekopieerd. Ook Zonderland turnde geen triple meer. Hij deed de laatste jaren vaak een oefening met vier vluchtelementen, waarvan er twee aan elkaar geplakt werden.

Deurloo was van plan om dit jaar in Tokio de triple terug in de olympische hal te brengen, in een iets andere volgorde dan Zonderland. De 29-jarige Rotterdammer wil de Cassina-Kolman-Kovacs doen: de streksalto met hele schroef, gecombineerd met een dubbele hurksalto. Eén met, en één zonder schroef. Plus nog twee losse vluchtelementen om aan het maximale aantal van vijf vluchtelementen te komen. Door corona is er nu meer tijd om te experimenteren.

Briljant

De beste turner van de afgelopen jaren, Kohei Uchimura, liet deze week op de Japanse kampioenschappen zien dat het ook niet altijd nodig is om alle vluchtelementen meteen achter elkaar uit te voeren. Uchimura wekte bewondering met een briljante oefening met drie vluchtelementen los van elkaar. Hij deed de Bretschneider, Cassina en de Kolman en liet met de topscore van 15.533 zien een serieuze kandidaat voor olympisch goud aan de rekstok te zijn.

In de nieuwe puntentelling, die na Rio 2016 inging, werd een rekstokoefening nog nooit zo hoog beloond. Zelfs Zonderland kwam niet aan die score in de afgelopen vier jaar. De 34-jarige Fries won in 2019 de Europese titel met een score van 15.266. Deurloo, die in 2017 brons won op de WK met 14.200, hoopt met zijn olympische oefening op een score van minimaal 15.000 uit te komen. Met de Bretschneider kan daar misschien nog wat boven op.

Een replica van de olympische stok van het merk Senoh is al in Nederland. Deurloo traint momenteel nog op het eigen vertrouwde huismerk van Janssen-Fritsen. ‘Er komen nog toernooien aan waar we op toestellen van een ander merk in actie komen. Dan heeft het niet zo heel veel zin om nu al alleen op de olympische stok te oefenen omdat je daar anders aan gewend raakt.’

Meer over