Toertocht AGR

Toertocht Amstel Gold Race populairder dan ooit: met z’n allen doodgaan op de Keutenberg

De toerversie van de Amstel Gold Race is het grootste eendaagse fietsevenement van Europa. Door corona lag het ruim twee jaar stil, maar in die jaren won fietsen juist flink aan populariteit. Zaterdag mochten 15 duizend hunkerende deelnemers zich weer over Zuid-Limburg verspreiden.

Afzien op de Keutenberg. Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Afzien op de Keutenberg.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

‘Godsamme’, moppert rugnummer 31323, ‘vierde keer en wéér niet gelukt.’ Zijn fietsmaat stelt hem gerust: ‘Och man, ik heb deze zó vaak geprobeerd en mij is het ook nog nooit gelukt.’

De twee mannen zijn beiden omhoog komen lopen met een goed onderhouden racefiets van minstens 4.000 euro aan de hand. Ze staan bij het plaatsnaambord ‘Keutenberg’. Het gehucht ligt aan een klimmetje met dezelfde naam. De eerste 480 meters daarvan vormen misschien wel het steilste stukje asfalt van Nederland, met een uitschieter van 22 procent.

Gemaximeerd

Deze dag doen het gemaximeerde aantal van 15 duizend sportieve fietsers mee met de toerversie van de Amstel Gold Race, de enige wielerklassieker in Nederland. Ze konden kiezen uit zes verschillende afstanden, van 65 tot 240 kilometer.

Uit fietsapp Strava blijkt dat circa 4.000 wielrenners, van wie 1 op de 15 vrouw, hebben geprobeerd de Keutenberg op te rijden zonder af te stappen, zonder om te vallen of zonder hun fiets kapot te trekken. Ze hebben er 140, 190 of 230 kilometer op zitten. Grof geschat moet een kwart van de fiets. ‘Dat zijn vooral de fietsers die thuis 150 kilometer op het vlakke rijden’, zegt organisator Roy Packbier. ‘Ze gaan ervan uit dat ze dat in Zuid-Limburg ook wel lukt.’

De hunkering om weer met z’n allen te fietsen is groot, merkt Packbier. ‘De laatste editie was immers in april 2019.’ Er waren 23 duizend aanmeldingen. ‘Dat is niet ongewoon. Wel hebben veel mensen hun inschrijving veranderd naar een langere route. We hebben het evenement moeten verplaatsen van april naar september, dus van het begin van het fietsseizoen naar het einde. Daardoor hebben mensen langer kunnen trainen. Daar komt het extra kunnen trainen door corona nog eens bovenop.’

Vriendenclub

Roy, Jimmy, Boyd en Roy kunnen deze analyse van de organisator alleen maar onderschrijven. Ze vormen een deel van de 18 leden tellende fietsvriendenclub De roestige ketting uit Nuland en zijn gehuld in een bewust afzichtelijk tenue met fluorescerende roze en gele vegen. ‘We willen er niet gelikt uitzien’, verklaart Jimmy, ‘want we zijn geen fanaten.’ In zijn kraag staat de moeder aller wielerrelativeringen: Parijs is nog ver.

Alle vier rijden ze een iets langere afstand dan waar ze zich aanvankelijk voor hadden ingeschreven: 125 in plaats van 100 kilometer. ‘We zijn allemaal voetballers’, legt de ene Roy uit. ‘Maar voetbal viel door corona weg. Daardoor zijn we veel meer gaan fietsen.’ Ze zijn er allemaal enigszins aan verslaafd geraakt, zeggen ze. ‘Op Strava zie ik hoeveel kilometers iedereen maakt’, zegt de andere Roy. ‘Daar wil je dan overheen.’

De leden van De roestige ketting happen in de koeken die net als bananen en wafels in bergen liggen opgestapeld in de marktkramen van een van de verzorgingspunten. Duizenden deelnemers trekken, lopend op fietsschoentjes met hun rijwiel tussen de benen, er in een gestage, urenlange stroom langs.

Vrijwilliger Loek staat met andere leden van fanfare St.Caecilia uit Schinnen aan de andere kant van de kraampjes en ziet mensen langskomen met een postuur dat hij niet meteen vereenzelvigt met afzien op een fiets. ‘Maar kennelijk zijn zij door corona ook op het idee gebracht aan lichaamsbeweging te doen.’

Een bevoorradingspost. Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Een bevoorradingspost.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

De normale festiviteiten op de bevoorradingsposten ontbreken omwille van corona. Deelnemers mogen geen reden hebben lang te blijven hangen op de, in formele zin, doorstroomlocatie. ‘Ons hele evenement is een doorstroomevenement’, zegt organisator Packbier. De start ervan is uitgesmeerd over bijna vier uur en door de verschillende routes gaat de een na de start naar het zuiden en de ander naar het noorden. ‘We hebben dan wel 15 duizend fietsers, maar die gebruiken heel Zuid-Limburg om aan dit evenement deel te nemen. Er zijn nooit 15 duizend mensen tegelijk op één plek.’

Grootste van Europa

Er zijn in Europa, voor zover bekend, geen eendaagse fietsevenementen met meer deelnemers. Veel daarvan zijn gekoppeld aan een wielerklassieker zoals Luik-Bastenaken-Luik en Parijs-Roubaix. De zaterdag voor de dag dat de profs laten zien hoe het moet, fietsen duizenden recreanten delen van de ‘echte’ route. ‘Hopelijk kunnen we snel beginnen met de inschrijving voor april 2022, de zaterdag voor de echte Amstel Gold Race’, zegt Packbier.

De dag na de laatste toerversie van de klassieker, 21 april 2019, won Mathieu van der Poel uit geslagen positie de Amstel Gold Race. Hij leek die dag wel over de Keutenberg te vliegen en deed 53 tellen over de eerste en steilste 480 meter - niemand kwam of komt zelfs maar in de buurt van zijn snelheid van 33 kilometer per uur.

Een pechvogel op de Keutenberg. Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Een pechvogel op de Keutenberg.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

Deze dag van de toerversie is de snelste tijd 1 minuut en 45 seconden, bijna 17 kilometer per uur. Wie op de fiets blijft zitten, heeft in doorsnee drie á vier minuten nodig en wie gaat lopen, doet een minuut of zes langer over de halve kilometer.

‘Hier stopt het voor mij’, roept een fietser bijna opgelucht als hij na 200 meter stilvalt naast een deelnemer die beteuterd naar de afgebroken derailleur in zijn hand kijkt. Verder omhoog staat een fietser met een schram op de knie in de berm te braken. Zijn peperdure racefiets staat iets te veel op de weg, waardoor een vrouw moet afstappen. ‘Ik zou het gehaald hebben’, roept ze. Op de helling van 14 procent komt ze niet meer weg, doordat ze niet snel genoeg in de pedalen klikt. Het wordt lopen.

Hijgend als paarden, de geconcentreerde blik gericht op de top, om de afstappers en omvallers heen sturend, duwen de zittenblijvers op de pedalen. De een, gehuld in een shirt met ‘Borreltjestrui’, lacht, de ander vloekt, een derde klaagt. ‘Geen power meer’ en ‘o, m’n spieren, jongen’ en ‘het schiet er aan allebei de kanten in.’ Maar bij het plaatsnaambord, als de halve kilometerklim is volbracht, klinkt: ‘Yes! Gehaald!’ Achter het bord brengt een man telefonisch verslag uit: ‘Ik ben op dit kleine rotstukje drie keer doodgegaan.’

Meer fietsen door corona

In coronajaar 2020 zijn Nederlanders meer gaan fietsen ten opzichte van 2019, terwijl andere sportieve activiteiten in aantal beoefenaren zijn gedaald of gelijk gebleven. Dat blijkt uit enquêtecijfers van het RIVM. Het instituut onderscheidt fietsen op een gewone fiets in de vrije tijd, mountainbiken en wielrennen. Het aantal ‘vrijetijdfietsers’ steeg in een jaar met ruim 20 procent en ruim 40 procent meer mensen gingen mountainbiken. Het aantal respondenten dat zei regelmatig op de racefiets te zitten, bleef gelijk op 133 duizend. Dat aantal was al ruim voor 2020 gegroeid. In 2001 turfde het RIVM ‘wielrennen’ als de 43ste sport, beoefend door 0,3 procent van alle, nu, circa 7,5 miljoen Nederlanders die aan minstens één sport deden. In 2015 was dat gegroeid naar 2 procent en nu staat ‘wielrennen’ op plek 9 van meest beoefende sporten. Mountainbiken ging van de 38ste favoriete sport naar plek 16 in 2020 en heeft 92 duizend beoefenaren.

Meer over