Olympische Spelen

‘Superhuman’ Kuworge had gehoopt op een medaille maar is trots op de zesde plaats

De jonge Nederlandse gewichtheffer Enzo Kuworge is bij zijn debuut op de Olympische Spelen als zesde geëindigd in de klasse boven 109 kilogram. Hij kijkt al uit naar Parijs waar de Spelen in 2024 worden gehouden.

Enzo Kofi Kuworge is de eerste Nederlandse gewichtheffer op de Spelen sinds 1968 en eindigt in Tokio als zesde.
 Beeld Klaas Jan van der Weij
Enzo Kofi Kuworge is de eerste Nederlandse gewichtheffer op de Spelen sinds 1968 en eindigt in Tokio als zesde.Beeld Klaas Jan van der Weij

Zes keer betreedt Enzo Kuworge uit Nijmegen woensdagavond het podium in een van de concertzalen van het Tokyo International Forum. Het is voor het eerst sinds 1968, toen de vorig jaar overleden Piet van der Kruk in Mexico negende werd, dat een Nederlander op de Olympische Spelen is vertegenwoordigd in het gewichtheffen.

175, 180, 180.

Daar staat hij dan toch, de zoon van een Nederlandse moeder en Ghanese vader. Imposant, ook op afstand, vanaf de tribune: 1,98 lang, 161 kilo zwaar. Hij draagt een zwart tenue en het haar in een man bun, een knotje op het achterhoofd.

Hij behoort volgens de speaker tot het slag superhumans die hier de grenzen van het mogelijke gaan opzoeken en misschien wel voorbij. Kuworge is van de zeven deelnemers in de gewichtsklasse boven de 109 kilogram de jongste: hij is 19. Junior.

Vorige maand kwalificeerde hij zich na enkele vergeefse missies en onduidelijkheid over de eisen voor de Spelen, toen hij in Tasjkent, Oezbekistan wereldkampioen in zijn leeftijdsklasse werd. Toen konden de keuzeheren ook figuurlijk niet meer om hem heen.

De 175 kilo als aanvangsgewicht kost hem ogenschijnlijk niet al te veel moeite. Haaaaj! Een schreeuw uit de krochten van het lijf, enkele puffen in en uit, en dan zwiert de halter in één beweging de hoogte in. Good lift, is het oordeel. Als er vijf kilo is toegevoegd - 180 is zijn pr - beginnen de problemen. Het duurt volgens de jury te lang om vanuit de gehurkte zit omhoog te veren. Een derde poging strandt helemaal voortijdig, hij moet de halter laten vallen. Meedogenloos: No lift.

Tegenstanders na hem trekken gewichten tot voorbij 190 kilo. Lasha Talakhadze uit Georgië, 177 kilo, olympisch kampioen, viervoudig wereldkampioen zwaait meteen maar 223 kilo omhoog. Het is een wereldrecord. Dat was al in zijn bezit. Het ziet er meteen sombertjes uit voor Kuworge. Hij staat na het eerste onderdeel laatste.

De schijnwerpers staan deze avond gericht gericht op de sport die al decennia in een kwade reuk staat. Aanwezigheid op de Spelen is niet langer vanzelfsprekend. De aanhoudende dopingschandalen duwen de sport naar de afgrond en olympische anonimiteit in. Tientallen gewichtheffers uit Rusland, China, Turkije, Kazachstan en Armenië zijn medailles kwijtgeraakt nadat ze alsnog positief testten. Er waren bizarre uitwassen, leerde een documentaire, zoals het inzetten van dubbelgangers in Moldavië die schone urinestalen inleverden en Thaise kinderen die al vanaf hun 13de stimulerende middelen kregen toegediend.

Het Internationaal Olympisch Comité begint het beu te worden. Voor deze Spelen is het aantal gewichtsklassen al teruggebracht van zeven naar vijf. Waar in Rio in 2016 nog 260 gewichtheffers mochten deelnemen, zijn dat er in Tokio nog 196. In 2024 in Parijs wordt dat aantal teruggebracht naar 120.

Schrappen zou een ingrijpende stap zijn. Vanaf de eerste moderne Spelen in 1896 staat gewichtheffen op het programma. Met een uitbreiding van het arsenaal aan controles, ook buiten de wedstrijden om, wordt getracht het tij te keren, al wordt toegegeven dat zo’n systeem niet in alle landen valt op te tuigen.

225, 233, 234.

Na een snuifje ammoniak uit een flesje achter de coulissen is Kuworge terug voor het onderdeel stoten. Hij laat de halter enkele seconden op de borst rusten en duwt dan de onder de 225 kilo aan schijven doorbuigende staaf de hoogte in. Even later is hij terug, voor 233 kilo. Hij gespt zijn ceintuur om. Maar als hij de halter van de vloer tilt, verliest hij de controle en het evenwicht. Hij tuimelt achterover op het zitvlak. No lift. Hij schrijft het later toen aan afkoeling. Het duurt te lang voordat hij weer het podium op mag.

Met één kilo erbij lukt het hem wel, al trillen de gestrekte armen van de inspanning. De jury heeft even beraad nodig, maar oordeelt dat de poging geldig is. Kuworge zwaait vanuit de deuropening naast het podium naar de tribune. De 234 is een persoonlijk record. Achter zijn naam staat nu een totaal van 409 kilo. Hij is van de laatste plek af. De Tsjech Jiri Orsag heeft in het stoten drie vergeefse beurten op zijn naam staan.

De Georgiër Talakhadze verbreekt twee keer het olympisch record en zet dan ook mondiaal nieuwe maatstaven. Nadat The Final Countdown van Europe is weggestorven, klinkt er gebrom en gezucht vanaf het podium. Hij stoot 265 en komt uit op een totaal van 488 kilo.

Kuworge zegt na afloop dat er meer in had gezeten dan een zesde plaats. Hij had zelfs stilletjes op een medaille gehoopt, nadat een Algerijn positief testte op covid en een Braziliaan op ‘iets anders’. Het ging volgens hem mis in het trekken, de vorm van de dag was er gewoon niet, hij kreeg zijn armen niet op slot. Hij is uiteindelijk ‘supertrots’ dat hij op de Spelen heeft gestaan. Hij kijkt al uit naar Parijs, drie jaar verder, dan heeft hij een schat meer aan ervaring.

Houdt hij rekening mee met het verdwijnen van de sport op het olympisch toneel? ‘Ik moet zeggen dat ik er wel aan heb gedacht in de aanloop hier naar toe. Wat me geruststelt is dat er meer andere landen meedoen voor het podium, zoals Groot-Brittannië, België en nu ik op een zesde plaats. Het zijn niet alleen meer Russen of Georgiërs. Het is aan het veranderen. Ik hoop dat het IOC dat ook ziet.’

Meer over