Tour de France

Subtoppers mogen in tijdrit van zaterdag de kruimels verdelen

Vorig jaar sloeg Tadej Pogacar toe in de tijdrit op de laatste zaterdag van de Tour. Nu heeft de Sloveen de touwtjes al vele dagen strak in handen. De tijdrit van zaterdag is er voor de klassementen van de mindere goden.

Tadej Pogacar tijdens de eerste tijdrit van de Tour. Beeld AFP
Tadej Pogacar tijdens de eerste tijdrit van de Tour.Beeld AFP

Een herhaling van vorig jaar is uitgesloten: voor de strijd om de gele trui is de tijdrit van zaterdag niet meer van belang. Waar Tadej Pogacar vorig jaar de Tour pas won in de tijdrit voor de ‘Champs Élysées-zondag’, heeft hij het geel het grootste deel van deze Tour vast om de schouders.

Bescheiden van lengte

Vanaf 1983 programmeert de Tourorganisatie vaak, maar niet altijd, een tijdrit op de zaterdag voor ‘Parijs’. Tot 2015 hadden die een lengte van 41 á 57 kilometer. De laatste jaren is dat circa 30. Vorig jaar was het sinds 1983 de vierde keer dat in die tijdrit de gele trui op de een na laatste dag van eigenaar veranderde. Het gebeurde ook eenmaal op zondag, in de beruchte afsluitende tijdrit van 1989 . Toen reed Greg Lemond van Versailles naar Parijs op een tijdritfiets, Laurent Fignon op zijn normale fiets uit het geel. Lemond won de Tour met het kleinste verschil ooit: 8 seconden.

Pogacar heeft een voorsprong van bijna zes minuten, die hij zaterdag nog wat kan uitbreiden. Hij won deze Tour immers ook de eerste tijdrit, de 27 kilometer lange vijfde etappe, en die lijkt sterk op de 30,8 kilometer tussen Libourne en Saint-Émelion waar zaterdag het eindklassement van de Ronde van Frankrijk van 2021 wordt opgemaakt. Het belangrijkste verschil tussen beide tijdritten is het nummer van de etappe. De vijfde of de twintigste, met een vrijwel complete Tour in de benen, dat rijdt toch anders tegen het horloge.

Voor de definitieve samenstelling van de top 10, minus Tadej Pogacar, is de tijdrit zaterdag des te interessanter. Jonas Vingegaard, de huidige nummer twee van het klassement, werd derde in de tijdrit vorige maand naar Laval. Het moet raar lopen wil de Deen van Jumbo-Visma zijn podiumpositie achter Pogacar verspelen.

Zenuwpees Rasmussen

Dat het raar kán lopen in de laatste tijdrit ervoer een andere Deen: Michael Rasmussen, nu dagelijks aanwezig in de perszaal van de Tour. De Raborenner zou in 2005 als tijdritspecialist eenvoudig het eindpodium halen, maar had een 55 kilometer lange zenuwinzinking. Rasmussen viel twee keer, wisselde vier keer van fiets, werd 77ste en reed een dag later als zevende in het algemeen klassement Parijs binnen.

Vingegaard overkwam iets vergelijkbaars in de laatste etappe van de Ronde van Polen van 2019, toen hij overmand door stress van de eerste naar de 26ste plaats kelderde in het eindklassement. Een herhaling ligt niet voor de hand, want in drie weken Tour sloeg de Deen meerdere ontwikkelingsjaren over.

Wilco Kelderman zag de eerste tijdrit mislukken als gevolg van een pijnlijke elleboog na een val. Beeld BELGA
Wilco Kelderman zag de eerste tijdrit mislukken als gevolg van een pijnlijke elleboog na een val.Beeld BELGA

Wilco Kelderman, de beste Nederlander deze Tour met een vijfde plaats, is normaal gesproken een tijdritspecialist, maar kon dat in de eerste tijdrit door een pijnlijke elleboog niet laten zien. Op papier is hij een betere tijdrijder dan drie van de vijf mannen boven hem, maar niet zóveel beter dat hij de 3 minuten achterstand op nummer drie, Richard Carapaz kan goedmaken en dus in Parijs het podium kan beklimmen.

Een tijdrit is vaak een strijd tussen de klassementsrenners en de uitgesproken tijdritspecialisten zonder klassementsambities. Twee Zwitsers hebben al hun geld gezet op het winnen van de tijdrit: Stefan Küng en Stefan Bissegger. Beide specialisten vestigden de aandacht op zich in eerste tijdrit. Küng omdat hij werd verslagen door Pogacar. Bissegger omdat hij reed met een aerodynamisch bedoelde helm die, mede door de roze ploegkleur, nogal leek op het uiteinde van een mannelijk geslachtsdeel.

Meer over