‘Trapvee’ verandert in stijlvolle tempobeul

Gemakkelijk krijgen de roeiers en de coach het niet over hun lippen, maar de vier zonder stuurman gaat dit jaar toch echt voor de wereldtitel....

Van onze roeimedewerker Anne de Lange

Vorig jaar veroverde de vier – het vlaggenschip van coach Mark Emke – zilver bij de WK. Of misschien wel beter gezegd; ze verloor de strijd om de gouden medaille want het lukte net niet de ijzersterke Britten te verslaan. Terwijl dat toch mogelijk was geweest. Gedane zaken nemen geen keer, de ploeg richt zich nu op een revanche.

Bij het seizoensdebuut dit weekeinde op de Bosbaan bleef de vier van Vermeulen, Gabriëls, Cirkel en Vellenga gemakkelijk de aanstormde talenten voor. ‘Maar optimaal ging het nog niet. Dat komt ook doordat we dit weekeinde onze aandacht over twee boten moeten verdelen. Op ons hoofdnummer de vier, maar ook op de twee’, zei Vermeulen.

Gekoppeld aan Gabriëls domineerde Vermeulen ook dat nummer. Het koppel eindigde ruim voor de eigen ploeggenoten, maar ook voor de beoogde WK-twee van de jonkies Steenman/Van Andel die veel meer routine in dit boottype hebben.

Vermeulen zat in 2004 als een wat anonieme ‘werkroeier’ in de acht met stuurman, in Athene goed voor het zilver. Dat soort roeiers wordt ook wat minder eerbiedig ‘trapvee’ genoemd. Vorig jaar werd hij door Emke tot slagroeier van de vier gepromoveerd.

Hij is wat minder lang en iets lichter dan zijn ploeggenoten. Zijn uitzonderlijke meerwaarde zit bij hem vooral in de wijze waarop hij het ritme van de ploeg bepaalt. Een goede slagroeier, de achterste man in de boot, bepaalt dat de boot zonder schokken door het water beweegt. Hoe minder de boot in snelheid fluctueert, hoe harder die gaat.

De stijl waarmee hij zijn taak uitoefent, doet denken aan de fameuze slagroeiers Michiel Bartman en Nico Rienks. Beiden waren ook geen absolute krachtpatsers, maar wel mannen die een ploeg boven zichzelf konden laten uitstijgen, en daarmee boten lieten planeren.

Zelf vindt Vermeulen een vergelijking met die grootheden niet op zijn plaats. ‘Rienks en Bartman hebben elk drie medailles veroverd bij de Spelen. Ik nog maar eentje.’

Vermeulen is een man met een zogeheten bootgevoel. Hij kreeg zijn basisscholing van niemand minder dan kampioenenmaker Jan Klerks, ook de coach van Rienks en Florijn die in 1988 olympisch goud wonnen. Vermeulen roeide als junior al hard in de skiff, en werd een keer zevende in de dubbelvier.

Klerks gaf vijf jaar geleden al aan veel in de jongeling te zien. Hij hoopte toen dat zijn investering uit zou groeien tot een briljant. Dat is eigenlijk bij de WK van vorig jaar al gelukt. Gehoopt wordt dat de Nereus-roeier minimaal tot en met de Spelen van 2008 actief blijft.

Volgens zijn huidige coach Emke heeft Vermeulen voortreffelijke eigenschappen: ‘Hij is zeer gedreven, perfectionistisch, en voelt nauwkeurig aan wat er in de boot moet gebeuren. Hij is met zijn 84 kilo niet de zwaarste, maar relatief allesbehalve slap. En hij is ook nog eens bescheiden.’

Goud bij de WK is het doel van zijn ploeg, maar eigenlijk wil Vermeulen het daarover nog niet hebben. ‘Dat leidt maar af van waar we echt mee bezig zouden moeten zijn. Uit fysiologische tests blijkt dat we vooruitgang boeken. Maar roeitechnisch kunnen we nog beter.’

De seizoensplanning 2006 laat zien dat de ploeg nog minimaal driemaal de internationale confrontatie aangaat: tweemaal in een wereldbekerwedstrijd, maar ook de Britten worden in eigen huis opgezocht. Als het goed gaat, start Vermeulens vier bij de roemruchte wedstrijd in Henley.

Voor de WK wil hij niet in de favorietenrol worden gedrukt. Maar hij beseft ook dat zijn boot tot de kanshebbers voor de wereldtitel gerekend zal worden. ‘Vorig jaar roeiden we onbevangen, keken we gewoon waar we uitkwamen. Dat zal dit jaar waarschijnlijk anders zijn.’

Meer over