Tekort aan harmonie in hockeyteam

De uitputtende analyses van 'professor' Hendriks hebben de Nederlandse hockeyers tijdens het EK geen goed gedaan. Mentale training ware beter geweest....

MAURITS Hendriks houdt er niet van een 'hockeyprofessor' te worden genoemd, maar de spelers bekritiseerden de wetenschappelijke aanpak van de pas 38-jarige hockeycoach wel degelijk. Tijdens het EK in Padua bleken de uitputtende analyses geen garantie voor de Europese titel.

Te gemakkelijk zijn de spelers van de wereld- en olympisch kampioen er in Italië vanuit gegaan dat de schat aan ervaring en kwaliteit hun de Europese titel zou kunnen bezorgen. Het mentale vlak raakte daarbij onderbelicht. 'Elkaar voorafgaande aan de wedstrijd even diep in de ogen kijken', zoals Hendriks het uitdrukte, bleek niet voldoende om een hechte selectie te smeden.

Duitsland, weliswaar Europees kampioen maar tijdens de laatste Champions Trophy niet eens behorend tot de beste zes landen van de wereld, heeft een jong team waar Nederland normaliter van moet winnen. Ook Hendriks zei voor het titeltoernooi dat er geen enkele reden was waarom zijn ploeg geen Europees kampioen zou kunnen worden.

Kwalitatief was Nederland in de finale inderdaad veruit de betere ploeg, zelfs de Duitse bondscoach Paul Lissek gaf toe dat het zijn spelers aan geluk niet had ontbroken. Maar voor het beetje extra dat nodig is om finales te winnen, ontbrak in de Nederlandse ploeg de harmonie.

Hendriks beweerde dat er sinds het vertrek van succescoach Roelant Oltmans naar voetbalclub NAC enorm hard wordt gewerkt om een band tussen spelers en begeleiders te smeden, maar dat vergt tijd. Bovendien had de coach vooralsnog niet veel geluk in zijn zoektocht naar een geschikte manager, waardoor die rol tijdens het EK door videoman Tolentino werd ingevuld.

De ervaren doelman Ronald Jansen onderstreepte in Padua het belang van een fulltime teammanager, die hij het 'cement tussen coach en spelers' noemde. Hij verlangde terug naar de tijd van Aad Ouborg en opteerde dan ook voor diens terugkeer. Assistent-coach Marc Delissen beweerde dat hij daarin wel een belangrijke rol zou kunnen spelen, maar blijkbaar willen de spelers meer.

Die wens is niet verwonderlijk, want Hendriks heeft niet alleen een zeer ervaren, maar ook een zeer verwende ploeg onder zich. De spelers tonen zich niet snel tevreden. Enerzijds is dat terecht, want de ploeg kan bogen op een indrukwekkende reputatie, anderzijds dreigt het gevaar dat spelers die status misbruiken voor hun eigen belang.

Niettemin is het geen ploeg die nog veel met theorie om de oren geslagen wenst te worden. De selectie staat al op een dusdanig hoog niveau dat voor het behalen van hoofdprijzen met name de mentale begeleiding in orde moet zijn. Aan Hendriks dus de lastige taak de spelers tevreden te houden.

Vooral tijdens het EK was dat niet eenvoudig. De onthutsend zwakke tegenstanders nodigden niet uit tot grootse daden. In de halve finale werd België met maar liefst 7-1 van de mat geveegd, en dat zijn geen uitslagen die een titeltoernooi rechtvaardigen. Toch houdt de Europese Hockey Federatie stug vast aan de huidige opzet, in weerwil van de overwegend lege tribunes en de vele rustdagen. 'Ik zie geen enkele reden waarom', verklaarde voorzitter Danet stoïcijns.

Hendriks zei het dreigende gevaar van inslapen wel te onderkennen, maar greep niet op tijd in. Tegen zwakke ploegen kon Nederland het gebrek aan eenheid nog verbloemen met ruime zeges, maar tegen Engeland (3-3) en tegen Duitsland (eveneens 3-3) kwam de ploeg tekort.

Hoewel Hendriks beweerde niet wakker te liggen van de kritiek van zijn spelersgroep en de verloren EK-finale, kondigde hij wel een grondige evaluatie aan én een nieuwe manager. Want met de Olympische Spelen in het vooruitzicht weet hij dat er nog veel moet gebeuren wil Nederland straks, met echte tegenstanders, opnieuw een finale spelen.

Meer over