Reportage

Te veel witte stipjes? Einde loopbaan

Hersenschade is de grote vrees voor boksers, ook voor Nouchka Fontijn, winnares van een zilveren medaille op de Spelen van Rio. Een MRI-scan moet duidelijk maken hoe zij ervoor staat.

Nouchka Fontijn doet oordopjes in voordat zij de MRI-scanner ingaat. Hierboven een scan van haar hersens. Beeld Jiri Buller
Nouchka Fontijn doet oordopjes in voordat zij de MRI-scanner ingaat. Hierboven een scan van haar hersens.Beeld Jiri Buller

Nouchka Fontijn wandelt door de gangen van het ziekenhuis de Gelderse Vallei in Ede. De 29-jarige boksster komt voor een controle op hersenschade. 'Als er niets aan de hand is, heb ik tien jaar gebokst en kan ik nog wel vier jaar door.' En als het er slecht uitziet? 'Dan is het boek gesloten, stop ik per direct. Zeker weten.'

Spanning voelt ze niet. Fontijn, goed voor zilver op de Spelen van Rio in de klasse tot 75 kilo, heeft ook geen klachten. Na ruim honderd bokspartijen vindt ze het een goed moment voor een onderzoek.

'Het is leuk dat ik boks, maar als ik over vijf jaar alles begin te vergeten en over tien jaar niemand me meer kan verstaan... Dat is niet echt de bedoeling. Ik wil niet achteraf zeggen: had ik het maar geweten en was ik maar niet doorgegaan.'

Hersenschade komt veel voor in het boksen. Er is zelfs een naam voor: Dementia Pugilistica, een combinatie van alzheimer en de ziekte van Parkinson. De boksers krijgen moeite met praten en denken, lijden aan geheugenverlies, beginnen te beven en verliezen een deel van hun gevoel voor coördinatie en evenwicht. Ook de vorig jaar overleden Muhammad Ali had er ernstig mee te kampen.

In wachtkamer 8 op de afdeling radiologie krijgt Fontijn een flinke vragenlijst op een klembord aangereikt. Enkel haar naam en handtekening pent ze neer. Alle hokjes achter de vragen blijven blanco. 'Ik heb geen pacemaker, ik ben niet zwanger en heb ook geen rare implantaten. Dat is vrij simpel.'

Scan van de hersens van Nouchka Fontijn. Beeld Jiri Buller
Scan van de hersens van Nouchka Fontijn.Beeld Jiri Buller

Gevoel van angst

'Mevrouw Fontijn?', roept Lonneke de Bruin. Ze is radiodiagnostisch laborant en voert de MRI-scan met een collega uit. De foto's presenteren ze aan de radioloog.

Fontijn, die is afgestudeerd als fysiotherapeute, krijgt een blauwe broek aangereikt. Ze mag geen metalen voorwerpen op haar lichaam dragen, vanwege het krachtige magnetische veld in de scanner. Op sokken loopt ze de MRI-kamer binnen. Ze krijgt knalgele oordopjes aangereikt, waarna ze op de tafel gaat liggen. Een witte helm met tralies draait automatisch over haar hoofd.

De deur wordt gesloten. Fontijn blijft alleen achter. 'Lig je goed?', vraagt De Bruin via de intercom. 'Je gaat er nu in. Als er iets is, dan bel je.' Fontijn kan op een rood knopje drukken als ze claustrofobisch wordt. Op een computerscherm kijken de twee laboranten naar de foto's die de scanner produceert.

Nouchka Fontijn in de wachtkamer Beeld Jiri Buller
Nouchka Fontijn in de wachtkamerBeeld Jiri Buller

'Ik vraag even aan de radioloog of hij het genoeg vindt', zegt laborant De Bruin halverwege. Een seconde bekruipt Fontijn een gevoel van angst, vertelt ze later. Hebben ze misschien iets gezien waar ze nog een paar foto's van willen maken?

Na ruim een kwartier schuift Fontijn weer uit de scanner. 'Dat was hem', zegt de laborant. 'Ben je niet duizelig?' 'Nee, hoor', antwoordt Fontijn. Ze mag zich omkleden en direct door naar de radioloog, voor een gesprek onder vier ogen.

Dokter Maresch stelt haar meteen gerust: alles ziet er goed uit. Er zitten niet of nauwelijks witte stipjes in de overgang van de buitenste hersenen naar de binnenkant. Anders was het foute boel. Alleen rechtsonder een klein beetje, maar volgens de radioloog heeft iedereen dat.

Fontijn in de olympische finale Beeld anp
Fontijn in de olympische finaleBeeld anp

'Stop er nou mee'

Triomfantelijk duwt Fontijn de deur open en presenteert een cd-rom met daarop de foto's. 'Ik ben goedgekeurd! Ik vond het wel geinig om te zien. Je kijkt natuurlijk nooit naar je eigen hersens. Je ziet je ogen en daarboven al die hersenen.'

Haar boksloopbaan is gered, beseft ze beneden in de kantine, als ze met twee handen een kop warme chocolademelk met slagroom omklemt. Ze kan naar de Zomerspelen van Tokio, in 2020. Het advies van haar huisarts volgt ze niet. Die probeerde haar op andere gedachten te brengen.

Fontijn: 'Hij zei: 'Je hebt met zilver toch een prachtige prestatie geleverd?' Eigenlijk bedoelde hij: stop er nou mee. Als je iets op die scan zou kunnen zien, zou het al te laat zijn. Hij vergeleek me met een roker die vraagt: maak even een scan van mijn longen, want als het goed is, kan ik lekker doorgaan met roken.'

Fontijn pleit voor een tweejaarlijkse keuring bij het Nederlandse boksteam, zoals profs al kennen. Boksers moeten tegen zichzelf in bescherming worden genomen, zegt ze. 'Niet iedere bokser interesseert het hoe hij er over tien jaar aan toe is.'

Voorlopig overheerst de blijdschap. Als bokser heeft ze doelen genoeg. Ze heeft nog geen wereldtitel of olympisch goud. Hoewel er dit jaar geen grote toernooien zijn om naar uit te kijken, blijft ze volop trainen. Vrolijk somt ze ferme kaakslagen op die ze krijgt, maar ook uitdeelt aan mannelijke sparringpartners. Opeens onderbreekt ze zichzelf. 'Leuk, hè. Echt leuk. Ik ben heel blij dat ik nog vier jaar door mag. Anders zaten we nu mijn pensioen te vieren.'

Meer over