PROFIEL

Temperamentvol, bloedfanatiek en onverstoorbaar

De coach van Barcelona, dat morgen tegen Ajax speelt, haat verliezen. Toen hij marathons ging lopen, moest en zou dat in minder dan drie uur. 'Hij is een fel baasje.'

Luis Enrique kijkt toe tijdens de training van Barcelona, anderhalve week geleden Beeld Gustau Nacarino / Reuters
Luis Enrique kijkt toe tijdens de training van Barcelona, anderhalve week geledenBeeld Gustau Nacarino / Reuters

Luis Enrique kan niet zonder doelen. Ze zijn de brandstof die zijn innerlijke motor voedt. Noem het gerust een buitenboordmotor die in dat nog altijd afgetrainde lichaam huist en oneindig lang kon blijven ronken. Luis Enrique, trainer van Barcelona, leek als speler wel de fitste van allemaal.

Toen hij in 2004 besloot dat hij op het veld niet meer aan zijn hoge eisen kon voldoen, vond hij een ander energieverslindend tijdverdrijf. Hij richtte zich op marathons en triatlons, maar niet zonder er concrete ambities op te plakken. Onder de drie uur moest en zou hij een marathon lopen. Hij trainde net zo lang tot het lukte.

In 2007, in Florence, denderde hij door die grens: 2.58.58 uur gaf de klok aan na 42 kilometer zwoegen. In Amsterdam, waar hij morgen Ajax treft in de Champions League, was hij een jaar later iets langzamer: 3 uur en 19 seconden deed hij over de stadsmarathon. Voor die uitslag hoeft hij zich evenmin te schamen.

'Fanatiek', noemt oud-ploeggenoot Michael Reiziger hem tot drie keer toe. Luis Enrique is het in alles. In zijn manier van voetballen, zijn coaching. Ook in zijn tijd als atleet was hij zo. Hij doorstond de Marathon des Sables, een zesdaagse, 260 kilometer lange ultraloop door de Sahara die iedereen binnenstebuiten schijnt te keren.

CV

1970 Geboren op 8 mei in Gijón

1989 Debuut in Primera División bij Sporting Gijón

1991 Real Madrid

1996 Barcelona

2004 Afscheid als speler

2008 Trainer tweede elftal Barça

2011-12 AS Roma

2013 Celta de Vigo

2014 Barcelona

Erelijst: Olympisch kampioen in 1992, landstitel in 1995, 1998 en 1999, winnaar Europa Cup II in 1997.

Speelde 63 interlands (1991-2002).

Zandstormen

'Slapen op de grond, terwijl stenen in je lichaam prikken. Zandstormen doorstaan, 's nachts de tent opzetten, weinig eten, afwisselend koud en warm worden en het gesnurk van anderen kunnen verdragen', omschreef hij zijn ontberingen in Zuid-Marokko. 'Ik kan je verzekeren dat zoiets voorgoed in je geheugen gegrift blijft.'

Luis Enrique (44) wil met niemand vergeleken worden. Zijn eerste persconferentie als trainer van Barcelona was nog maar net aan de gang of hij had al een klemmend beroep gedaan op de journalisten: of ze hem alsjeblieft niet met Pep Guardiola willen vergelijken. Over een paar jaar mag die vergelijking pas legitiem zijn. Het zou betekenen dat hij evenveel heeft gewonnen als zijn goede vriend, die de Spaanse voetbaldraaimolen tot kunst heeft verheven.

Hij kan onverstoorbaar zijn. 'Sommigen hebben het vermogen te luisteren en kritiek te accepteren. Ik behoor niet tot die mensen', zei Luis Enrique eens. Die eigenschap komt goed van pas, nu Barcelona na de nederlagen tegen Real Madrid en Celta de Vigo van 1 naar 4 is gezakt in de competitie. Zo laag stond de club sinds het seizoen 2003/2004, met Frank Rijkaard aan de teugels, niet meer in dit stadium van de competitie.

Luis Enrique kent geen twijfels, zo lijkt het. Bij AS Roma durfde hij het aan clubicoon Francesco Totti op de bank te zetten. Ze zouden hun irritaties naar elkaar uitspreken, al viel het seizoen voor de trainer niet meer te lijmen. De eerste horde in de Europa League tegen Slovan Bratislava was al een brug te ver gebleken voor Roma en in de competitie kwam de ploeg niet verder dan de zevende plaats, ondanks aankopen als Pjanic, Lamela, Stekelenburg en Osvaldo.

Het was een kras op het blazoen van de trainer die het tweede elftal van Barcelona zo aantrekkelijk had laten voetballen. Luis Enrique stapte, medio 2012, na een seizoen in Italië op. Hij verlangde naar rust, laste een sabbatical in. Een jaar later keerde hij met een fris gemoed terug. Onder hem kwam Celta de Vigo aanmerkelijk beter voor de dag dan het een seizoen eerder had gedaan.

Hij moet toen al hebben geweten dat Barcelona hem eens zou vragen voor het hoofdtrainerschap. Vorig jaar zomer gold hij al als kandidaat, maar Celta had hem reeds vastgelegd. Barcelona koos voor de Argentijn Gerardo 'Tata' Martino. Een sportief mager jaar was het gevolg. De club was zichzelf niet en Messi evenmin.

Zijn opvolger lag voor de hand. Luis Enrique kent de club, de belangen. Hij laat jeugdspelers als Munir en Sergi Samper doorstromen, jongens die hij heeft gekneed in het tweede elftal. Ze weten wat hij verwacht. 'Ander voetbal dan aanvallend voetbal bestaat voor mij niet', zei hij ooit. Hij probeerde AS Roma ook zover te krijgen, maar ondervond dat het catenaccio nog altijd in de Italiaanse cultuur zit gebakken.

Luis Enrique lacht tijdens een persconferentie voor de klassieker tegen Real Madrid op 24 oktober, 2014 Beeld Gustau Nacarino / Reuters
Luis Enrique lacht tijdens een persconferentie voor de klassieker tegen Real Madrid op 24 oktober, 2014Beeld Gustau Nacarino / Reuters

Spaanse passie

Velen kennen hem als middenvelder maar hij heeft op allerlei posities gespeeld. Bij Real Madrid arriveerde het talent van Sporting Gijón in 1991 als buitenspeler. Leo Beenhakker herinnert zich Luis Enrique nog wel, van die paar maanden dat hij de ontslagen trainer Antic opvolgde. Beenhakker was al technisch directeur in Madrid.

Trots, noemt de Nederlander hem. Temperamentvol ook. 'Een typische Spanjaard. Dat zijn jongens die een hekel hebben aan verliezen. Die hoef je niet te zeggen: wel goed je best doen, hè.'

Lucho is zijn koosnaam. Van Lucho Flores, een Mexicaan die bij Sporting Gijón speelde toen de 14-jarige Luis Enrique er in de jeugd uitkwam. Lucho betekent in het Spaans ook: ik vecht. Een mooi toeval. Boezemvriend Reiziger: 'Als je het over Spaanse passie hebt, denk ik aan Luis Enrique.'

'Een fel baasje, dat weet wat hij wil', noemt Ajax-trainer Frank de Boer hem. Ze speelden samen bij Barcelona, onder meer onder Van Gaal tijdens de 'Hollandse invasie'. Luis Enrique was reserve-aanvoerder achter Guardiola. Reiziger: 'Hij stond voor zijn elftal. Bekommerde zich ook om degenen die op de bank zaten.'

Het trainerschap is het logische gevolg geworden. Maar een herkenbare filosofie waarvoor de trainer pal staat? Misschien komt het nog. Al is niemand groter dan de filosofie van Barcelona, zegt Reiziger. 'Luis is een deel van die filosofie.'

Meer over